Tag: grapperhaus

  • ‘Noodmaatregel voor ESO-stagiairs noodzakelijk om evenementen mogelijk te maken’

    ‘Noodmaatregel voor ESO-stagiairs noodzakelijk om evenementen mogelijk te maken’

    ‘Noodmaatregel voor ESO-stagiairs noodzakelijk om evenementen mogelijk te maken’

    Gorinchem, 13 april 2021 – De Nederlandse Veiligheidsbranche vraagt minister Grapperhaus akkoord te gaan met een ‘noodmaatregel’ die mogelijk kan voorkomen dat een tekort aan beveiligers het opnieuw opstarten van evenementen zal blokkeren. Het voorstel is om stagiairs die een opleiding volgen voor Event Security Officer (ESO) al tijdens de theoriefase – onder goede begeleiding en bij ESO-erkende bedrijven – in te zetten als leerling-beveiliger. Daardoor kunnen op korte termijn meer evenementen-beveiligers beschikbaar komen “waarbij de veiligheid van evenementen en de kwaliteit van de beveiligingsdienstverlening voorop blijft staat”, zegt Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche.

    Bij de MBO-2-opleiding tot beveiliger is het gebruikelijk dat studenten tijdens het tweede jaar ook als leerling aan de slag gaan zonder dat zij examen hebben gedaan voor hun theorie. Bij de ESO-opleiding gebeurt dat pas na examinering en afronding van twee theorie-onderdelen. Gedacht wordt om  van 1 mei tot en met 31 december 2021 van deze lijn af te wijken en leerlingen onder voorwaarden eerder met hun betaalde stage te laten beginnen.

    Volgens Ard van der Steur is dat ook hard nodig. Hij heeft minister Grapperhaus het afgelopen jaar vaak gewezen op de problemen in de evenementen- en horecabeveiliging. “We willen met zijn allen voorkomen dat, als evenementen weer mogelijk zijn en horeca weer open kan, de veiligheid en handhaving van de openbare orde in de weg zullen staan doordat er te weinig mensen kunnen worden ingezet. Juist dit dreigt u toch te gaan gebeuren”, aldus Van der Steur. De betrokken beveiligingsbedrijven hebben het afgelopen jaar veel beveiligers zien vertrekken naar andere sectoren. ”Ieder bedrijf is volop in voorbereiding van de opstart, met opdrachten en projecten binnenhalen en beveiligers werven. Al vóór Corona hadden we een krappe arbeidsmarkt, dat is nu niet anders. En dat maakt een opstart na de Coronacrisis dus lastig”, aldus Van der Steur.

    “Naarmate de samenleving meer opent, zoals ook de detailhandel, hoger onderwijs en dergelijke, zullen er steeds minder beveiligers ‘op de bank zitten’, die eventueel ingezet zouden kunnen worden bij evenementen- en horecabeveiliging”, zegt Van der Steur. “Mensen die op zoek zijn naar een nieuwe (bij)baan zullen eerder opgaan voor een baan waar je meteen salaris verdient, in plaats van die van evenementen-beveiliger, waarvoor je eerst een opleiding moet hebben gevolgd en een diploma moet hebben behaald.”

  • Oproep aan Tweede Kamer: Breng alle beveiligers onder de werking van het wetsvoorstel taakstrafverbod

    Oproep aan Tweede Kamer: Breng alle beveiligers onder de werking van het wetsvoorstel taakstrafverbod

    Oproep aan Tweede Kamer: Breng alle beveiligers onder de werking van het wetsvoorstel taakstrafverbod

    Verdienen beveiligers – net als politiemensen, brandweerlieden en ambulancepersoneel – extra bescherming tegen geweld? Wij vinden van wel! Verdienen mensen die beveiligers in elkaar slaan minimaal een gevangenisstraf? Wij vinden van wel! En dan maakt het niet uit of een beveiliger werkt in een supermarkt, op straat of op een evenement. Beveiligers werken keihard aan onze veiligheid en verdienen ons respect. Dinsdag 2 februari stemt de Tweede Kamer over het wetsvoorstel voor uitbreiding van het taakstrafverbod. Dat wetsvoorstel moet ervoor zorgen dat mensen die geweld plegen tegen professionals die een publieke taak uitoefenen niet meer kunnen wegkomen met een taakstraf. Zo wil het kabinet voorkomen dat ‘het openbaar gezag wordt aangetast’.

    Geen misverstand: wij vinden het terecht dat het kabinet mensen die geweld plegen tegen politie, brandweer, ambulancepersoneel of buitengewoon opsporingsambtenaren hard wil laten aanpakken. Dat moet echter ook gelden voor wie het heeft gemunt op beveiligers. Op àlle particuliere beveiligers.

    Het wetsvoorstel zou namelijk maar voor een deel van de beveiligers gaan gelden, namelijk alleen voor beveiligers die een ‘publieke taak’ uitoefenen. Dus niet voor beveiligers die werken voor private opdrachtgevers, zoals winkelbeveiligers. Wij vinden dat onderscheid onwerkbaar, maar ook onethisch.

    Beveiligers doen hun werk vaak onder lastige omstandigheden en hebben van de overheid de bescherming nodig die ze verdienen. Ze beschikken, anders dan de politie, niet over geweldsbevoegdheden en moeten het dus hebben van hun opleiding en training (gereguleerd in de WPBR) en ervaring om belagers af te schrikken.

    Wij pleiten voor erkenning dat alle beveiligers professionals zijn die hun taken voor een veilige samenleving uitoefenen en dus op dezelfde manier op bescherming van de rechtsstaat moeten kunnen rekenen. Dat schept helderheid voor de hele beroepsgroep. Vanuit de Nederlandse Veiligheidsbranche voeren we actief campagne om ervoor te zorgen dat beveiligers, die een cruciale rol vervullen bij het waarborgen van onze gezamenlijke veiligheid, ook deze extra bescherming krijgen. Wij steunen daarom ook het amendement dat de VVD-fractie in de Tweede Kamer heeft ingediend om geweldplegers tegen alle beveiligers niet meer weg te laten komen met een taakstraf.

    Minister Grapperhaus heeft het amendement ontraden, omdat naar zijn mening beveiligers in de uitoefening van hun taak “een stap terug kunnen doen” en de politie kunnen inschakelen. Dit in tegenstelling tot – aldus de minister – bijvoorbeeld de politie die dat niet kan en in de frontlinie staat.

    Theoretisch heeft de minister misschien gelijk, maar in de praktijk verwacht het publiek wel degelijk dat een beveiliger niet een stap terugzet als het er op aankomt. En nog belangrijker, in de meeste gevallen is er niet eens tijd om terug te treden en de politie te bellen: de klap is al uitgedeeld.

    Op dinsdag 2 februari is de stemming over het wetsvoorstel en de ingediende amendementen. Op dit moment is niet duidelijk welke politieke partijen het amendement zullen steunen. We denken dat berichten van beveiligers aan Kamerleden kunnen helpen. Graag vragen we alle beveiligers In Nederland om de woordvoerders van de vaste Kamercommissie voor Justitie en Veiligheid een bericht te sturen! Doe dit vandaag nog! We hebben een voorbeeld e-mail en de e-mailadressen bijgevoegd.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Ook voorrang voor beveiligers bij coronatesten’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Ook voorrang voor beveiligers bij coronatesten’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Ook voorrang voor beveiligers bij coronatesten’

    Gorinchem, 22 september 2020 – Net als zorg- en onderwijspersoneel moeten ook beveiligers gebruik kunnen maken van de voorrangsregeling bij de GGD’s voor het laten afnemen van een coronatest. Sneltests op het coronavirus zouden ook zo snel mogelijk – wellicht als pilot – beschikbaar moeten komen voor beveiliging en andere cruciale functies. Dit schrijft de Nederlandse Veiligheidsbranche vandaag in een brief aan de ministers De Jonge (Volksgezondheid) en Grapperhaus (Justitie en Veiligheid).

    De kans bestaat, zegt de brancheorganisatie, dat de komende weken de veiligheid op publiek en privaat terrein in gevaar komt door gebrek aan beveiligers, die het gevolg is van te weinig testcapaciteit. “Op dit moment moeten beveiligers die zich willen laten testen 4 tot 5 dagen wachten voordat ze het resultaat weten”, zegt de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Dat betekent dat ook mensen die geen COVID-19 blijken te hebben minimaal 5 dagen niet kunnen werken; immers voor beveiligers is thuiswerken geen optie.” Zo ontstaat voor werkgevers een forse kostenpost in toch al moeilijke tijden en wordt het voor planners steeds lastiger de bezetting voor te beveiligen objecten rond te krijgen.

    De brancheorganisatie wijst erop dat beveiliging, net als politie, ambulance en de zorg, onderdeel is van de “kritische infrastructuur” van ons land. Dit werk moet doorgaan “ook onder deze moeilijke omstandigheden”.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche vraagt ook duidelijkheid over de quarantainemaatregelen die het gevolg kunnen zijn van bron- en contactontderzoek door de GGD’s. Wie contact heeft gehad met iemand met een corona-infectie kan het advies krijgen om 10 dagen in quarantaine te gaan. Dit zou volgens de richtlijnen van het RIVM echter alleen moeten gelden voor ‘huisgenoten’ (categorie 1) of ‘overige nauwe contacten’ (categorie 2). In de praktijk blijkt echter dat beveiligingsmedewerkers het advies om in quarantaine te gaan ook krijgen als ze tot de ‘niet nauwe contacten’ (categorie 3) behoren. “Dit is niet conform de richtlijnen van het RIVM”, aldus de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Mensen uit categorie 3 kunnen gewoon aan het werk als zij de RIVM-richtlijnen in acht nemen.”

  • Tweede Kamer wil beveiligers uitzonderen van 1,5 meter-maatregel

    Tweede Kamer wil beveiligers uitzonderen van 1,5 meter-maatregel

    Tweede Kamer wil beveiligers uitzonderen van 1,5 meter-maatregel

    Gorinchem, 11 september 2020 – In de Tweede Kamer gaan veel stemmen op om – net als zorgverleners en politie – ook particuliere beveiligers uit te zonderen van de 1,5 meter-maatregel. Dit blijkt uit vragen en opmerkingen die de Tweede Kamerfracties van VVD, D66, PvdA en SGP hebben gericht aan de ministers Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport). De Nederlandse Veiligheidsbranche, die hier al eerder op had aangedrongen, is blij met deze ontwikkeling.

    “Beveiligers vervullen een belangrijke publieke functie”, zegt Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Net als medewerkers van politie, brandweer en zorg kunnen ze in sommige omstandigheden niet de gevraagde 1,5 meter in acht nemen. Het is fijn om te horen dat hiervoor in het parlement in brede kring begrip bestaat.”

    Aanleiding voor de opmerkingen vanuit de Tweede Kamer is het wetsvoorstel Tijdelijke Maatregelen COVID-19, dat het kabinet twee maanden geleden heeft ingediend bij de Tweede Kamer. Hierin staat dat van de 1,5 meter-regel maar een beperkt aantal beroepsgroepen (politie, zorg) wordt uitgezonderd. Particuliere beveiliging wordt in het wetsvoorstel niet genoemd, maar nu dus wel door de Tweede Kamer.

    “Ook een particuliere beveiliger kan immers door zijn werk in een situatie terechtkomen waarbij afstand houden niet mogelijk is”, zo stelt D66. Ook VVD, PvdA en SGP vragen de minister waarom in het wetsvoorstel particuliere beveiligers niet genoemd worden als uitzondering op de 1,5 meter-regel. De Nederlandse Veiligheidsbranche zou het een logische stap vinden om dit aan te passen in de nieuwe wetgeving.

    Vragen politieke partijen over positie beveiligers in Covid-19 wet:

    VVD:

    “De leden van de VVD-fractie merken op dat in het derde lid uitzonderingen zijn vastgesteld op de veilige-afstandsnorm. De Nederlandse Veiligheidsbranche heeft aangegeven dat de particuliere beveiliging, zoals bedoeld in de Wet op de particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus, niet genoemd zijn als groep die uitgezonderd is van bijvoorbeeld het voldoen aan de afstandsmaatregel. Zij stellen dat ook de particuliere beveiliger, net als de medewerker van politie, brandweer en zorg door zijn werk in de situatie kan komen, dat er onvoldoende afstand in acht kan worden genomen. Het beveiligen van de kritische infrastructuur in Nederland kan daarmee in gevaar komen. Hoe beoordeelt de regering de oproep van de Nederlandse Veiligheidsbranche? Is de regering voornemens particuliere beveiligers toe te voegen aan de groep die uitgezonderd is van de veilige afstandsnorm?”

    D66:

    “Ook lezen de aan het woord zijnde leden dat de particuliere beveiliging, zoals bedoeld in de Wet op de particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus, niet genoemd wordt in artikel 58f, derde lid, als groep die uitgezonderd is van de veilige afstandsregel. Kan de regering toelichten waarom dit het geval is? Ook een particuliere beveiliger kan immers door zijn werk in de situatie terechtkomen waarbij afstand houden niet mogelijk is.”

    PvdA:

    “Vanuit de Nederlandse Veiligheidsbranche wordt erop gewezen dat de particuliere beveiliging in het voorliggend wetsvoorstel niet wordt genoemd als groep die uitgezonderd is van bijvoorbeeld het moeten voldoen aan de afstandsmaatregel. Naar de mening van de branche kan een particuliere beveiliger door zijn werk in de situatie komen, dat er onvoldoende afstand in acht kan worden genomen. Waarom is voor deze branche niet voorzien in een uitzondering op de plicht om afstand te houden? Acht u het wenselijk om een dergelijke uitzondering alsnog vast te leggen?”

    SGP:

    “De leden van de SGP-fractie vragen of de afstandsnorm ook bijvoorbeeld vijf meter zou kunnen worden. Ook vragen zij of de genoemde uitzondering rond bijvoorbeeld kassa’s ook niet in andere situaties zou moeten gelden. Deze leden vragen of de uitzondering ook niet moet gelden voor particuliere beveiligers.”

  • Taakstraf volstaat niet meer bij geweld tegen beveiligers

    Taakstraf volstaat niet meer bij geweld tegen beveiligers

    Taakstraf volstaat niet meer bij geweld tegen beveiligers

    Gorinchem, 16 juli 2020 – Wie geweld pleegt tegenover een beveiliger, komt niet meer weg met een taakstraf. De Nederlandse Veiligheidsbranche is blij met dit voorstel tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht, dat minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid aan de Tweede Kamer heeft voorgesteld. Doel van het voorstel is iedereen die een publieke taak uitoefent beter te beschermen tegen fysiek geweld.

    “Deze personen werken voor de publieke zaak in de frontlinie en stellen zich maximaal dienstbaar op aan de samenleving”, zo schrijft de minister aan de Tweede Kamer. “Zij handhaven de orde, treden op onder gevaarlijke omstandigheden en verlenen hulp aan mensen in nood. Voor hen is terugtreden bij geweldpleging vaak niet goed mogelijk, niet in de laatste plaats omdat hun taakuitoefening juist handelend optreden vereist.”

    Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche, heeft er vorig jaar voor gepleit beveiligers dezelfde bescherming te geven als bijvoorbeeld ambulancemedewerkers, brandweerlieden en politiemensen. Dat gebeurt nu met dit aangepaste wetsvoorstel.

    Bij geweld tegen beveiligers kan de rechter straks niet meer volstaan met het opleggen van een ‘kale taakstraf’, dat wil zeggen een straf die niet wordt gecombineerd met een andere vrijheidsbenemende sanctie. “Terecht”, zo meent Van der Steur. “Onze 30.000 beveiligers verdienen rechtvaardige bescherming tegen geweldplegers.”

    Het voorstel van de minister wordt van kracht als het parlement daarmee heeft ingestemd.

  • Minister Grapperhaus komt veiligheidsbranche tegemoet

    Minister Grapperhaus komt veiligheidsbranche tegemoet

    Minister Grapperhaus komt veiligheidsbranche tegemoet

    Gorinchem, 24 april 2020 – De branche van particuliere beveiliging moet ook in deze crisistijd haar belangrijke rol voor de veiligheid in Nederland kunnen blijven vervullen, vindt minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid. Om dat mogelijk te maken en het werken voor particuliere beveiligers te vergemakkelijken, heeft hij enkele maatregelen genomen.

    Minister Grapperhaus tijdens de Kick-Off 2020

    Dit zegt de minister in een brief, waarmee hij reageert op een oproep van de vijf samenwerkende brancheorganisaties voor particuliere beveiliging. Grapperhaus vindt het belangrijk dat “de publieke en de private sector de handen zoveel mogelijk ineenslaan en samen ten strijde trekken” om de crisis het hoofd te bieden.
    Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche, is blij met de brief van de minister en met de maatregelen die hij neemt. “Een terechte erkenning van de cruciale rol van onze sector voor de veiligheid in Nederland.”

    De minister wijst er in zijn brief op dat beveiligers in lijn met andere cruciale beroepen aanspraak kunnen maken op dezelfde faciliteiten (kinderopvang, onderwijs) en dat ze, ook als de bewegingsvrijheid van burgers verder wordt beperkt, bij het vervullen van hun taken hun bewegingsvrijheid zullen houden.

    De minister maakt het mogelijk dat voor winkelbeveiliging, ook buiten de winkel, tijdens de coronacrisis evenementen- en horecabeveiligers kunnen worden ingezet. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het bewaken van de gewenste afstand tussen klanten en om ordelijke rijvorming. Het blijft echter van het grootste belang, zo zegt de minister, dat beveiligingswerkzaamheden door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd. De bestaande wet- en regelgeving blijft van toepassing. “Het is niet de bedoeling, ook niet in de crisistijd, dat mensen die niet of onvoldoende bekwaam zijn worden ingezet.” Volgens Grapperhaus is het bovendien vanzelfsprekend dat wordt betaald conform de reguliere CAO (CAO PB).

    Ook heeft de minister enkele praktische zaken geregeld. Beveiligers die al zijn gescreend en bij een andere werkgever worden ingezet, kunnen aan de slag met hun bestaande legitimatiebewijs en toestemming. Ze hoeven niet opnieuw een screening te ondergaan.

    Deze regeling geldt voor beveiligers die door de politie en voor beveiligers die door de Koninklijke Marechaussee zijn beoordeeld. Daarnaast is er een noodregeling ingesteld op grond waarvan legitimatiepassen en toestemmingen die tussen 1 april en 31 augustus aflopen van rechtswege door de korpschef met 1 jaar worden verlengd.

    De brief van minister Ferdinand Grapperhaus aan de Nederlandse Veiligheidsbranche vindt u links.