Tag: laetitia griffith

  • Verenigingsnieuws januari 2025

    Verenigingsnieuws januari 2025

    Ard van der Steur en Trees van den Broeck overhandigden de penning op 29 januari 2025 aan oud-voorzitter Laetitia Griffith.

    Erepenning voor Laetitia Griffith

    Oud-voorzitter Laetitia Griffith van de Nederlandse Veiligheidsbranche kreeg onlangs uit handen van de huidige voorzitter de erepenning van de vereniging voor haar bijzondere verdiensten als belangenbehartiger. Griffith was van 2011 tot 2019 acht jaar lang voorzitter van de bedrijfstakvereniging.

    Cao-tekst nalezen?

    Leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche die de letterlijke tekst van de vernieuwde cao willen nalezen, kunnen dat doen op de website van het SFPB Cao – Beveiligingsbranche. Daar is ook een toelichting te vinden op de wijzigingen in de cao.

    Tekst evenementen- en horeca-cao volgt

    Per 1 januari zijn de loonschalen in de cao voor de  Evenementen- en Horecabeveiligingsbranche gewijzigd. Omdat de cao herschreven wordt in duidelijker taal duurt het nog even voor de tekst te raadplegen is. De nieuwe loontabel is wel op zeer korte termijn te bekijken. De cao EHB mag alleen door leden van de sectie EHB van de Nederlandse Veiligheidsbranche worden toegepast.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche publiceert halfjaarbericht

    Nederlandse Veiligheidsbranche publiceert halfjaarbericht

    Nederlandse Veiligheidsbranche publiceert halfjaarbericht

    Gorinchem, 30 oktober 2019 – Wat deed de Nederlandse Veiligheidsbranche in het eerste halfjaar van 2019? Een overzicht van enkele van onze belangrijkste acties en standpunten is te vinden in ons halfjaarbericht. U leest hierin onder andere over onze inzet op het gebied van vakopleidingen, arbeidswetgeving en pensioenen. De economische positie van de branche komt ook aan bod. Daarnaast een terugblik op de introductie van onze nieuwe voorzitter Ard van der Steur, die begin april Laetitia Griffith opvolgde.

  • Laetitia Griffith neemt afscheid van de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Laetitia Griffith neemt afscheid van de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Laetitia Griffith neemt afscheid van de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Gorinchem, 29 maart 2019 – Verdere professionalisering van de branche, een goede positionering van het keurmerk en optimale samenwerking met overheidsinstanties. Dat zijn drie grote thema’s die Laetitia Griffith hebben beziggehouden bij de Nederlandse Veiligheidsbranche. Begin april neemt ze – na acht jaar – afscheid als voorzitter en wordt ze opgevolgd door Ard van der Steur. Hoe kijkt ze terug?

    Laetitia Griffith

    Wat was de dominante trend in de afgelopen acht jaar?
    Griffith: “Professionalisering is een dominante trend in alle sectoren die wij vertegenwoordigen, dus bij particuliere beveiligingsbedrijven, maar ook op het gebied van evenementenbeveiliging, bij het geld- en waardentransport en bij particuliere onderzoeksbureaus. Dat was ook nodig, want de markt en onze sparring partners bij de overheid vragen het. De toenemende terreurdreiging speelt daarbij zeker een rol.
    Professionalisering vereist nieuwe en andere vaardigheden. Voor bedrijven op het gebied van evenementenbeveiliging was het belangrijk nog beter te gaan samenwerken met de politie, maar zich ook te verdiepen in crowd management: hoe bewegen mensenmassa’s zich, hoe kun je die bewegingen beïnvloeden, hoe reageer je het beste op incidenten? Particuliere onderzoeksbureaus ondervinden vooral de gevolgen van strengere wetgeving op het gebied van privacy. Wat mag wel, wat mag niet, hoe ga je om met persoonsgegevens? Kun je werknemers heimelijk met een camera registreren? Allemaal terechte vragen, waar bedrijven het antwoord op moeten weten.
    Ook wordt meer ondersteuning van onze bedrijven gevraagd bij het voorkomen en helpen oplossen van strafbare feiten. Om gezichts- of kentekenherkenning mogelijk te maken zullen we camera’s van betere kwaliteit moeten inzetten. En zo zijn er veel meer voorbeelden van steeds verdergaande professionalisering.”

    Tegelijk is de veiligheidsbranche een markt waar opdrachtgevers sterk letten op de prijs. Dat wringt?
    “Absoluut, dat staat haaks op elkaar. Onze medewerkers krijgen een betere opleiding, worden deskundiger en breder inzetbaar. Daarin moeten bedrijven investeren en dat geld moet terugverdiend worden. We hebben de laatste jaren veel gedaan om dat probleem te tackelen. Er is een onafhankelijke commissie die – onder andere voor onze branche – toezicht houdt op verantwoordelijk marktgedrag. Opdrachtgevers wordt gevraagd de bijbehorende code te onderschrijven. Als een bedrijf vindt dat een aanbesteding teveel gericht is op de laagste prijs, dan kan het bij die commissie terecht. Het zal nog enige tijd duren voordat we kunnen zien of deze vorm van toezicht vruchten afwerpt.
    Intussen zijn meer mogelijkheden om te investeren in kwaliteitsverbetering ook een belangrijke pijler onder onze nieuwe cao. Investeren in kwaliteit en in mensen is niet lang vol te houden als iedereen alleen maar oog heeft voor de laagste prijs. Zelfs bedrijven die een financiële buffer hebben, moeten dan op een zeker moment afhaken.”

    Is het imago van de beveiligingsbranche de afgelopen jaren verbeterd?
    “Zeker. Je merkt ook op straat dat het respect voor mensen in beveiligingsfuncties is toegenomen. Men realiseert zich steeds beter: je zal maar bij een evenement staan en moeten dealen met een bezoeker die stijf staat van de drank of van de coke. Je zal het maar moeten doen.
    In de praktijk zijn ook grote stappen gezet in de samenwerking tussen onze branche en bijvoorbeeld de politie. Ga eens naar een politiebureau, dan zie je aan de balie vaak beveiligers van een particulier bedrijf. Dat is toch publiek-private samenwerking in optima forma? Desondanks zijn er altijd partijen, ik denk bijvoorbeeld aan de SP in de Tweede Kamer, die liever vasthouden aan oude beelden en die graag blijven roepen dat wij cowboys zijn. Die blijven het liefst in de oude groef hangen en hebben daar misschien ook wel een belang bij. Gelukkig zijn dat de uitersten; zij zullen op zeker moment ook wel ontdekken dat de praktijk heel anders is.”

    Heeft het Keurmerk Beveiliging bijgedragen aan een beter imago?
    “Daarvan ben ik overtuigd. Ik heb me hard gemaakt voor een duidelijke positionering van dat keurmerk via onder meer radiocampagnes. En eerlijk is eerlijk, daarvoor heb ik soms de blaren op mijn tong moeten praten binnen het bestuur. Dat was ook wel te begrijpen, want de branche heeft hierin gezamenlijk moeten investeren. We hebben ook veel missiewerk gedaan bij gemeenten, ministeries en andere opdrachtgevers: als je een bedrijf voor beveiliging wilt inhuren, vraag dan of het beschikt over het keurmerk. Zo kun je het kaf van het koren scheiden en hoef je niet achteraf te mopperen dat de dienstverlening is tegengevallen.”

    U heeft veel gehamerd op goede samenwerking met de politie; hoe is de stand van zaken?
    “Het gaat steeds beter in de praktijk, maar soms denk ik dat het nog beter kan. De politie mag ons beschouwen als extra ogen en oren. Ik zou zeggen: we rijden dagelijks met veel mensen rond, dus gebruik ons. De politie mag ook eisen stellen aan beveiligingsbedrijven: is er een keurmerk, zijn de mensen voldoende gescreend? Allemaal uitstekend uiteraard, maar dan moet de samenwerking wel van twee kanten komen. Dus als een beveiliger aan zijn dienst begint op een bedrijventerrein, is het wel goed om te weten of daar in de voorafgaande uren incidenten, zoals inbraken, hebben plaatsgevonden. Zulke informatie moet de politie met onze bedrijven willen delen. Gelukkig lopen er pilots met dit soort informatie-uitwisseling.”

    Lopen binnen de veiligheidsbranche de belangen van de bedrijven parallel?
    “Meestal wel, maar uiteraard niet altijd. Dat moeten we steeds onderkennen en daar moeten we goed mee omgaan. Besluitvorming binnen de vereniging moet gebaseerd zijn op argumenten en daarbij moeten we ook voortdurend het belang van de kleinere bedrijven op het netvlies hebben.
    Ik heb sinds mijn aantreden geprobeerd oog te hebben voor het midden- en kleinbedrijf. Zoals bij veel verenigingen, bestond ook bij de Nederlandse Veiligheidsbranche wel eens het beeld dat vooral de grotere spelers het voor het zeggen hebben. Voor een deel is dat logisch, want grotere bedrijven hebben vaak meer armslag om tijd en mensen beschikbaar te stellen voor de vereniging. Ik heb dat beeld kunnen doorbreken. Enkele zetels in het bestuur zijn gereserveerd voor kleine en middelgrote bedrijven en als we mensen zoeken voor bijvoorbeeld een commissie of op een andere manier inhoudelijke ondersteuning nodig hebben, dan vragen we het ook altijd aan alle leden. En als het moet, bij herhaling.

    Wat is de grootste uitdaging  voor uw opvolger?
    “Haha, het is niet mijn gewoonte een opvolger publiekelijk advies te geven, maar gelukkig heeft Ard van der Steur al gezegd waarop hij zich wil focussen. Hij wil nog meer tijd en energie steken in het onderwijs, in de opleiding van beveiligers. Dat lijkt mij zeer terecht. De verwachtingen ten aanzien van beveiligers zijn anders dan tien jaar geleden. Er wordt steeds meer gevraagd van onze mensen. Ze moeten zich bewust zijn van hun kwetsbare positie, al was het maar via hun gedrag op sociale media. Daarnaast willen opdrachtgevers steeds vaker beveiligers die multi-inzetbaar zijn. Sommigen worden ook wel gastheer of gastvrouw genoemd; ze doen niet alleen de toegangscontrole, maar zijn tegelijkertijd het gezicht van de organisatie. Dat vraagt andere vaardigheden en daar moet de opleiding nog beter op inspelen.
    Een ander punt is tekort aan personeel. Soms hebben bedrijven gewoon de mensen niet om de opdrachten die er zijn, te kunnen uitvoeren. Een vraag voor de komende jaren is: wat kunnen wij doen om werken in onze branche nog aantrekkelijker te maken voor jonge mensen? Ze moeten het vak kiezen omdat ze het interessant vinden en niet vanwege gebrek aan andere opties. Het is een vak om trots op te zijn. Mijn respect voor beveiligers is de afgelopen acht jaar alleen maar toegenomen.”

  • Voorzitterswisseling de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Voorzitterswisseling de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Voorzitterswisseling de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Den Haag, 20 februari 2019 – Laetitia Griffith neemt afscheid als voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Ard van der Steur, oud-minister van Veiligheid en Justitie, wordt voorgedragen als haar opvolger. De benoeming vindt plaats door de algemene ledenvergadering op 4 april.

    Laetitia Griffith
    Ard van der Steur

    Mr. Laetitia Griffith (1965) werd acht jaar geleden voor het eerst benoemd als voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Ze werd drie keer herbenoemd. 

    Het bestuur van de Nederlandse Veiligheidsbranche zegt Griffith zeer dankbaar te zijn voor haar inzet om van de branche een gerespecteerde gesprekspartner voor de overheid en het georganiseerde bedrijfsleven te maken.
    ‘Zij heeft gedurende haar voorzitterschap terecht een sterk accent gelegd op de professionaliteit en integriteit van beveiligers en de kwaliteit van de dienstverlening. Ook het Keurmerk Beveiliging als kwaliteitsoordeel is een van haar belangrijke speerpunten geweest. Bovendien heeft ze in tijden van economische crisis en grote veranderingen op het terrein van veiligheid (minder politie, meer terroristische dreiging) particuliere beveiliging en particulier onderzoek goed op de kaart gezet en daarbij ook veel aandacht gegeven aan de positie van kleine en middelgrote bedrijven. Ook heeft ze zich met passie ingezet voor publiek-private samenwerking tussen de partners in de veiligheidsketen en wederzijdse informatie-uitwisseling om Nederland veiliger te maken. Wij zijn haar dankbaar dat zij de afgelopen jaren de positie van de veiligheidsbranche heeft versterkt.’

    Het bestuur van de Nederlandse Veiligheidsbranche vindt het jammer afscheid te moeten nemen van de huidige voorzitter, maar kijkt ook uit naar de samenwerking met haar opvolger Ard van der Steur, die ook ruime ervaring heeft in het veiligheidsdomein. ‘Hij is de juiste voorman om de positie van de branche verder te versterken en haar betekenis voor de samenleving een nog scherper accent te geven.’

    Ard van der Steur is zeer gemotiveerd om het Meerjarenbeleidsplan ‘Kwaliteit in Veiligheid’ (2018-2021) van de Nederlandse Veiligheidsbranche verder te realiseren. Net als onder zijn voorgangster blijft de branche, volgens Van der Steur, een professionele, betrouwbare en vanzelfsprekende partner voor overheid en particuliere sector als het gaat om beveiligingsvragen en veiligheidsbeleid.

    Een van zijn aandachtspunten zal zijn het verder moderniseren van de opleiding van beveiligers. Dat is nodig omdat aan beveiligingsbedrijven nieuwe eisen worden gesteld, bijvoorbeeld als het gaat om integratie van de dienstverlening met techniek, maar ook op het gebied van hospitality. Belangrijk is volgens Van der Steur ook dat de branche aantrekkelijker wordt voor jongeren. “Binnen de branche maar ook daarbuiten krijg je als deskundige beveiligingsprofessional veel kansen op interessante vervolgstappen” aldus Van der Steur.

    Ard van der Steur (1969) werkte na zijn studie lange tijd als advocaat. Van 2010 tot 2015 was hij lid van de Tweede Kamer en onder andere woordvoerder voor veiligheid en justitie. Van 2015 tot 2017 was Van der Steur minister van Veiligheid en Justitie. Na zijn aftreden ging hij onder andere aan de slag als directeur van een advocatenkantoor. Daarnaast vervult hij verschillende maatschappelijke functies.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche behartigt de belangen van bedrijven die zich bezighouden met beveiliging en beheersing van risico’s met betrekking tot personen, objecten en bedrijfsvoering. Van alle beveiligingsmedewerkers in Nederland werkt 90 procent bij een bedrijf dat is aangesloten bij de Nederlandse Veiligheidsbranche.

  • Veiligheidsbranche en werkgevers roepen Rijk op te stoppen met inbesteden beveiliging

    Veiligheidsbranche en werkgevers roepen Rijk op te stoppen met inbesteden beveiliging

    Veiligheidsbranche en werkgevers roepen Rijk op te stoppen met inbesteden beveiliging

    Gorinchem, 29 mei 2018 – Inbesteden van beveiliging door het Rijk moet stoppen en zo snel mogelijk worden teruggedraaid. Daartoe riep voorzitter Laetitia Griffith van de Nederlandse Veiligheidsbranche op tijdens de aanbieding van het rapport ‘Inbesteden van beveiliging: zegen of vloek?’ aan de Vaste Kamercommissies van BZK en EZK. Uit het rapport van SEO Economisch Onderzoek blijkt dat inbesteden leidt tot verdringing van banen en oneerlijke concurrentie.

    Ondanks het streven van verschillende kabinetten om te komen tot een compactere overheid besloot het kabinet Rutte II in 2013 om beveiliging niet uit, maar in te besteden. Hoewel dit politieke besluit de beveiligingssector aanvankelijk voor forse uitdagingen stelde, ging de sector constructief aan tafel met het ministerie van BZK – dat de uitvoering van het nieuwe beleid coördineerde. Dit in het belang van de veiligheid in Nederland en om ervoor te zorgen dat beveiligingsbedrijven niet direct hun contracten zouden kwijtraken. Voorzitter Laetitia Griffith: “In goed overleg met het ministerie hebben we bekeken hoe we het beste van de situatie konden maken. Gelukkig konden we komen tot werkbare afspraken.” De Rijksbeveiligingsorganisatie verviervoudigde echter in korte tijd: het personeelsbestand groeide van zo’n 100 fte naar 400 fte.

    Inbesteding ongewenst

    Hoewel de veiligheidsbranche en het Rijk tot een goede werkwijze kwamen rond de uitvoering van het nieuwe inbestedingsbeleid, was de Nederlandse Veiligheidsbranche van meet af aan duidelijk over inbesteden: geen goede zaak. Om de gevolgen van inbesteding in kaart te brengen is SEO Economisch Onderzoek ingeschakeld. Uit het onderzoek blijkt dat er geen economische en maatschappelijke redenen zijn voor de overheid om als aanbieder van beveiligingsdiensten op de markt op te treden. De overheid dient in deze rol geen publiek belang. Daarnaast gaat inbesteden gepaard met verdringing van werkgelegenheid bij particuliere beveiligingsbedrijven. De overheid ondervindt bij inbesteden als enige aanbieder geen concurrentiedruk, wat op lange termijn leidt tot inefficiëntie, lagere kwaliteit en hogere kosten van beveiliging. Inbesteden leidt voorts tot een terugval in de vraag naar beveiligingsdiensten van particuliere bedrijven, een lagere prijs voor beveiligingsdiensten en/of lagere marges voor beveiligingsbedrijven. De Nederlandse Veiligheidsbranche concludeert dan ook – samen met VNO-NCW/MKB-Nederland – dat inbesteding van beveiliging door de overheid maatschappelijk ongewenst is. Daarom voert de Nederlandse Veiligheidsbranche hiertegen samen met de werkgeversorganisaties een intensieve lobby om dit fenomeen terug te dringen.

    Lobby

    De Nederlandse Veiligheidsbranche steunt de lobby die VNO-NCW en MKB-Nederland onlangs startten om een breedgedragen motie van de Tweede Kamer ingevoerd te krijgen. Deze motie verplicht overheden om een voornemen tot inbesteden te melden bij een openbaar inbestedingsregister. Zo kan de overheid al in een vroeg stadium in gesprek gaan met marktaanbieders. Het regeerakkoord van Rutte III biedt volgens Griffith genoeg aanknopingspunten om inbesteden van beveiliging opnieuw tegen het licht te houden. Een publieke belangenanalyse en bedrijfseconomische en maatschappelijke overwegingen moeten hierbij volgens haar leidend zijn.

  • Beveiliger 2.0 en recherchewerk 3.0 motor achter samenwerking tussen politie en beveiligingsbranche

    Beveiliger 2.0 en recherchewerk 3.0 motor achter samenwerking tussen politie en beveiligingsbranche

    Beveiliger 2.0 en recherchewerk 3.0 motor achter samenwerking tussen politie en beveiligingsbranche

    Gorinchem, 10 januari 2018 – “Wij moeten, willen én kunnen het samen doen.” Dat is de gezamenlijke wens van Laetitia Griffith en korpschef Erik Akerboom. “Dit is een onomkeerbare en veelbelovende ontwikkeling die voor ons allen heel relevant is. Niet alleen voor de politie, maar voor alle veiligheidsprofessionals.” Korpschef Erik Akerboom spreekt donderdag 11 januari tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van de Nederlandse Veiligheidsbranche in Wassenaar.

    Laetitia Griffith – voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche – en Erik Akerboom – korpschef van de Politie en als gast aanwezig – spreken beiden hun nieuwjaarsboodschappen uit. Zij stellen dat beveiligers en politie samen moeten blijven optrekken voor meer veiligheid in Nederland. Griffith spreekt van de beveiliger 2.0; die maakt vandaag de dag maximaal gebruik van big data die vanuit tal van digitale bronnen binnenkomt. Akerboom benadrukt in zijn toespraak het ‘recherchewerk 3.0’, dat zich kenmerkt door digitaal onderzoek en de betrokkenheid van tal van mensen en groeperingen bij de opsporing. Ook onderstreept hij het belang van vernieuwende manieren van samenwerking. Vooral bij grote evenementen komt dit goed uit de verf en trekken gemeenten, organisatoren van evenementen en beveiligingsbedrijven intensief en integraal met elkaar op. Akerboom: “Niet samenwerken en niet leveren leidt tot onbegrip en tot kritiek.”

  • Banken zetten beveiligers in bij geldautomaten

    Banken zetten beveiligers in bij geldautomaten

    Banken zetten beveiligers in bij geldautomaten

    Gorinchem, 3 mei 2017 – In de strijd tegen plofkraken bij geldautomaten, zet de Rabobank de komende tijd extra beveiligers in. Dat meldde het Algemeen Dagblad vanmorgen. Tijdens de nachtelijke uren worden geldautomaten in de buurt van woningen indien nodig extra door beveiligers bewaakt. Als Nederlandse Veiligheidsbranche staan we positief tegenover deze maatregel.

    De bank ziet het aantal plofkraken bij geldautomaten de laatste tijd toenemen, zo is te lezen in een bericht van de bank zelf. Daarbij worden soms zware explosieven gebruikt, die flinke schade kunnen aanrichten. Wanneer het gaat om geldautomaten bij appartementencomplexen, kan dit explosief gevaar opleveren voor omwonenden. Juist bij deze automaten zet de Rabobank de komende tijd extra in op beveiliging.

    De inzet van beveiligers vormt daarbij overigens het sluitstuk van het beleid. Eerst onderzoekt de bank in hoeverre de constructie van het pand bestand is tegen explosieven. Vervolgens wordt gezocht naar technische oplossingen om de veiligheid te verbeteren en plofkraken te voorkomen. Ook kan de bank besluiten om de geldautomaat helemaal te verwijderen. Pas wanneer andere oplossingen niet haalbaar zijn of de veiligheid onvoldoende garanderen, zet de bank als extra maatregel beveiligers in.

    Laetitia Griffith: “Het is een goede zaak dat de bank stappen neemt met het oog op de veiligheid van omwonenden. Het beveiligen van objecten, waaronder  ook gebouwen en de bijbehorende geldautomaten is een van de kerntaken van beveiligers. Beveiligingsbedrijven beschikken over jarenlange ervaring en vakkennis op dit gebied en kunnen bedrijven professioneel en deskundig adviseren over welke veiligheidsmaatregelen het beste genomen kunnen worden.”

    Volgens Griffith moet er ook oog zijn voor de veiligheid van beveiligers zelf. Om die reden vindt zij het van belang dat politie, banken en beveiligingsbedrijven heldere samenwerkingsafspraken maken. Beveiligers hebben vooral een functie in het vroegtijdig signaleren van verdachte of afwijkende gedragingen van personen of situaties. Heldere afspraken met de politie over de meldingsprocedure en vervolgstappen zijn daarom noodzakelijk. Door samen op te trekken en de extra oren en ogen voor de politie en voor de bank te zijn, kunnen wij de strijd tegen criminaliteit aan.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche kent eerste vernieuwde keurmerken toe

    Nederlandse Veiligheidsbranche kent eerste vernieuwde keurmerken toe

    Nederlandse Veiligheidsbranche kent eerste vernieuwde keurmerken toe

    Den Haag, 27 januari 2017 – Alert Security uit Sliedrecht en JenS Security uit Emmen zijn de eerste beveiligingsorganisaties die het certificaat hebben behaald van het vernieuwde keurmerk van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Voorzitter Laetitia Griffith: “Dit moment markeert een nieuwe fase in de tienjarige geschiedenis van ons keurmerk, een fase waarin het keurmerk van grotere betekenis wordt voor onze opdrachtgevers èn voor keurmerkbedrijven.”

    Alert Security en JenS Security ontvingen hun certificaten op de Algemene Ledenvergadering uit handen van Laetitia Griffith.

    Impuls aan uitvoering van de dienstverlening

    Sinds januari 2017 worden de keurmerken Beveiliging, Evenementenbeveiliging, Geld- en Waardetransport en Horecabeveiliging vernieuwd. Minze Beuving, voorzitter van de Adviesraad Kwaliteitsbevordering, legt uit dat alle betrokken stakeholders bij de branche (verenigd in de Adviesraad) hard hebben gewerkt aan de verbetering van het keurmerk. “We hebben de aantrekkingskracht voor beveiligingsbedrijven vergroot door versimpeling van het systeem en schrappen van administratieve lasten. Er komen flink minder kantoor- en meer locatie-audits. Nu bekijken we dus ook of een keurmerkbedrijf daadwerkelijk een goede dienstverlening neerzet en of hij bijvoorbeeld de wensen van de klant aanvoelt. Als hier verbeterpunten uitkomen is dat winst voor de keurmerkhouder. Het nieuwe keurmerk geeft dus een flinke impuls aan de uitvoering van de dienstverlening. En dat is wat de opdrachtgever wil.”

    Tien jaar keurmerk

    Terugkijkend op de afgelopen tien jaar is Griffith verheugd dat het vertrouwen in de branche dankzij het keurmerk sterk is toegenomen. “We hebben daar samen met onze leden hard voor gewerkt en flink in geïnvesteerd. Ruim tweehonderd keurmerkhouders en brede bekendheid onder opdrachtgevers is een mooi resultaat. Maar we leunen uiteraard niet achterover. Met deze vernieuwingen blijven we vooroplopen.”

    Zomer 2018: alle keurmerken vernieuwd

    In de loop van 2017 en 2018 gaan alle bestaande keurmerkhouders over naar het nieuwe keurmerk. Alert Security en JenS Security zijn hierin toonzettend. Edwin van Heijst, Manager Quality and Control bij Alert Security: “We hebben ons best gedaan ons zo snel mogelijk voor het vernieuwde keurmerk te certificeren, we zijn er trots op dat dit is gelukt!” Marcel Ebelties, Manager Bedrijfsvoering bij JenS Security: “We zijn graag voorloper, zeker op het gebied van kwaliteit. We merken dat onze opdrachtgevers ook veel waarde hechten aan dit keurmerk. Bij JenS Security gaan kwaliteit en veiligheid voor alles.”

  • Samenwerking Sensing voor veiliger Nederland

    Samenwerking Sensing voor veiliger Nederland

    Samenwerking Sensing voor veiliger Nederland

    Den Haag, 10 november 2016 – Het Ministerie van Veiligheid en Justitie, de politie en de veiligheidsbranche gaan intensiever samenwerken in het gebruik van camerabeelden en data uit andere sensoren. Deze samenwerking tussen publieke en private partijen op het gebied van sensing vergroot de gezamenlijke slagvaardigheid op het gebied van veiligheid. Dat staat in een verklaring die de minister van Veiligheid en Justitie, de korpschef van de politie en voorzitters van de Nederlandse Veiligheidsbranche en VEBON-NOVB vandaag ondertekenden tijdens het congres over sensing.

    Sensing is het waarnemen of verzamelen van informatie met betrekking tot een object of persoon met een technisch hulpmiddel, de sensor. Behalve de politie maakt ook de private sector veel gebruik van informatie uit sensoren: meer dan 90% van de beschikbare informatie is afkomstig van camera’s en andere sensoren die beheerd worden door beveiligingsbedrijven en andere private partijen. Politie en beveiligers komen elkaar in hun dagelijkse werk tegen in het gebruik van sensing en kunnen door hun gezamenlijke inspanning Nederland veiliger maken. Zo kan door realtime uitwisseling van informatie binnen de veiligheidsketen de kans om op heterdaad te betrappen worden vergroot.Intentieverklaring

    Het aantal sensoren neemt naar verwachting toe van vijf naar vijftig miljard in vijf jaar. De sensoren worden goedkoper, breder toepasbaar, vaker gebruikt en kunnen ook steeds meer in netwerken functioneren. Partijen realiseren zich dat aan samenwerking op het gebied van sensing organisatorische, juridische en ethische voorwaarden zijn verbonden. Deze onderwerpen stonden ook op het programma van het congres sensing dat betrokken partners vandaag organiseerden. Tijdens het congres spraken zij af om de publiek-private samenwerking op het gebied van sensing verder vorm te geven. Op deze wijze geven het Ministerie van Veiligheid en Justitie, de politie en de beveiligingssector uiting aan hun ambitie om Nederland gezamenlijk veiliger te maken.

    Quotes

    Ard van der Steur, minister van Veiligheid en Justitie – “Goede samenwerking op het gebied van sensing maakt direct ingrijpen bij criminele handelingen mogelijk, dat is belangrijk. Daarbij moeten we telkens opnieuw de afweging maken of er sprake is van een goede balans tussen de roep om meer veiligheid en het recht op privacy.

    Erik Akerboom, korpschef van de politie – “Met het gebruik van sensoren wordt de heterdaadaanpak van de politie effectiever en efficiënter, waarbij samenwerking met andere partners in de veiligheidsketen alsook private partijen essentieel is.

    Laetitia Griffith, Voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche – “De sleutel tot een succesvolle samenwerking is vertrouwen en respect voor elkaars expertise. Beveiligingsbedrijven spelen een cruciale rol in het valideren van signalen, het filteren van data en het doorspelen van nuttige informatie.”

    Boele Staal, Algemeen voorzitter van VEBON-NOVB – “Als technischners en een veiliger Nederland.