Tag: zzp

  • Branchescan 2025: ‘Tevreden over personeelszaken; voorzichtig optimisme over omzet; paradox rond lonen’

    Branchescan 2025: ‘Tevreden over personeelszaken; voorzichtig optimisme over omzet; paradox rond lonen’

    Branchescan 2025: ‘Tevreden over personeelszaken; voorzichtig optimisme over omzet; paradox rond lonen’

    Gorinchem, 20 mei 2026 – ‘We hebben reden om optimistisch te zijn over de groei van onze bedrijfstak en over de omzet van onze bedrijven, zeker op lange termijn. Veiligheidsvraagstukken domineren het publieke debat en onze bedrijven spelen een rol bij het bieden van oplossingen. We staan sterk in een aanhoudend krappe arbeidsmarkt, onder meer door de ruime loonstijging van de afgelopen jaren. De stijgende lonen vormen ook een paradox: de loonkosten gaan omhoog, dat maakt onze diensten duurder en dat kan de dienstverlening remmen.’

    Zo reageert voorzitter Ard van der Steur namens de Nederlandse Veiligheidsbranche op het rapport ‘Ontwikkelingen in de beveiligingsbranche. Kwantitatieve branchescan beveiligingssector 2025’ – kortweg: de branchescan.

    De geringe omzetgroei – met 1% in 2025 beneden de vooraf uitgesproken verwachting – verklaart Van der Steur uit een veranderende focus binnen het Nederlandse bedrijfsleven. ‘De concurrentiepositie van Nederland is aan het verslechteren, zo blijkt uit alle economische rapporten. Tel daarbij op de aanhoudende onzekerheid over de wereldeconomie en geopolitieke stabiliteit. Bedrijven zijn in zulke omstandigheden wel gedwongen in de kostenbeheersingsmodus te gaan staan. En dat is voor veel dienstenleveranciers slecht nieuws, dus ook voor ons.’ Tegelijkertijd signaleert hij wel een groeiende bezorgdheid over veiligheid in het algemeen.

    Dat in die omstandigheden toch nog groei werd geboekt, is volgens de voorzitter een weerspiegeling van de lange-termijntrends op het vlak van veiligheid. ‘Veiligheidsvraagstukken domineren het publieke debat. Dan gaat het zowel om de grote veiligheid, de veiligheid van het land, als om de kleine veiligheid, de veiligheid op straat, in het bedrijf, in en rond het huis. Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het bieden van oplossingen voor deze categorieën. Dat zal zich blijven vertalen in groeiende vraag naar onze diensten.’

    De opdracht die beveiligingsbedrijven zichzelf daarbij wel moeten meegeven is verhoging van de productiviteit, stelt Van der Steur. ‘We moeten steeds slimmer werken. Technologie ontwikkelen en inzetten om meer dienstverlening te bieden met evenveel personeel en tegen een scherpe prijs.’

    Verhoging van de productiviteit (meer omzet per medewerker) is volgens de branchevoorzitter ook het enige antwoord op de stijgende personeelskosten. ‘De loonkosten gaan vooral omhoog omdat we steeds betere salarissen bieden. En dat willen we blijven doen. Onze cao biedt een heel concurrerend pakket. We vinden dat beveiligers goed moeten verdienen. Maar om dan bedrijfseconomisch gezond te blijven, moeten die bedrijven steeds slimmer werken. Onvermijdelijk.’

    Zijn stijgende loonkosten één kant van de medaille van goede salarissen, wervingskracht is de andere kant. Van der Steur: ‘Ja, we hebben veel vacatures en het is al jarenlang moeilijk alle vacatures te vervullen. Maar de beveiligingsbranche is niet de enige sector waar men moeite heeft personeel te vinden. Er wordt van alle kanten ontzettend hard getrokken aan MBO’ers. Dat maakt dat mensen met een beveiligingsdiploma op zak niet automatisch kiezen voor een baan bij een beveiligingsbedrijf. Ze hebben baanalternatieven. Wij zijn er afgelopen jaar prima in geslaagd om een positief personeelssaldo te behalen. Dat kan alleen met een combinatie van interessante banen en goede arbeidsvoorwaarden.’

    Op het vlak van personeelszaken ziet Van der Steur meer positieve zaken. ‘Onze bedrijven geven blijk van goed werkgeverschap. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het dalende ziekteverzuim. Ziekteverzuim is slecht voor iedereen – voor de betreffende werknemer, voor het bedrijf, voor de samenleving. Dat onze ondernemingen met gepaste maatregelen hun medewerkers proberen fit te houden en daar het afgelopen jaar beter in zijn geslaagd, verdient een dik compliment.’

    ‘En dan is er nog dat hoofdpijndossier dat hopelijk dit jaar wordt afgesloten – het zzp-vraagstuk. We hebben afgelopen jaar een sterke terugloop gezien in de inhuur van zzp’ers. Daarmee is het fenomeen van de concurrentieverstorende schijnzelfstandige gekrompen en gelukkig heeft een substantieel aantal ex-zzp’ers gekozen voor een dienstverband. Nu is het aan de wetgever om nieuwe wetgeving zo in te richten dat de schijnzelfstandige tot het verleden behoort. Maar dan wel zo dat tegelijkertijd onze bedrijven voldoende flexibel personeel kunnen vinden om voldoende snel te kunnen op- en afschalen.’

  • Uitspraak Uber-chauffeurs en gevolgen beveiliging

    Uitspraak Uber-chauffeurs en gevolgen beveiliging

    Uitspraak Uber-chauffeurs en gevolgen beveiliging

    Gorinchem, 31 januari 2026 – Deze week oordeelde het gerechtshof in de zaak van FNV tegen Uber. We hebben juriste Joyce Snijder gevraagd naar de gevolgen voor de beveiliging. Zie hieronder. Ook hoogleraar Evert Verhulp (arbeidsrecht UvA) heeft deze week aangegeven wat de uitspraak betekent: Zelfstandigen in andere sectoren hebben weinig aan dit vonnis. De Uber-chauffeurs wijken behoorlijk af van andere zzp’ers, met hun Tesla waarin ze tienduizenden euro’s hebben gestoken, hun autoverzekering en vaak ook hun klantenbinding.

    Brochure ZZP – ja of nee?

    Zes Uber-chauffeurs zijn ondernemer, oordeelt Gerechtshof Amsterdam

    Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 27 januari 2026 geoordeeld dat zes Uber‑chauffeurs die zich in hoger beroep aan de zijde van Uber hadden gevoegd, géén arbeidsovereenkomst met Uber hebben. Volgens het hof vertonen deze chauffeurs een duidelijke mate van ondernemerschap. Daarbij kijkt het hof onder meer naar:

    • Eigen investeringen, zoals de aanschaf van de auto;
    • De vrijheid om zelf werktijden te bepalen;
    • Strategische keuzes bij het accepteren of weigeren van ritten (met invloed op de inkomsten);
    • Het dragen van ondernemersrisico’s, zoals aansprakelijkheid en arbeidsongeschiktheid.

    De uitspraak ziet expliciet op deze zes chauffeurs. Het hof sluit niet uit dat andere Uber‑chauffeurs wél als werknemer moeten worden aangemerkt; dat hangt af van hun individuele omstandigheden.

    Achtergrond van de procedure

    De zaak loopt al langere tijd en is aangespannen door vakbond FNV. Centraal stond de vraag of de cao Taxivervoer van toepassing was op Uber‑chauffeurs in periodes waarin deze cao algemeen verbindend was verklaard.

    Eerder paste het hof de negen Deliveroo‑criteria toe om te beoordelen of sprake is van een arbeidsovereenkomst. Toen zag het hof veel aanwijzingen in de richting van werknemerschap, maar ook dat “ondernemerschap” bij sommige chauffeurs de balans de andere kant op kan doen kantelen.

    Omdat dit in de praktijk kan betekenen dat hetzelfde werk voor dezelfde opdrachtgever soms wél en soms níet als arbeidsovereenkomst kwalificeert, stelde het hof prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. Op 21 februari 2025 bevestigde de Hoge Raad dat:

    • Er geen rangorde bestaat tussen de negen Deliveroo‑criteria;
    • Ondernemerschap volledig meetelt;
    • Verschillende uitkomsten bij hetzelfde werk voor dezelfde opdrachtgever mogelijk zijn, afhankelijk van de mate van ondernemerschap.

    Na deze beantwoording moest het hof terug naar de feiten. Alleen over zes chauffeurs waren voldoende gegevens beschikbaar voor een individuele beoordeling. Daarom kon het hof uitsluitend ten aanzien van hen een oordeel vellen en werden de vorderingen van FNV afgewezen.

    Gevolgen voor de particuliere beveiligingsbranche

    De Uber-uitspraak onderstreept dat ondernemerschap in de praktijk het verschil kan maken, maar zij is geen vrijbrief: ook in de particuliere beveiligingsbranche blijft een totaalafweging van alle omstandigheden per inzet vereist. In deze totaalafweging is ook van belang dat op een beveiliger een inspannings- en geen resultaatsverplichting rust, de beveiliger zich aan regels (instructies) moet houden die door het beveiligingsbedrijf en de Wpbr worden opgelegd (denk aan o.a.: de wijze waarop de werkzaamheden moeten worden uitgevoerd, het dragen van een uniform en een beveiligingspas van het beveiligingsbedrijf) en beveiligingswerkzaamheden niet zelden in een team van beveiligers worden verricht. Juist deze omstandigheden duiden op het bestaan van een arbeidsovereenkomst. Daarom blijven de waarschuwingsberichten aan leden over het inhuren van zelfstandige beveiligers onverminderd relevant.

    Advies

    Huurt u zzp‑beveiligers in? Neem dan bij iedere inzet de Deliveroo‑criteria systematisch door, voer een ondernemerstoets uit en leg uw afwegingen en besluitvorming goed vast — bij aanvang én gedurende de samenwerking. Zo verkleint u de kans op naheffingen, claims of discussies achteraf en houdt u grip op flexibiliteit binnen uw organisatie. Raadpleeg daarbij ook de informatie en waarschuwingsberichten die de Nederlandse Veiligheidsbranche voor leden heeft gepubliceerd over het inhuren van zelfstandige beveiligers en de Brochure ‘Zzp – ja of nee’.

  • ‘Blijf oppassen met zzp – het is zomaar een werknemer’

    ‘Blijf oppassen met zzp – het is zomaar een werknemer’

    ‘Blijf oppassen met zzp – het is zomaar een werknemer’

    Gorinchem, 28 november 2025 – ‘Blijf oppassen met het inhuren van zzp’ers. Stel vast of een zzp’er voldoet aan de wettelijke eisen. Wees extra voorzichtig met nieuwe constructies zoals verloning.nl waarbij freelancers worden ingezet. De kans op een boete vanwege oneigenlijk zzp-schap neemt bij zulke constructies af, maar de kans dat de betreffende ‘freelancer’ met terugwerkende kracht als werknemer wordt aangemerkt, groeit aanzienlijk.’

    Die waarschuwing geeft de Nederlandse Veiligheidsbranche aan de vooravond van een nieuwe verscherping van het toezicht op schijnzelfstandigheid. Iemand die achteraf als werknemer wordt gekwalificeerd heeft recht op allerlei zaken – loon, toeslagen, vrije dagen – die hij als freelancer niet heeft gekregen.

    De verscherping van het zzp-beleid betreft de aankondiging dat vanaf 1 januari 2026 de Belastingdienst boetes gaat uitdelen als wordt vastgesteld dat een zzp’er niet aan de wettelijke eisen voldoen voor het zzp-schap. Deze aanscherping volgt op de beleidswijziging die op 1 januari van dit jaar inging om de wet DBA strakker te handhaven. Sinds die verscherping van afgelopen januari zijn er diverse aanbieders op de markt verschenen die voor verschillende sectoren oplossingen bieden om aan de DBA, de zzp-wet, te ontkomen.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche heeft een juridisch advies uitgebracht aan haar leden, waaruit blijkt dat die genoemde constructies onvoldoende bescherming bieden tegen (financiele) risico’s voor beveiligingsbedrijven.

  • Ook handig: brochure met voorbeelden wel of niet een echte zzp’er

    Ook handig: brochure met voorbeelden wel of niet een echte zzp’er

    Ook handig: brochure met voorbeelden wel of niet een echte zzp’er

    Gorinchem, 12 september 2025 – Is de zzp’er die u inhuurt wel een echte zzp’er of toch een schijnzelfstandige? Om die vraag te beantwoorden heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid twee brochures gepubliceerd onder de titel ‘Zzp – ja of nee’. De brochures gaan in op voorbeelden van al dan niet schijnzelfstandigheid in een aantal economische sectoren. Ook de particuliere beveiliging krijgt daarin een plaats, terwijl ook de andere voorbeelden inzicht geven in de wijze waarop naar (schijn-)zelfstandigheid wordt gekeken.

    Klik op de afbeelding om deze te vergroten

    De vraag of een beveiliger een échte zzp’er of een schijnzelfstandige is, werd aan het begin van dit jaar belangrijk omdat vanaf 1 januari de Belastingdienst controleert of een werkende en het betreffende bedrijf wel terecht gebruik maken van fiscale regelingen voor zelfstandig ondernemerschap. Als bij controle blijkt dat iemand ten onrechte als zzp’er werd aangemerkt, kunnen naheffingen en zelfs boetes volgen.

    Het secretariaat van de Nederlandse veiligheidsbranche werkte mee aan de brochures.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Zzp-wet gaat nóg meer helderheid brengen’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Zzp-wet gaat nóg meer helderheid brengen’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Zzp-wet gaat nóg meer helderheid brengen’

    Gorinchem, 10 juli 2025 – De nieuwe ‘zzp-wet’ zal voor beveiligers en beveiligingsbedrijven nog meer duidelijkheid brengen over de vraag of iemand een echte zzp’er is of niet. Dat stelt de Nederlandse Veiligheidsbranche in een reactie op het wetsvoorstel van minister Van Hijum van Sociale Zaken. Volgens de vereniging bevestigt het wetsvoorstel de sinds 1 januari in de branche gegroeide praktijk voor de uitbanning van schijnzelfstandigheid.

    Het op 7 juli gepubliceerde wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) is het langverwachte middel om de discussie over schijnzelfstandigheid en écht zzp-schap te beslechten. Het voorstel steunt op twee pijlers: verduidelijking en rechtsvermoeden.

    Bij ‘verduidelijking’ gaat het om omzetting in wetsteksten van gerechtelijke uitspraken en bevestiging van een aantal bestaande criteria die duidelijk maken of iemand een zzp’er is of niet. Het gaat dan bijvoorbeeld om de vraag of iemand ondernemersgedrag vertoont of niet. Zo ja, dan is de persoon een zzp’er, een ondernemer.

    Een voor de beveiligingsbranche belangrijk criterium is de zogenoemde ‘gezagsverhouding’. Moet iemand instructies opvolgen en is iemand ingebed in een organisatie, dan is er sprake van een gezagsverhouding en is het zeer waarschijnlijk dat hij of zij voor de wet een werknemer is. De Nederlandse Veiligheidsbranche heeft steeds betoogd dat een beveiliger die bij het begin van zijn dienst het uniform van zijn opdrachtgever (beveiligingsbedrijf) aantrekt en vervolgens een opdracht krijgt, geen zzp’er kan zijn. Hij werkt immers in een gezagsverhouding.

    Het wetsvoorstel volgt daarmee voor een belangrijk deel de bestaande praktijk zoals die vanaf 1 januari van dit jaar is ontstaan. Vanaf die datum is de Belastingdienst gaan controleren of zzp’ers dat wel echt zijn. Voor de beveiligingsbranche is vanaf dat moment het gezagscriterium het belangrijkste beoordelingspunt gaan vormen.

    ‘Rechtsvermoeden’ de tweede pijler van het wetsvoorstel is glashard: een zzp’er die minder krijgt dan 36 euro per uur, heeft een heel sterke positie als hij stelt dat hij eigenlijk een werknemer is en recht heeft op alle bijbehorende arbeidsvoorwaarden als verlof en pensioendeelname. Bij minder dan 36 euro moet de werkgever/opdrachtgever aantonen dat de persoon in kwestie toch écht een zzp’er is: een ondernemer die niet in een gezagsrelatie fungeert. Dan zijn de hierboven genoemde criteria van toepassing.

    De achtergrond van het wetsvoorstel Vbar is de jarenlange discussie over de vraag wanneer iemand zzp’er is en dus aanspraak kan maken op bijvoorbeeld zelfstandigenaftrek. Een zzp’er en zijn opdrachtgever dragen niet bij aan de sociale zekerheid. Zzp’ers zijn daarmee onverzekerd en de laagstbetaalden daardoor zeer kwetsbaar. Tegelijkertijd zorgt de sterke groei van het aantal zzp’ers voor problemen in de bedrijfsvoering in bijvoorbeeld zorg en onderwijs, maar ook in de beveiligingssector. Ook is er sprake van oneerlijke concurrentie: schijnzelfstandigen kunnen goedkoper offreren dan zij die aan alle wettelijke vereisen voldoen. Om deze ongewenste maatschappelijk effecten tegen te gaan, is er een brede consensus dat schijnzelfstandigheid moet worden tegengegaan. Daarvoor zijn heldere criteria nodig. En dat is wat dit wetsvoorstel doet, vindt de Nederlandse Veiligheidsbranche.

    Naast het wetsvoorstel Vbar moet de Kamer zich ook nog uitspreken over het wetsvoorstel Zelfstandigenwet. Dat wetsvoorstel moet vooral duidelijke criteria geven voor ondernemerschap: wanneer is iemand een zelfstandig ondernemer en wanneer niet. Beide voorstellen zullen elkaar in de praktijk aanvullen. De Nederlandse Veiligheidsbranche reageerde eerder positief op de Zelfstandigenwet.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche: Modelovereenkomst niet meer gebruiken

    Nederlandse Veiligheidsbranche: Modelovereenkomst niet meer gebruiken

    Nederlandse Veiligheidsbranche: Modelovereenkomst niet meer gebruiken

    Gorinchem, 24 juni 2025 – De modelovereenkomst waarmee beveiligingsbedrijven hun relatie met zzp’ers vastlegden kan niet meer worden gebruikt. Die waarschuwing geeft de Nederlandse Veiligheidsbranche aan al haar leden.

    De waarschuwing vloeit voort uit een brief van staatssecretaris Van Oostenbruggen van (onder meer) de belastingen. Daarmee beantwoordt hij vragen van de Nederlandse Veiligheidsbranche.

    In de brief van de staatssecretaris staat dat sommige modelovereenkomsten nog steeds gelden, maar die van de beveiligingsbranche niet omdat de modelovereenkomst is vervallen en de belastingdienst ondertekent geen nieuwe modelovereenkomsten meer. Het gaat daarbij concreet om de modelovereenkomst Particuliere beveiliging nr. 90815120475.

    De modelovereenkomst lijkt in de markt in veel gevallen te zijn misbruikt door schijnzelfstandigen als zzp-er werk te kunnen laten doen zonder daarvoor belasting, sociale premies of pensioenpremie te betalen.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Zelfstandigenwet kan duidelijkheid brengen’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Zelfstandigenwet kan duidelijkheid brengen’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Zelfstandigenwet kan duidelijkheid brengen’

    Gorinchem, 18 april 2025 – Het initiatiefwetsvoorstel ‘Zelfstandigenwet’ van de Kamerleden Aartsen (VVD), Vijlbrief (D66), Inge van Dijk (CDA) en Flach (SGP) voor zzp’ers kan duidelijkheid brengen in situaties waarin nu onduidelijk is of iemand een échte zzp’er, een schijnzelfstandige of een werknemer is. Dat stelt de Nederlandse Veiligheidsbranche na bestudering van het voorstel.

    Het initiatiefwetsvoorstel is een reactie op de op 1 januari ontstane situatie op de arbeidsmarkt waarin de Belastingdienst de wetgeving rond zzp’ers is gaan handhaven na dat vele jaren niet te hebben gedaan. Daardoor is veel onrust ontstaan onder zzp’ers en hun opdrachtgevers: voldoen wij wel aan de wet? De initiatiefnemers vinden dat ongewenst en onnodig.

    Volgens de Nederlandse Veiligheidsbranche kan het voorstel, mits omgezet in een echte wet, helpen om veel onduidelijkheid weg te nemen met duidelijke regels. Het initiatiefwetsvoorstel probeert aan de hand van eenvoudiger criteria het onderscheid tussen (schijn)zelfstandigheid en loondienst te duiden door bijvoorbeeld gehele sectoren aan te wijzen waar een zzp-constructie niet mag. Ook de voorgestelde toetsingscommissie kan daarbij behulpzaam zijn. En de

    voorstellen voor een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering en verplichte pensioenopbouw voor zzp’ers zullen zorgen voor een eerlijker speelveld tussen de verschillende (juridische) manieren waarop werkenden kunnen werken voor de partij die het werk aanbiedt, aldus de bedrijfstakvereniging. Volgens de Nederlandse Veiligheidsbranche is het wel zaak de praktijk af te wachten. ‘We zijn eerder verrast door onverwachte gedragseffecten op de arbeidsmarkt.’

    De Tweede Kamer neemt het initiatiefwetsvoorstel binnenkort in behandeling.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche aan zzp’ers: ‘Kom in loondienst!’

    Nederlandse Veiligheidsbranche aan zzp’ers: ‘Kom in loondienst!’

    Nederlandse Veiligheidsbranche aan zzp’ers: ‘Kom in loondienst!’

    Voorburg, 17 oktober 2024 – ‘Kom weer in loondienst. Dat voorkomt problemen met belastingen, geeft veel meer zekerheid en betekent op lange termijn een beter inkomen.’ En: ‘Beveiligingsbedrijf: toets of u problemen krijgt met de Belastingdienst.’ Dat is de strekking van een nieuwe campagne van de Nederlandse Veiligheidsbranche gericht op beveiligers die officieel zzp’er zijn en gericht op de bedrijven die hen inhuren. De campagne start deze week.

    Zowel zzp’ers als beveiligingsbedrijven doen er verstandig aan om weer een vast dienstverband aan te gaan, want er dreigen vanaf 1 januari volgend jaar problemen met de Belastingdienst bij inhuur van zzp’ers, zo zegt de campagne. Onderdeel van de campagne is dat beide doelgroepen, zowel zzp’ers als beveiligingsbedrijven, een test kunnen doen om te beoordelen of ze risico lopen op problemen met de Belastingdienst.

    De bedrijfstakvereniging start de campagne naar aanleiding van het ministeriële besluit om de Belastingdienst te laten controleren of personen die zich laten inhuren als zzp’er wel recht hebben op die status en de bijbehorende fiscale positie. Het vermoeden leeft breed dat veel ‘zzp’ers’ in veel economische sectoren eigenlijk schijnzelfstandigen zijn. Daarmee hollen zij het systeem van sociale zekerheid en het pensioenstelsel uit, want ze betalen geen premies. Tegelijkertijd lopen ze risico’s op armoede omdat ze veelal niet verzekerd zijn.

    De Tweede Kamer heeft zich om deze redenen achter het besluit geschaard om schijnzelfstandigheid aan te pakken. Eerder riep de Nederlandse Veiligheidsbranche op om dat te doen. Volgens de vereniging zijn vrijwel alle zzp’ers in de beveiliging schijnzelfstandigen.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche bepleit strenge handhaving schijn-zzp’ers

    Nederlandse Veiligheidsbranche bepleit strenge handhaving schijn-zzp’ers

    Nederlandse Veiligheidsbranche bepleit strenge handhaving schijn-zzp’ers

    Gorinchem, 12 september 2024 – De Nederlandse Veiligheidsbranche wil dat de Belastingdienst vanaf 1 januari streng gaat optreden tegen schijn-zzp’ers en bedrijven die schijn-zzp’ers contracteren. Dat stelt de grootste vereniging van beveiligingsbedrijven in een reactie op de brief die staatssecretaris Idsinga van Fiscaliteit en Belastingdienst en minister Van Hijum van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer stuurden over het zzp-dossier.

    De bewindspersonen stellen in die brief een zachte aanpak van schijnzelfstandigheid voor, waarbij overtreders die maatregelen nemen om schijnzelfstandigheid in de toekomst te voorkomen, geen boetes krijgen van de Belastingdienst.

    Terugdringen

    De Nederlandse Veiligheidsbranche vindt dat daarmee wetsovertreders onterecht worden ontzien en dat bedrijven en beveiligers die zich wel aan de wet hebben gehouden, worden benadeeld. De betreffende wet, de DBA, is al in 2016 ingevoerd, maar op de uitvoering is tot dusver niet gehandhaafd.  Eerder kondigde het kabinet al aan dat de Belastingdienst vanaf 1 januari 2025 gaat beoordelen of personen die als zzp’er werken, bijvoorbeeld in de rol van beveiliger, wel echt zzp’er zijn en recht hebben op de fiscale positie van een zelfstandige.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche schreef onlangs aan de Tweede Kamer te vermoeden dat veel zzp’ers in de bedrijfstak schijnzelfstandigen zijn en pleitte voor maatregelen om het fenomeen van de schijnzelfstandige terug te dringen. De overweging van de bedrijfstakvereniging: een zogenoemde zzp’er die door een bedrijf wordt ingehuurd, krijgt in de meeste gevallen een uniform van dat bedrijf aan en doet wat de leidinggevende zegt. Daarmee ontstaat een gezagsverhouding en dat betekent dat er een arbeidsovereenkomst is ontstaan.

    Lasten voor vast personeel

    Schijnzelfstandigheid heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een probleem voor het grootste deel van de beveiligingsbedrijven. Veel personen met een beveiligingsdiploma hebben zich door de lokroep van een mogelijk hoger inkomen ingeschreven als zelfstandige en laten zich alleen inhuren onder voor hen gunstige voorwaarden, zoals het niet hoeven draaien van nachtdiensten. Ook blijkt het met een deel van hen moeilijk om afspraken te maken. Bedrijven hebben hierdoor in toenemende mate planningsproblemen, terwijl de lasten vaak worden gedragen door vast personeel. Deze worden ook nog eens benadeeld doordat er minder wordt bijgedragen aan het verplichte pensioenfonds.

    Einde modelovereenkomsten

    Een onderdeel van de door het kabinet aangekondigde maatregelen houdt in dat werkgevers niet meer kunnen werken met zogenoemde modelovereenkomsten. Reden: in veel gevallen wijken het echte werk en de werkomstandigheden af van wat er in zo’n modelovereenkomsten is opgeschreven.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche: uitbanning schijnzelfstandigheid is noodzaak

    Nederlandse Veiligheidsbranche: uitbanning schijnzelfstandigheid is noodzaak

    Nederlandse Veiligheidsbranche: uitbanning schijnzelfstandigheid is noodzaak

    Gorinchem, 4 september 2024 – Voor het verzekeren van de veiligheid bij evenementen, in gebouwen en bij objecten is het zeer noodzakelijk dat schijnzelfstandigheid in de beveiligingssector wordt uitgebannen. Het geëxplodeerde aantal zzp’ers in de beveiliging belemmert de organisatie van het beveiligingswerk en vergroot de werkdruk van vast personeel meer dan evenredig. En dat terwijl die zzp’ers in werkelijkheid schijnzelfstandigen zijn.

    Dat stelt de Nederlandse Veiligheidsbranche in een verklaring voorafgaand aan een aantal besprekingen in de Tweede Kamer over het fenomeen van de zelfstandige zonder personeel. Onder meer gaat het over de vraag of de Belastingdienst gaat controleren of zzp’ers aan de criteria voldoen om gebruik te maken van faciliteiten voor zelfstandigen.

    Volgens de wet en de relevante jurisprudentie mag een zzp’er niet in een gezagsrelatie werken. De Nederlandse Veiligheidsbranche stelt dat dat vrijwel onmogelijk is in gewoon beveiligingswerk. ‘Een beveiliger – zzp’er of niet – komt bij een bedrijf binnen, krijgt het uniform van het beveiligingsbedrijf en doet wat de leidinggevende opdraagt. Hoezo zelfstandig?’

    De bedrijfstakvereniging zegt dat het steeds moeilijker wordt om gewoon beveiligingswerk te organiseren, door de regels rond de inzet van flexibel personeel, maar vooral door de opstelling van veel zogenaamd zelfstandigen. ‘Als een zzp’er op de dag van zijn dienst afbelt, betekent dat een extra beroep op het vaste personeel. Die werkdrukverhoging wordt uiteindelijk onhoudbaar.’

    De Nederlandse Veiligheidsbranche stelt niet principieel tegen het zzp-schap te zijn. ‘Zzp’ers leveren een belangrijke bijdrage aan de Nederlandse economie en aan onze sector. En dat mag zo blijven. Maar het werk moet wel gedaan kunnen worden binnen de spelregels die de wetgever heeft opgesteld.’

    Volgens de vereniging komt de motivatie van veel van deze schijn-zzp’ers om zich als zelfstandige in te schrijven voort uit het feit dat er niet wordt gehandhaafd. ‘Ze kunnen meer uren maken, betalen geen verzekeringspremies en dwingen gunstige roosters af ten koste van het vaste personeel. Veel van hen weten dat ze niet aan de officiële vereisten voldoen, maar de gelegenheid doet zich nu eenmaal voor…’

    De Nederlandse Veiligheidsbranche denkt dat handhaving van de wet een einde zal maken aan deze onwettige situatie en dat veel beveiligers dan weer bij een bedrijf zullen gaan werken. Beveiligingsbedrijven kunnen dan hun maatschappelijk zeer belangrijke werk garanderen.