Blog

  • Veiligheidsbranche eregast bij Brits award-gala

    Veiligheidsbranche eregast bij Brits award-gala

    Veiligheidsbranche eregast bij Brits award-gala

    Gorinchem, ‘18 juni 2026 –‘Voorzitter Ard van der Steur en algemeen secretaris Trees van den Broeck van Nederlandse Veiligheidsbranche waren eregasten bij de jaarlijkse uitreiking van de onderscheidingen van de Britse beveiligingssector. Organisator British Security Industry Association (BSIA) nodigde de Nederlandse evenknie uit om het feest mee te vieren.’ 

    Trees van den Broeck en Ard van der Steur op
    het podium van de Britse beveiligingsonderscheidingen

    De British Security Awards, georganiseerd door de British Security Industry Association (BSIA), is het belangrijkste evenement in de Britse beveiligingssector. Tijdens een gala worden beveiligingsbedrijven en beveiligers geëerd voor uitmuntende prestaties, heldendaden en innovaties. Vooral is het ook een gebeurtenis waar iedereen uit de bedrijfstak elkaar ontmoet.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche maakte van de gelegenheid ook een formele studiereis. Trees van den Broeck: ‘Ja, dit is een evenement dat een hele positieve uitstraling heeft – niet alleen binnen, maar vooral ook buiten de branche. Ik denk dan aan klanten, beleidsmakers, politici.’

    En: ‘Het was een fantastische middag – een geweldige sfeer, veel lachen en sportiviteit. Wat ik hier geleerd heb? Ten eerste: dat dit héél professioneel georganiseerd was. Dit is niet een feestje dat je zomaar even erbij doet. Vooral moeten de uitkomsten geloofwaardig zijn. Cruciaal. Ten tweede: zo’n evenement kan geweldig helpen om de sfeer van gezamenlijke belangen te bevorderen binnen een groep bedrijven die uiteindelijk ook elkaars concurrenten zijn. En dat wij zoiets misschien ook moeten doen. We studeren erop.’

  • Veiligheidsbranche aan Kamer: ‘Maak meer info-uitwisseling mogelijk’

    Veiligheidsbranche aan Kamer: ‘Maak meer info-uitwisseling mogelijk’

    Veiligheidsbranche aan Kamer: ‘Maak meer info-uitwisseling mogelijk’

    Gorinchem, 09 juni 2026 –Om de samenwerking tussen publieke diensten, met name de politie, en particuliere beveiligingsbedrijven te verbeteren, is het dringend gewenst dat de mogelijkheden voor het uitwisselen van informatie worden verruimd. Nu staat regelgeving uitwisseling en samenwerking vaak in de weg. 

    Lees de hele brief aan de Tweede Kamer.

    Dat schrijft de Nederlandse Veiligheidsbranche in een brief aan de Tweede Kamer. Op 10 juni debatteert de Vaste Commissie voor Justitie en Veiligheid over de nationale veiligheid. In dat debat komt naar verwachting ook de rol ter sprake die beveiligingsbedrijven en hun medewerkers kunnen spelen in crisissituaties.

    Voorzitter Ard van der Steur van de Nederlandse Veiligheidsbranche in een toelichting: ‘Publiek-private samenwerking met de Veiligheidsbranche is al een effectieve strategie gebleken om capaciteitsproblemen bij de politie op te vangen en daarmee de veiligheid van de Nederlandse samenleving te vergroten. Beveiligers helpen bij criminaliteitsbestrijding en bij de aanpak van ondermijning, maar ook bij handhaving en hulpverlening. Het ligt voor de hand dat in tijden van crisis waarin de politie andere prioriteiten heeft, een groter beroep wordt gedaan op onze bedrijfstak. En omdat ieder nadeel een voordeel heeft: tijdens crises heeft de beveiligingsbranche juist extra capaciteit omdat evenementen worden afgelast.’

    Om extra inzet van beveiligers wettelijk mogelijk te maken, stelt Van der Steur in de brief, is het wél noodzakelijk dat de mogelijkheden voor het uitwisselen van informatie tussen politie en beveiligingsorganisaties ruimer worden. ‘Dat die informatie-uitwisseling aan regels gebonden dient te zijn, staat niet ter discussie. Maar nu staat de regelgeving zelf uitwisseling en samenwerking vaak in de weg,’ aldus de brief.

  • Branches over rapport-Hamer: ‘Zeer zinvolle aanbevelingen’

    Branches over rapport-Hamer: ‘Zeer zinvolle aanbevelingen’

    Branches over rapport-Hamer: ‘Zeer zinvolle aanbevelingen’

    Gorinchem, 28 mei 2026 – ‘Zeer zinvolle aanbevelingen om een serieus probleem op te lossen.’ Dat stellen voorzitter Ard van der Steur van de Nederlandse Veiligheidsbranche en Vanessa Middelkoop, voorzitter van de sectie POB, over het vandaag verschenen rapport Veilig onderzoek naar (seksueel) grensoverschrijdend gedrag van regeringscommissaris Mariëtte Hamer. Ook voorzitter Robert van den Bergh van de Branchevereniging voor Particuliere Onderzoeksbureaus (BPOB) is positief.

    Van der Steur: ‘Met deze aanbevelingen in de hand kunnen alle betrokken partijen aan de slag om de wijze waarop mogelijk grensoverschrijdend gedrag wordt onderzocht, te verbeteren. We hebben de afgelopen jaren toch een vorm van wildgroei gezien in het verrichten van onderzoek. Partijen, zoals soms ook advocaten en accountants die zonder de juiste opleiding te hebben genoten, zeer gevoelige – vaak persoonsgevoelige – zaken onderzochten of onderzoeksbureaus die zonder de juiste vergunning van het ministerie van Justitie en Veiligheid in deze sector werkten. De aanbeveling van mevrouw Hamer om uitsluitend met gecertificeerde onderzoekers te werken, zien wij als een aanmoediging en compliment voor de gespecialiseerde onderzoeksbureaus die al actief zijn. Wij – de bij onze sectie POB en bij de BPOB aangesloten onderzoeksbureaus – zijn voortdurend bezig met kwaliteitsverbetering. Veel van deze adviezen gaan ons daarbij helpen.’

    Van den Bergh (BPOB): ‘Onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag vraagt om deskundigheid, onafhankelijkheid en zorgvuldigheid. Het is belangrijk dat organisaties bewuste keuzes maken over welke interventie passend is en dat onderzoeken worden uitgevoerd door gespecialiseerde professionals.’

    Regeringscommissaris Mariëtte Hamer, die als opdracht heeft een cultuurverandering te bewerkstelligen en daarbij seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld zoveel mogelijk in te dammen, concludeert in haar rapport dat de wijze waarop onderzoek op dat vlak wordt gedaan, vaak niet goed is. Vooral bij het onderzoek naar (gedrag van) personen gaat het regelmatig mis. Personen kunnen dan beschadigd raken zonder dat duidelijk is of en in hoeverre zij zich misdragen hebben en zonder dat zij schuldig zijn bevonden.

    Om het onderzoek te verbeteren, formuleert Hamer een lange lijst met aanbevelingen. Kern daarvan is dat onderzoekers een speciale opleiding moeten hebben genoten en dat er een afzonderlijk toezichtsorgaan wordt opgericht. Verder maakt zij een onderscheid tussen ‘cultuuronderzoek’ (waarbij het onderzoek zich richt op een organisatie) en ‘persoonsonderzoek’. De regeringscommissaris bepleit een afzonderlijke brancheorganisatie voor bureaus die cultuuronderzoek verrichten. Zo’n brancheorganisatie kan de kwaliteit en de opleidingen voor dit soort onderzoek stimuleren en kan werken met keurmerken, vindt Hamer.

    Van der Steur ziet veel aanknopingspunten voor verbetering van de situatie. ‘Kwaliteitsborging en kwaliteitsverbetering staan bij ons altijd al bovenaan de prioriteitenlijst. Specialisatie, zoals door Hamer bepleit, is daar onderdeel van. Een afzonderlijke branchevereniging bestaat  al in de vorm van de sectie Particuliere Onderzoeksbureaus van onze vereniging. Op dat vlak kunnen we prima optrekken met de BPOB – de samenwerking verbeteren. Die kunnen we meer gewicht geven met aanvullende kwaliteitseisen voor de bestaande keurmerken en door het bestaande onafhankelijk exameninstituut SVPB .’

    Van der Steur maakt nog wel een kritische kanttekening bij het rapport: ‘Onduidelijk is hoe groot het probleem is. Hamer c.s. presenteren geen cijfers van het aantal goed uitgevoerde onderzoeken en het aantal ondeugdelijke onderzoeken. Daardoor kan het beeld ontstaan dat heel veel onderzoek niet goed is, terwijl de bij de Nederlandse Veiligheidsbranche aangesloten onderzoeksbureaus juist een streng kwaliteitsstelsel hanteren, inclusief het door Hamer gewenste keurmerk.’

    De Nederlandse Veiligheidsbranche bereidt een uitgebreide reactie voor op de aanbevelingen van Hamer. Die reactie verschijnt binnenkort.

  • Verenigingsnieuws mei 2026

    Verenigingsnieuws mei 2026

    Geen ALT-tekst opgegeven voor deze afbeelding

    Strategisch overleg verenigde MARC’s

    De secties Particuliere Alarmcentrales (PAC’s) en Videotoezichtcentrales (VTC’s) van de Federatie Veilig Nederland en de Nederlandse Veiligheidsbranche ontmoetten elkaar bij Securitas Nederland. PAC’s en VTC’s zorgen 24/7 voor het ontvangen, beoordelen en opvolgen van alarm- en videosignalen en werken nauw samen met veiligheids- en hulpdiensten.

  • Branchescan 2025: ‘Tevreden over personeelszaken; voorzichtig optimisme over omzet; paradox rond lonen’

    Branchescan 2025: ‘Tevreden over personeelszaken; voorzichtig optimisme over omzet; paradox rond lonen’

    Branchescan 2025: ‘Tevreden over personeelszaken; voorzichtig optimisme over omzet; paradox rond lonen’

    Gorinchem, 20 mei 2026 – ‘We hebben reden om optimistisch te zijn over de groei van onze bedrijfstak en over de omzet van onze bedrijven, zeker op lange termijn. Veiligheidsvraagstukken domineren het publieke debat en onze bedrijven spelen een rol bij het bieden van oplossingen. We staan sterk in een aanhoudend krappe arbeidsmarkt, onder meer door de ruime loonstijging van de afgelopen jaren. De stijgende lonen vormen ook een paradox: de loonkosten gaan omhoog, dat maakt onze diensten duurder en dat kan de dienstverlening remmen.’

    Zo reageert voorzitter Ard van der Steur namens de Nederlandse Veiligheidsbranche op het rapport ‘Ontwikkelingen in de beveiligingsbranche. Kwantitatieve branchescan beveiligingssector 2025’ – kortweg: de branchescan.

    De geringe omzetgroei – met 1% in 2025 beneden de vooraf uitgesproken verwachting – verklaart Van der Steur uit een veranderende focus binnen het Nederlandse bedrijfsleven. ‘De concurrentiepositie van Nederland is aan het verslechteren, zo blijkt uit alle economische rapporten. Tel daarbij op de aanhoudende onzekerheid over de wereldeconomie en geopolitieke stabiliteit. Bedrijven zijn in zulke omstandigheden wel gedwongen in de kostenbeheersingsmodus te gaan staan. En dat is voor veel dienstenleveranciers slecht nieuws, dus ook voor ons.’ Tegelijkertijd signaleert hij wel een groeiende bezorgdheid over veiligheid in het algemeen.

    Dat in die omstandigheden toch nog groei werd geboekt, is volgens de voorzitter een weerspiegeling van de lange-termijntrends op het vlak van veiligheid. ‘Veiligheidsvraagstukken domineren het publieke debat. Dan gaat het zowel om de grote veiligheid, de veiligheid van het land, als om de kleine veiligheid, de veiligheid op straat, in het bedrijf, in en rond het huis. Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het bieden van oplossingen voor deze categorieën. Dat zal zich blijven vertalen in groeiende vraag naar onze diensten.’

    De opdracht die beveiligingsbedrijven zichzelf daarbij wel moeten meegeven is verhoging van de productiviteit, stelt Van der Steur. ‘We moeten steeds slimmer werken. Technologie ontwikkelen en inzetten om meer dienstverlening te bieden met evenveel personeel en tegen een scherpe prijs.’

    Verhoging van de productiviteit (meer omzet per medewerker) is volgens de branchevoorzitter ook het enige antwoord op de stijgende personeelskosten. ‘De loonkosten gaan vooral omhoog omdat we steeds betere salarissen bieden. En dat willen we blijven doen. Onze cao biedt een heel concurrerend pakket. We vinden dat beveiligers goed moeten verdienen. Maar om dan bedrijfseconomisch gezond te blijven, moeten die bedrijven steeds slimmer werken. Onvermijdelijk.’

    Zijn stijgende loonkosten één kant van de medaille van goede salarissen, wervingskracht is de andere kant. Van der Steur: ‘Ja, we hebben veel vacatures en het is al jarenlang moeilijk alle vacatures te vervullen. Maar de beveiligingsbranche is niet de enige sector waar men moeite heeft personeel te vinden. Er wordt van alle kanten ontzettend hard getrokken aan MBO’ers. Dat maakt dat mensen met een beveiligingsdiploma op zak niet automatisch kiezen voor een baan bij een beveiligingsbedrijf. Ze hebben baanalternatieven. Wij zijn er afgelopen jaar prima in geslaagd om een positief personeelssaldo te behalen. Dat kan alleen met een combinatie van interessante banen en goede arbeidsvoorwaarden.’

    Op het vlak van personeelszaken ziet Van der Steur meer positieve zaken. ‘Onze bedrijven geven blijk van goed werkgeverschap. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het dalende ziekteverzuim. Ziekteverzuim is slecht voor iedereen – voor de betreffende werknemer, voor het bedrijf, voor de samenleving. Dat onze ondernemingen met gepaste maatregelen hun medewerkers proberen fit te houden en daar het afgelopen jaar beter in zijn geslaagd, verdient een dik compliment.’

    ‘En dan is er nog dat hoofdpijndossier dat hopelijk dit jaar wordt afgesloten – het zzp-vraagstuk. We hebben afgelopen jaar een sterke terugloop gezien in de inhuur van zzp’ers. Daarmee is het fenomeen van de concurrentieverstorende schijnzelfstandige gekrompen en gelukkig heeft een substantieel aantal ex-zzp’ers gekozen voor een dienstverband. Nu is het aan de wetgever om nieuwe wetgeving zo in te richten dat de schijnzelfstandige tot het verleden behoort. Maar dan wel zo dat tegelijkertijd onze bedrijven voldoende flexibel personeel kunnen vinden om voldoende snel te kunnen op- en afschalen.’

  • Branchescan beveiligingssector 2025: meer beveiligers in vaste dienst; loonstijgingen remmen sectorale groei

    Branchescan beveiligingssector 2025: meer beveiligers in vaste dienst; loonstijgingen remmen sectorale groei

    Branchescan beveiligingssector 2025: meer beveiligers in vaste dienst; loonstijgingen remmen sectorale groei

    Gorinchem, 20 mei 2026 – Meer beveiligers in vaste dienst en minder inhuur van zzp’ers. Een lichte omzetstijging, maar vooral ook stijgende salarissen van beveiligers die -hoewel positief ook – de groei van de dienstverlening afremmen. Het aantal ‘instromers‘ – nieuwe medewerkers – blijft hoog, terwijl het ziekteverzuim  daalt. Dat zijn in een notendop de uitkomsten van de branchescan 2025.

    Uit de branchescan, een jaarlijks onderzoek naar het wel en wee van de beveiligingsbranche, dat door de Nederlandse Veiligheidsbranche wordt uitgevoerd, blijkt dat in 2025 de omzet van beveiligingsbedrijven met 1% steeg van 1,910 miljard in 2024 naar 1,929 miljard. Dat is aanzienlijk minder dan de stijgingen van eerdere jaren. Voor 2026 zijn de vooruitzichten beter. Alle bedrijven verwachten in 2026 tenminste een gelijkblijvende omzet (40% van de bedrijven) of een omzetstijging (60%). Een stijging ziet men met name voortkomen uit een groei van het aantal klanten, minder door betere tarieven. De verwachte omzetstijging is gemiddeld 9%. In de evenementenbeveiliging was sprake van een omzetdaling van 3% naar 63,2 miljoen.

    Het aantal beveiligers daalde afgelopen jaar met 0,5 %, van 30.710 naar 30.585. Achter die daling gaat een ingewikkeld beeld schuil. De daling betreft vooral zogenoemde ‘indirecten’ – beveiligers die tijdelijk worden ingehuurd, maar niet op de loonlijst staan. Hun aantal daalde met 9%, van 5.700 naar 5.200. Het aantal beveiligers in loondienst steeg daarentegen met 1,5% van 25.010 naar 25.385. Deze ontwikkeling gaat gelijk op met een afname van het gebruik van zzp’ers. Dat daalde met 20% in 2025.   

    Op de – nog steeds krappe – arbeidsmarkt handhaaft de beveiligingsbranche zich wonderwel. Het arbeidsvoorwaardenpakket blijkt concurrerend – in 2025 kregen beveiligers een loonsverhoging van 4,5%, in 2026 volgt een nieuwe loonstijging. Wel blijkt dat beveiligers op de huidige markt veel baanalternatieven hebben. Tegenover een instroom van beveiligers in de bedrijfstak van 4.120 personen (iets minder dan de  4.400 van 2024) stond een uitstroom van 3.180 beveiligers (ook iets minder dan de 3.500 van 2024). In 2025 werden 4.810 diploma’s Beveiliger-2 uitgereikt.

    De leeftijdssamenstelling van de beveiligingspopulatie verandert langzaam: het aandeel mensen van 45 jaar of ouder blijft gelijk (46%), het aandeel 55+ neemt iets toe. Met deze ‘vergrijzing’ neemt echter ook de ‘vergroening’ toe: het aandeel werknemers jonger dan 35 jaar steeg ook licht, van 36% naar 37%. De verdeling man-vrouw was in 2025 ongewijzigd: 72% vs. 28%. Ook het aantal deeltijders blijft gelijk: 83%. Het ziekteverzuim ontwikkelde zich positief met een daling van 6,0% naar 5,6%.

    Ondanks de relatief gunstige arbeidsmarktcijfers blijft het nog steeds moeilijk om snel en voldoende nieuw personeel aan te trekken. Aan het einde van 2025 waren er 3.700 openstaande vacatures in de beveiliging – iets minder dan de 4.100 einde 2024, maar nog steeds is dat substantieel. Het vervullen van vacatures duurt daarbij lang: 30% van de respondenten meldt een vacaturetijd van tussen de 8 en 12 weken.

    Nog een opmerkelijke ontwikkeling: het aantal voertuigen daalde van 846 naar 760. Inmiddels is 42% van die auto’s elektrisch (was 37% in 2024).

    Het rapport ‘Ontwikkelingen in de beveiligingsbranche. Kwantitatieve branchescan beveiligingssector 2025’ – kortweg: de branchescan – is een overzicht van de ontwikkelingen in de beveiligingssector gebaseerd op een representatieve steekproef.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Denk vooruit, denk aan noodsituaties’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Denk vooruit, denk aan noodsituaties’

    Nederlandse Veiligheidsbranche: ‘Denk vooruit, denk aan noodsituaties’

    Denk vooruit, denk aan de gevolgen voor het bedrijf van een noodsituatie en wat het bedrijf dan moet doen.’ Dat is het advies van de Nederlandse Veiligheidsbranche aan alle Nederlandse beveiligingsbedrijven in reactie op de start van de op 11 mei gestarte campagne Draait jouw bedrijf door als Nederland uitvalt? van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK).

    Met de campagne roept het ministerie het bedrijfsleven op om de mogelijk gevolgen van de verslechterde internationale veiligheidssituatie te doordenken en de eigen weerbaarheid te versterken. De oproep aan bedrijven is om zich voor te bereiden op:

    • uitval van internet en telefonie (72 uur of langer);
    • uitval van elektriciteit (72 uur of langer);
    • een situatie waarin Nederland betrokken raakt bij een militair conflict.

    Een centraal onderdeel van de campagne is het maken van een draaiboek om scenario’s vast te leggen.

    Eerder presenteerde de Nederlandse Veiligheidsbranche al een eigen ‘scenariokaart Langdurige stroomuitval (72 uur)’. Deze handreiking ondersteunt beveiligingsorganisaties bij de voorbereiding op en het handelen tijdens een langdurige verstoring van de elektriciteitsvoorziening.

  • ‘PPS is meer dan praten, het is ook doen’

    ‘PPS is meer dan praten, het is ook doen’

    ‘PPS is meer dan praten, het is ook doen’

    Gorinchem, 7 mei 2026 – ‘Publiek-private samenwerking blijft vaak steken in gesprekken. BlueBridge Group laat zien dat je PPS óók kunt dóen. Met de nadruk op doen! Dan is het vooral een zaak van het analyseren van belangen en van creatief combineren van belangen.’ Dat zei voorzitter Ard van der Steur van de Nederlandse Veiligheidsbranche tijdens het werkbezoek dat hij deze week samen met algemeen secretaris Trees van den Broeck bracht aan de BlueBridge Group in Breda. Dat bedrijf is opgericht en wordt geleid door Joeri van Ham, tevens gastheer tijdens het werkbezoek. 

    Circulaire HR binnen het veiligheidsdomein

    BlueBridge Group is een uniek bedrijf binnen het Nederlandse veiligheidsdomein, constateerden Van den Broeck en Van der Steur. ‘Dit bedrijf heeft een dienst ontwikkeld die de belangen combineert van overheidsdiensten op het vlak van veiligheid, van de beveiligingssector én van mensen die in de beveiligingssector willen werken. Dat is uniek.’  

    Het gat in de markt dat BlueBridge Group opvult, betreft de personeelsvraag van de publieke veiligheidssector, bijvoorbeeld politie of defensie. De arbeidsmarkt voorziet onvoldoende in die vraag naar medewerkers. Tegelijkertijd zijn er veel mensen die wél die vacatures willen opvullen, maar die (nog) niet aan de vereiste kwalificaties voldoen of over de gewenste vaardigheden beschikken. Directeur Joeri van Ham: ‘Dat zijn er heel veel – mensen die graag bij bijvoorbeeld de politie willen werken, maar nu nog niet worden aangenomen. Wij begeleiden zulke mensen zodat ze binnen een aantal jaren kunnen doorgroeien en vervolgens wél succesvol het selectieproces kunnen doorlopen.’ 

    Voor dat doel startte BlueBridge Group de zogenoemde Stichting Blauwe Leerlijn. Blauwe Leerlijn begeleidt en ontwikkelt mensen qua kennis, houding en persoonlijke ontwikkeling als voorbereiding op het selectieproces van bijvoorbeeld de politie. Tijdens het doorlopen van de Blauwe Leerlijn doen deelnemers werkervaring op bij beveiligingsbedrijven — velen zijn zelfs al gediplomeerd beveiliger. 

    BlueBridge Group is mede tot stand gekomen met steun van het Kenniscentrum Bewaken en Beveiligen van de NCTV, dat de noodzaak van een dergelijke verbindende functie tussen publieke en private veiligheid vroeg onderkende. Het belang van publiek-private samenwerkingen wordt onderschreven door o.a. de Politie, Defensie en de NCTV. Samen met de Stichting Blauwe Leerlijn wordt nu gewerkt aan een concrete en duurzame invulling van de tweede fase van deze PPS, samen met de Nederlandse Veiligheidsbranche en publieke stakeholders.  

    Van der Steur lachend: ‘Waar wij als belangenbehartigers al heel lang aan het praten zijn met hoge beslissers bij Politie en Justitie, over verbetering van de samenwerking tussen hun publieke organisaties en onze private bedrijven, heeft BlueBridge het gewoon gedaan. Petje af!’ 

  • Onderzoek doen naar ‘sociale veiligheid op de werkvloer? Gebruik het protocol!

    Onderzoek doen naar ‘sociale veiligheid op de werkvloer? Gebruik het protocol!

    Onderzoek doen naar ‘sociale veiligheid op de werkvloer? Gebruik het protocol!

    Gorinchem, 06 mei 2026 –‘Organisaties die onderzoek doen naar Sociale Veiligheid op de werkvloer kunnen gebruik maken van het nieuwe onderzoeksprotocol dat de Nederlandse Veiligheidsbranche heeft uitgebracht.’

    Het nieuwe onderzoeksprotocol speelt in op de ontwikkeling dat steeds vaker organisaties onderzoek (laten) doen naar sociale veiligheid op de werkvloer. In de praktijk ontstaat daarbij echter vaak verwarring tussen een cultuuronderzoek en een persoonsgericht onderzoek. Waar eerstgenoemde categorie kijkt naar de algemene omstandigheden binnen een organisatie, gaat het bij de tweede categorie om het in beeld brengen van het gedrag van een of meerdere individuen. Dat laatste ligt veel gevoeliger en vraagt om veel zorgvuldigheid en om specifieke deskundigheid van een onderzoeksbureau.

    Voorzitter Vanessa Middelkoop van de sectie POB van de Nederlandse Veiligheidsbranche is blij met het nieuwe onderzoeksprotocol: ‘Het protocol schetst een heldere lijn tussen beide de twee verschillende soorten onderzoek.  Dat is nodig voor zorgvuldigheid, rechtsbescherming en voor de kwaliteit van besluitvorming naar aanleiding van een onderzoek.’ Volgens Middelkoop ondersteunt het protocol daarmee organisaties en onderzoeksbureaus bij het zorgvuldig, onafhankelijk en proportioneel uitvoeren van dit type onderzoek en maakt duidelijk waar de grenzen liggen.

    Het protocol ‘sociale veiligheid op de werkvloer’ is het derde in een reeks. Eerder verschenen onderzoeksprotocollen rond de thema’s ‘grensoverschrijdend gedrag’ en ‘fraude’.

  • De Nederlandse Veiligheidsbranche wil vooraf duidelijkheid over schijnzelfstandigheid

    De Nederlandse Veiligheidsbranche wil vooraf duidelijkheid over schijnzelfstandigheid

    De Nederlandse Veiligheidsbranche wil vooraf duidelijkheid over schijnzelfstandigheid

    De Nederlandse Veiligheidsbranche adviseert minister Aartsen van onder meer arbeidsmarktzaken om een zogenoemd sectoraal rechtsvermoeden voor zzp’ers in te voeren specifiek voor de beveiligingssector. Daarmee krijgen zzp-beveiligers en beveiligingsbedrijven vooraf duidelijkheid over de vraag of er in hun samenwerking sprake is van écht zzp-schap of toch van een verborgen arbeidsrelatie (werknemerschap).

    De Nederlandse Veiligheidsbranche schrijft dat in een brief aan de minister in het kader van de ontwikkelingen rond de zzp-wetgeving. Van Aartsen werkt aan een nieuwe wet, de Zelfstandigenwet, waarin dat geregeld zou kunnen worden. De suggestie van de Nederlandse Veiligheidsbranche gaat in het bijzonder in op één mogelijk aspect van de nieuwe wet: een zogenoemd ‘sectoraal rechtsvermoeden’.

    Een sectoraal rechtsvermoeden kan – door het hanteren van aanvullende criteria in sectoren waarop de kans op schijnzelfstandigheid groot is – betekenen dat er duidelijkheid komt of er wel of niet als zelfstandige arbeid kan worden verricht. Voldoet hij inderdaad niet aan de criteria van het rechtsvermoeden, dan kan de persoon aanspraak maken op een arbeidsovereenkomst en de daarbij horende arbeidsvoorwaarden en rechtsbescherming.

    Met een sectoraal rechtsvermoeden kan schijnzelfstandigheid worden tegengegaan. Van Aartsen heeft de mogelijkheid opengehouden om per sector zo’n rechtsvermoeden in te voeren, in het bijzonder sectoren met een verhoogd risico op schijnzelfstandigheid. De beveiligingsbranche is zo’n sector. Een sectoraal rechtsvermoeden ‘zou voor alle betrokken partijen in onze sector voldoende handelingsperspectief moeten bieden zodat effectieve bestrijding van schijnzelfstandigheid mogelijk is,’ schrijft de bedrijfstakvereniging.

    In de brief uit de vereniging ook haar zorgen over waarschijnlijke afschaffing van het nulurencontract en het verder beperken van de zogeheten ketenbepaling. ‘Deze contractvorm komt veelvuldig voor in onze sector, vooral in de evenementen,- en horecabeveiliging te meer omdat voor veel evenementen,- en horecabeveiligers het werken op een festival of evenement een “bijbaan” is naast een baan in de reguliere beveiliging of zelfs in andere sectoren. Wij zullen in contacten met Tweede Kamerfracties onze zorgen overbrengen en wij blijven pleiten voor een uitzonderingspositie.’