Tag: wetgeving

  • Wetgeving inzet zzp’ers wordt feitelijk niet nageleefd

    Wetgeving inzet zzp’ers wordt feitelijk niet nageleefd

    Wetgeving inzet zzp’ers wordt feitelijk niet nageleefd

    Gorinchem, 9 december 2019 – De wetgeving voor de inzet van zelfstandigen door beveiligingsbedrijven is tegenstrijdig. Terwijl de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr) het inschakelen van zzp’ers feitelijk uitsluit, worden in de praktijk steeds meer zogeheten ND-vergunningen voor het uitoefenen van een beveiligingsbedrijf afgegeven aan zelfstandigen. Dit heeft een “negatieve invloed op de kwaliteit van de beveiligingsdienstverlening en de veiligheid”, aldus de Nederlandse Veiligheidsbranche in een reactie op nieuwe wetgeving inzake zzp’ers.

    De brancheorganisatie reageert op het voorstel van het kabinet voor de Wet minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring. Doel van deze wet is zelfstandigen/werknemers en hun opdrachtgevers/werkgevers meer zekerheid geven over de kwalificatie van hun arbeidsrelatie.

    Punt is echter dat de Wpbr de inzet van zzp’ers formeel eigenlijk uitsluit. Op grond van die wet zijn beveiligingsbedrijven verplicht om zelf een ND-vergunning te hebben (af te geven door Dienst Justis) en bij de inzet van werkenden (in loondienst of als zelfstandige) een beveiligingsvergunning op naam aan te vragen. “Daarmee is ‘vrije vervanging’ feitelijk niet mogelijk”, zegt de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Ook zal een beveiliger als gevolg van de kenmerken van de Wpbr en de aard van de werkzaamheden in de praktijk vrijwel altijd ‘onder gezag’ werken.” Ook dat belemmert echte zelfstandigheid.
    Dat niettemin het aantal zzp’ers groeit zien de branche en de politie, die toezicht houdt, als een negatieve ontwikkeling.

    In het wetsvoorstel van het kabinet is volgens de Nederlandse Veiligheidsbranche sowieso niet gekeken naar knelpunten die specifiek zijn voor de beveiligingssector. Ook het feit dat voor zzp’ers straks een algemeen geldend minimumtarief gehanteerd moet worden van 16 euro per uur, vindt de branche geen goed idee. Zo’n tarief zou best eens de norm kunnen worden voor opdrachtgevers. “De race naar de bodem is dan echt ingezet.”
    Als er al een minimumtarief zou moeten gelden dan opteert de Nederlandse Veiligheidsbranche voor een systeem dat in de architecten-cao is ingevoerd namelijk een tarief van 150 procent van het salaris van een vergelijkbare werknemer (in dit geval beveiliger) in loondienst. “Op die manier wordt concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen.”

    De Nederlandse Veiligheidsbranche behartigt de belangen van bedrijven die zich bezighouden met beveiliging en beheersing van risico’s met betrekking tot personen, objecten en bedrijfsvoering. De omzet van de branche is circa 1,4 miljard euro. Van alle beveiligingsmedewerkers in Nederland werkt 90 procent bij een bedrijf dat is aangesloten bij de Nederlandse Veiligheidsbranche.

  • Ondernemers blij met lage WW-premie scholieren en studenten in WAB

    Ondernemers blij met lage WW-premie scholieren en studenten in WAB

    Ondernemers blij met lage WW-premie scholieren en studenten in WAB

    Den Haag, 5 februari 2019 – VNO-NCW, MKB-Nederland en de betreffende brancheorganisaties zijn verheugd dat jongeren tot 21 jaar met een bijbaan onder de lage WW-premie gaan vallen. Dat was een belangrijk doel van de campagne Zo werkt het niet! die de ondernemersorganisaties* sinds december voeren tegen enkele maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) die tijdelijk werk duurder maken, onder meer via premiedifferentiatie in de WW. De ondernemersorganisaties hadden graag ook gezien dat het lage WW-tarief voor seizoenswerk zou zijn geregeld. Dit blijkt uitvoeringstechnisch echter niet mogelijk, maar dankzij een motie is wel de deur voor een oplossing opengezet.

    De Tweede Kamer stemde vanmiddag voor een amendement van SGP-Kamerlid Stoffer c.s.om jongeren tot 21 jaar die niet meer dan twaalf uur per week werken, onder het lage WW-tarief te brengen. Een  amendement van Stoffer en Baudet om dat ook voor seizoenwerkers te regelen, haalde het niet; het kabinet had dat amendement ontraden omdat het niet uitvoerbaar is via de Belastingdienst. Wel is de motie Wiersma/Heerma aangenomen die het kabinet oproept om samen met sociale partners alsnog tot maatwerkoplossingen voor seizoenswerk te komen. 

    Handschoen oppakken

    “Die handschoen pakken we natuurlijk graag op”, zegt voorzitter Jacco Vonhof van MKB-Nederland namens de ondernemersorganisaties. “Het is jammer dat het nu vanwege uitvoeringsperikelen niet mogelijk is om seizoenswerk te ontzien, maar het boek is niet dicht. We moeten met elkaar nu snel een oplossing vinden om te voorkomen dat deze ondernemers forse kostenverhogingen voor hun kiezen krijgen voor iets waar ze niks aan kunnen doen. Tijdelijk werk, zoals in de landbouw of de recreatie, kan alleen maar met tijdelijke krachten worden ingevuld.”
    Het is daarom ook goed dat ondernemers met seizoenswerk in ieder geval de ruimte krijgen om via de cao alsnog de nodige flexibiliteit rond oproepkrachten te behouden, aldus de ondernemersorganisaties. 

    Zij hebben in hun campagne Zo werkt het niet! steeds betoogd dat het niet logisch én niet fair is om ondernemers financieel af te straffen voor de inzet van tijdelijke krachten waar dat inherent is aan de aard van het werk. “Het is mooi dat het gezonde verstand het ten aanzien van jongeren alvast heeft gewonnen”, aldus Vonhof. “Branches als horeca en detailhandel kunnen niet zonder scholieren en studenten die de pieken opvangen.” 

    Reparatie ontslagrecht

    Tevreden zijn de ondernemersorganisaties ook met de zogeheten cumulatiegrond in het ontslagrecht, die ondernemers de mogelijkheid geeft meerdere redenen voor ontslag combineren. Vonhof: “Dit vereenvoudigt het ontslagrecht en doet recht aan het feit dat ontslag vaak diverse gronden heeft. Het is daarom een terechte reparatie van de Wet Werk en Zekerheid. Als zo’n 40 procent van de ontslagaanvragen niet meer voorbij de kantonrechter komt – en dat is een veel hoger percentage dan vóór de invoering van WWZ – dan weet je dat het niet goed is.”
    VNO-NCW en MKB-Nederland vinden het verder positief dat de keten van tijdelijke contracten wordt verruimd van 24 naar 36 maanden. Dit geeft ondernemers meer mogelijkheden om te bezien of er voldoende werk is en blijft om medewerkers ook een vast contract aan te bieden.

    MKB-budget voor scholing

    De ondernemersorganisaties zijn ook blij met het besluit om 48 miljoen euro in te zetten voor kleine(re) bedrijven om de leercultuur te ondersteunen. Daartoe had onder anderen VVD-Kamerlid Wiersma een motie ingediend. Dit  budget moet het ondernemers makkelijker maken om medewerkers zelf te kunnen opleiden, onder meer via bedrijfsscholing. “Over de uitwerking van die plannen praten en denken wij graag mee”, aldus Vonhof.
    De Wet Arbeidsmarkt in Balans is aangenomen door de coalitiepartijen, SGP en Forum voor Democratie.

    * Detailhandel Nederland, InRetail, Koninklijke Horeca Nederland, Cumela Nederland, Nederlandse Veiligheidsbranche, RECRON en LTO Nederland

  • Ondernemers: Maatregelen tijdelijk werk leveren geen extra vaste banen op

    Ondernemers: Maatregelen tijdelijk werk leveren geen extra vaste banen op

    Ondernemers: Maatregelen tijdelijk werk leveren geen extra vaste banen op

    Den Haag, 29 januari 2019 – Medewerkers krijgen niet eerder en vaker een vast contract aangeboden als de plannen van minister Koolmees (SZW) met betrekking tot tijdelijk werk doorgaan. Dat zegt 91 procent van de werkgevers voor wie de inzet van tijdelijke krachten geen keuze is, maar inherent aan de aard van het werk. Bijna 70 procent vreest dat het juist alleen maar banen gaat kosten. Dat blijkt uit een enquête onder ondernemers* over de maatregelen die zijn aangekondigd in de Wet Arbeidsmarkt in Balans, die aanstaande donderdag wordt behandeld in de Tweede Kamer. De enquête is gehouden in het kader van de campagne Zo werkt het niet! die in december door VNO-NCW, MKB-Nederland en een aantal brancheorganisaties is gelanceerd.

    “In de WAB wordt ‘vergeten’ dat veel tijdelijke krachten die pieken opvangen, scholieren en studenten zijn”, zegt voorzitter Jacco Vonhof van MKB-Nederland. “Die willen gewoon een centje bijverdienen, meer niet. Ik gun iedereen die dat ambieert een vast contract en zekerheid. Maar feit is ook dat veel mensen bewust kiezen voor een wat vrijer bestaan.”

    Het kabinet wil met het duurder maken van tijdelijk werk  – tijdelijke contracten, seizoenswerk, oproepcontracten en contracten voor onbepaalde tijd zonder vaste uren – afdwingen dat werkgevers eerder en vaker een ‘vast contract’ aanbieden, dus een contract voor onbepaalde tijd met een vast aantal uren. Onderdeel van het wetsvoorstel is dat de premie voor de werkloosheidswet (WW) voor tijdelijk werk 5% -punt hoger wordt dan voor vaste contracten en dat direct bij afloop van een contract een transitievergoeding vanaf dag 1 moet worden betaald van ongeveer 3 procent van het tot dan toe verdiende salaris.

    Geen keuze

    Werkgevers in detailhandel, horeca, grondverzet, recreatie, evenementenbeveiliging en land- en tuinbouw zien helemaal niets in deze plannen: ruim 90 procent wijst ze volledig af. Bijna 30 procent steunt weliswaar het streven van het kabinet naar meer vaste banen, maar wijst erop dat de inzet van tijdelijk werk in hun branche geen keuze is, maar inherent aan de aard van het werk. Voor 94 procent is het onmisbaar vanwege pieken en seizoenen. 
    Vonhof: “Aardbeien worden niet geoogst in december. En geen mens gaat kamperen of een cursus kitesurfen volgen in de herfst. En dan heb je nog sectoren die te maken hebben met enorme pieken in het werk, zoals horeca en detailhandel. De detailhandel bijvoorbeeld moet het vooral hebben van de decembermaand. Die kan dan niet zonder oproepkrachten.”

    Meer dan twee derde van de werkgevers denkt dat het duurder maken van tijdelijk werk juist alleen maar banen kost. En 89 procent geeft aan dat consumenten uiteindelijk de rekening gaan betalen, omdat werkgevers de hogere kosten aan hen zullen doorberekenen. Zachtfruitteler Robert van de Meer heeft berekend dat de maatregelen in de WAB in zijn bedrijf leiden tot een kostenverhoging van dik 6 procent. En campingeigenaar Willemieke de Waal gaat alleen aan WW-premie al 68.000 euro meer betalen voor de 220 tijdelijke krachten die zij in het kampeerseizoen aan het werk heeft. “Wij kunnen die mensen helaas niet het hele jaar aan de slag houden en daar heeft iedereen begrip voor. De WAB gaat dat niet veranderen. Wij worden als seizoenbedrijf onevenredig gestraft.”

    Zo werkt het niet!

    De brancheorganisaties Detailhandel Nederland, Inretail, KHN, Cumela Nederland, Nederlandse Veiligheidsbranche, RECRON en LTO Nederland lanceerden samen met VNO-NCW en MKB-Nederland in december al de campagne Zo werkt het niet!, waarmee ze duidelijk maken dat seizoensarbeid of het opvangen van pieken zich niet laten vangen in een vast contract. Het is daarom niet logisch en niet eerlijk om dat te bestraffen. Bovendien wordt niemand daar beter van. De werkgevers willen geen WAB die ervoor zorgt dat tijdelijke krachten hun baan kunnen verliezen of die tot prijsverhogingen leidt, zonder dat de mensen om wie het gaat daar zelf beter van worden. 

    Wetsvoorstel aanpassen

    De ondernemersorganisaties bepleiten een aanpassing van het wetsvoorstel. Dit kan bijvoorbeeld door het verschil tussen de hoge en de lage WW kleiner te maken en de definitie van vast en tijdelijk aan te passen, zodat minder contracten onder de hoge premie vallen. Voor bijbanen van scholieren en studenten en seizoenswerk zou een uitzondering op de hoge WW-premie en op de transitievergoeding vanaf dag 1 moeten gelden. 
    Die oproep doen VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland vandaag ook in een brief aan de Tweede Kamer (zie bijlage).

    *De enquête is ingevuld door circa 500 werkgevers in genoemde branches.

  • Veiligheidsbranche in actie tegen boete op tijdelijk werk

    Veiligheidsbranche in actie tegen boete op tijdelijk werk

    Veiligheidsbranche in actie tegen boete op tijdelijk werk

    Den Haag, 11 december 2018 – ‘Zo werkt het niet’. Onder dat motto komen ondernemers uit een groot aantal branches vanaf vandaag in actie tegen maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) die tijdelijk werk duurder maken. Seizoensarbeid of het opvangen van pieken laat zich niet vangen in een vast contract, betogen zij. Een tijdelijk contract is hier geen keuze, maar inherent aan de aard van het werk. Het is dan ook niet logisch en niet eerlijk om dat te bestraffen. ‘Daar wordt ook niemand beter van’, aldus de ondernemers.

    Onderschrift

    Detailhandel, horeca, recreatie, ondernemers in groen, grond en infra, land- en tuinbouw en evenementenbeveiliging, samen overhandigden zij vanmiddag in Den Haag een manifest met hun zorgen aan de vaste Kamercommissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het is het startsein voor een social mediacampagne, waarmee zij duidelijk willen maken wat de gevolgen zijn als tijdelijk werk duurder en lastiger te organiseren wordt.

    Balans ver te zoeken

    Hoewel de WAB van minister Koolmees een aantal zaken op de arbeidsmarkt verbetert, is de balans ver te zoeken als het gaat om tijdelijk werk, vinden de ondernemers. Tijdelijk werk wordt duurder omdat daarvoor de hoge WW-premie gaat gelden en vanaf dag 1 transitievergoeding verschuldigd is. De mogelijkheid om oproepkrachten in te zetten wordt drastisch beperkt en daarmee onwerkbaar in de praktijk.

    In het gezamenlijke manifest vragen de ondernemers en hun organisaties de politiek om tijdelijk werk serieus te nemen en de WAB aan te passen: geen hoge WW-premie en transitievergoeding voor seizoenswerk, pieken en scholieren en studenten en behoud van flexibiliteit rond oproepcontracten.

    Zachtfruitteler Robert van de Meer heeft berekend dat de maatregelen in de WAB in zijn bedrijf leidt tot een kostenverhoging van dik 6 procent. “En dat alleen maar omdat ik nu eenmaal niet het jaar rond werk heb.” Campingeigenaar Willemieke de Waal gaat alleen aan WW-premie al 68.000 euro meer betalen voor de 220 tijdelijke krachten die zij in het kampeerseizoen aan het werk heeft. “Wij kunnen die mensen helaas niet het hele jaar aan de slag houden en daar heeft iedereen begrip voor. De WAB gaat dat niet veranderen. Wij worden als seizoenbedrijf onevenredig gestraft.”

    Oproepkracht wíl geen vast contract

    De 77 parttime- en oproepkrachten die supermarktondernemer Harold van Velzen in dienst heeft, willen niet elke week hetzelfde aantal uren draaien, zegt hij. “Scholieren en studenten willen meer werken in vakanties, terwijl de moeders die hier werken dan juist thuis willen zijn voor de kinderen. We hebben nu de vrijheid om dat goed te plannen en daar komen we altijd uit. De WAB wil met het ingrijpen in oproepcontracten een probleem oplossen dat niet bestaat.” Voor de 400 oproepkrachten van het evenementenbeveiligingsbedrijf van Geert Sijtzema is hun bijbaan een ‘betaalde hobby’. “Het zijn vooral mensen met een vaste baan, die het leuk vinden om dit er af en toe in het weekeinde bij te doen. Die wíllen niet eens een vast contract bij ons.”

    Geen extra vaste banen

    De ondernemers wijzen erop dat verhoging van de kosten en beperking van de mogelijkheden van tijdelijke arbeid niet één vaste baan méér zal opleveren. Waar het wel toe leidt, is dat dit soort werk onbetaalbaar dreigt te worden. ‘Wij willen geen WAB die ervoor zorgt dat onze tijdelijke krachten hun baan kunnen verliezen. Of die tot prijsverhogingen leidt, zonder dat onze medewerkers zelf daar nu zoveel beter van worden’, zeggen zij.

    Achtergronden

    De campagne Zo werkt het niet! is een initiatief van CUMELA Nederland, Detailhandel Nederland, Koninklijke INretail, Koninklijk Horeca Nederland, LTO Nederland, De Nederlandse Veiligheidsbranche, MKB-Nederland, RECRON en VNO-NCW. Zie de website https://www.zowerkthetniet.nl voor meer informatie en verhalen van de ondernemers zelf.