Tag: wpbr

  • De integriteit van integriteitsonderzoek

    De integriteit van integriteitsonderzoek

    De integriteit van integriteitsonderzoek

    Tilburg, 16 juni 2022 – In een serie verslaggeverscolumns gaat Ariejan Korteweg, politiek verslaggever bij de Volkskrant, in op de vraag hoe het eigenlijk zit met de integriteit van integriteitsonderzoekers. Koos Schoonbeek, directeur bij Pinkerton, pleit voor verdere professionalisering van de onderzoeksbranche. Als voorzitter van de sectie Particulier Onderzoeksbureau (POB) van de Nederlandse Veiligheidsbranche geeft hij duiding aan de vraag van Korteweg.

    Nederlandse Veiligheidsbranche en Keurmerk Particulier Onderzoeksbureau

    Particuliere onderzoeksbureaus zijn aangesloten bij de sectie POB van de Nederlandse Veiligheidsbranche of Branchevereniging voor Particuliere Onderzoeksbureaus (BPOB). “Leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche zijn in bezit van het Keurmerk Particulier Onderzoeksbureau,” zegt Schoonbeek. Het Keurmerk Particulier Onderzoeksbureau is bestemd voor particuliere onderzoeksbureaus die in opdracht van derden onderzoekswerkzaamheden verrichten en een vergunning hebben zoals bedoeld in de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr). De zogenaamde POB-vergunning. “Keurmerkhouders ondergaan een periodieke audit waarin wordt geëvalueerd of zij nog voldoen aan de kernwaarden – kwaliteit, professionaliteit, integriteit en betrouwbaarheid – van het Keurmerk. Waar de gedragsrichtlijn voor forensisch accountants (kennelijk) is verwaterd tot een handreiking, ligt er een gedegen basis onder het Keurmerk Particulier Onderzoeksbureau.Beide brancheverenigingen verkennen de mogelijkheden om verder samen te werken op het gebied van certificering en audits.

    Privacygedragscode sector Particuliere Onderzoeksbureaus

    Na ondertekening door de minister van Justitie en Veiligheid is begin dit jaar de Privacygedragscode sector Particuliere Onderzoeksbureaus (PPO) gepubliceerd. Deze gedragscode is opgesteld door de Nederlandse Veiligheidsbranche en geldt voor alle particuliere onderzoeksbureaus die een vergunning hebben. “Binnen de kaders van het Keurmerk Particulier Onderzoeksbureau werken we al jaren met een privacygedragscode die is gebaseerd op de oude Wet bescherming persoonsgegevens en die is aangepast na implementatie van de Algemene verordening gegevensbescherming. Publicatie van de aangepaste versie markeert de ontwikkeling van de gedragscode.”

    Gedragsrichtlijnen als integraal onderdeel van de Wpbr

    Omdat sprake is van een versnipperde sector heeft de Nederlandse Veiligheidsbranche bij het ministerie van Justitie en Veiligheid aangedrongen om de privacygedragscode wederom integraal onderdeel te maken van de Wpbr, het strikte wettelijke kader waar particuliere beveiligers en onderzoeksbureaus onder werken. De diverse stakeholders trekken samen op bij de modernisering van de Wpbr. “Het is van belang dat goede tussentijdse afspraken worden gemaakt over samenwerking en uitvoeringskaders, de gedragscode is daar een mooi concreet voorbeeld van.” Modernisering van de Wpbr wordt door de Nederlandse Veiligheidsbranche beschouwd als goed moment om de vergunningseisen voor een particulier onderzoeksbureau te herijken en waar noodzakelijk aan te scherpen. “Het is één van punten die we op de ontwikkelagenda hebben gezet. Onlangs hebben we nog maar een keer opgeroepen om door te pakken met modernisering van de Wpbr.”

    Kwaliteit zo transparant en tastbaar mogelijk maken

    Schoonbeek sluit zich aan bij verslaggever Korteweg dat ook integriteitsonderzoekers zelf behoefte hebben aan regels, keurmerken en tuchtrecht. “Korteweg erkent dat de respectabele bureaus in dit land over het algemeen prima werk doen. Aan ons leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche de taak om dit waar mogelijk zo transparant en tastbaar mogelijk te maken,” besluit Schoonbeek.

  • ‘Moderniseer Wpbr en verbeter toezicht en handhaving door de politie’

    ‘Moderniseer Wpbr en verbeter toezicht en handhaving door de politie’

    ‘Moderniseer Wpbr en verbeter toezicht en handhaving door de politie’

    Gorinchem, 11 mei 2022 – De Nederlandse Veiligheidsbranche roept op om door te pakken met modernisering van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr) en pleit opnieuw voor verbetering van toezicht en handhaving van die wet door de politie. Dat doet de branchevereniging in voorbereiding op een debat van de vaste kamercommissie voor Justitie en Veiligheid over de politie. Het recente rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid over falend toezicht op particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus staat prominent op de agenda.  

    “De Inspectie Justitie en Veiligheid heeft nu drie keer op rij geconstateerd dat het toezicht door politie op de verouderde Wpbr onvoldoende is”, zegt voorzitter Ard van der Steur namens de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Investeer in een efficiënt en betrouwbaar systeem voor vergunningsverlening en geef politie de ruimte om daar effectief toezicht omheen te organiseren.”  

    In een brief aan benoemde kamercommissie pleit de Nederlandse Veiligheidsbranche voor modernisering van de wet, coördinatie vanuit één centraal aanspreekpunt op het ministerie, verbetering op het gebied van vergunningsverlening én verbetering op toezicht en handhaving van de Wpbr door de politie.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche is zich bewust van de omvangrijke taak waar de politie voor staat, komt met concrete voorstellen en pleit voor meer en betere samenwerking die kan helpen deze taak uitvoerbaar te houden. De huidige Minister van Justitie en Veiligheid heeft een visie op publiek-private samenwerking tussen de politie en de veiligheidsbranche toegezegd voor het zomerreces.

  • ‘Publiek-private samenwerking rond arrestantenzorg’

    ‘Publiek-private samenwerking rond arrestantenzorg’

    ‘Publiek-private samenwerking rond arrestantenzorg’

    Gorinchem, 2 februari 2022 –Bij herhaling pleit de Nederlandse Veiligheidsbranche voor meer publiek-private samenwerking in het veiligheidsdomein. Op donderdag 17 februari staat een volgend commissiedebat gepland over de politie. Vooruitlopend op dat debat verdiept de Nederlandse Veiligheidsbranche haar visie op samenwerking met dit onderdeel van de veiligheidsketen. “De taak waar de politie voor staat, zeker met het oog op de aanpak van georganiseerde criminaliteit en ondermijning, is zeer omvangrijk”, volgens Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Meer en betere samenwerking met de veiligheidsbranche kan helpen die taak uitvoerbaar te houden”.

    Particuliere beveiligers voor arrestantenzorg

    Arrestantenzorg is één van de taken die de politie uitvoert en die op de agenda staat van het volgende commissiedebat. Tijdens dat debat behandelt de Vaste Commissie voor Justitie en Veiligheid een vertrouwelijke analyse van Andersson Elffers Felix (AEF) over arrestantenzorg. “Daar waar capaciteit een bottleneck vormt voor adequate uitvoering van de taak, kan publiek-private samenwerking een oplossing bieden”,  aldus Van der Steur. Hij benoemt politie-eenheid Oost-Nederland als een voorbeeld waar kwaliteit en beschikbaarheid van functies haalbaar zijn gebleken in de praktijk door publiek-private samenwerking.

    Concrete voorstellen betere samenwerking politie en veiligheidsbranche

    In een open brief komt de Nederlandse Veiligheidsbranche met concrete voorstellen om de samenwerking tussen politie en veiligheidsbranche te verstevigen. Naast arrestantenzorg door particuliere beveiligers zijn gezamenlijke werving in een krappe arbeidsmarkt en ondersteuning rond evenementen, horeca en winkels daar voorbeelden van. Modernisering van de Wet op de particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (WPBR) en controle en handhaving daarvan zijn belangrijke randvoorwaarden.

  • Nederlandse Veiligheidsbranche blij met extra geld voor veiligheid

    Nederlandse Veiligheidsbranche blij met extra geld voor veiligheid

    Nederlandse Veiligheidsbranche blij met extra geld voor veiligheid

    De Nederlandse Veiligheidsbranche is blij dat het demissionaire kabinet in de Miljoenennota 524 miljoen euro extra uittrekt voor de aanpak van ondermijning en criminaliteitsbestrijding. In een eerste reactie op de kabinetsplannen zegt de branchevereniging begrip te hebben voor het feit dat het kabinet in de huidige omstandigheden met een ‘beleidsarme’ begroting is gekomen.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche zegt wel te hopen dat kabinet en Tweede Kamer de komende tijd echt werk gaan maken van het versterken van de publiek-private samenwerking tussen overheid (politie) en particuliere beveiligingsbedrijven. In de begroting wordt structureel geld vrijgemaakt voor de Platforms Veilig Ondernemen, waarin politie, justitie, gemeenten, brancheorganisaties en de ondernemers samenwerken aan veiligheidsproblemen. Daar moet het echter niet bij blijven: “Goede tools om preventief te kunnen acteren tegen criminaliteit, zoals informatie-uitwisseling, blijven een punt van aandacht.”

    Verder roept de branche kabinet en Kamer op om nu echt haast te maken met vernieuwing van de Wet Particuliere Beveiligingsorganisaties en Recherchebureaus (Wpbr), die uit 1997 dateert en zodanig verouderd is dat zowel de politie als beveiligingsbedrijven er veel last van hebben. Zoals het er nu uitziet, zal de nieuwe Wpbr in 2022 worden ingediend bij de Tweede Kamer.

  • Groene passen automatisch een jaar langer bruikbaar

    Groene passen automatisch een jaar langer bruikbaar

    Groene passen automatisch een jaar langer bruikbaar

    Gorinchem, 17 november 2020 – Passen voor studenten die in opleiding zijn als beveiliger (groene passen) en die aflopen tussen 1 april 2020 en 1 april 2021, blijven automatisch een jaar langer geldig. Dit heeft minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) besloten op aandringen van de Nederlandse Veiligheidsbranche, het examenbureau SVPB en de Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB).

    Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche, is blij met dit besluit. “Het is essentieel dat aspirant-beveiligers, ondanks de moeilijke tijden, in staat gesteld worden hun opleiding af te sluiten met een vakdiploma. Als de coronacrisis hopelijk snel voorbij is, dan heeft onze branche weer dringend behoefte aan veel goed opgeleide vakmensen.”

    Groene legitimatiebewijzen voor aspirant-beveiligers (studenten in opleiding) zijn op grond van de Regeling particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus onder normale omstandigheden een jaar geldig.

  • Ard van der Steur over beveiligingsbedrijven in coronatijd

    Ard van der Steur over beveiligingsbedrijven in coronatijd

    Ard van der Steur over beveiligingsbedrijven in coronatijd

    Hoe staat het ervoor in de veiligheidsbranche? Wat zijn de uitdagingen voor de komende maanden en jaren? Ard van der Steur, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche, vertelt het. Hij bespreekt de acute problemen in de horeca- en evenementenbeveiliging en wat nodig is om de branche op langere termijn te versterken.

    Op 10 november vroeg de Nederlandse Veiligheidsbranche al aandacht voor de veiligheid van de Nederlandse samenleving via een brief aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal. In de begroting ontbreken essentiële zaken als:

    • Modernisering van de Wpbr
    • Visie op publiek-private samenwerking
    • Ondersteuning evenementen- en horecabeveiliging
  • Internetconsultatie Havenbeveiligingswet

    Internetconsultatie Havenbeveiligingswet

    Internetconsultatie Havenbeveiligingswet

    Gorinchem, 28 augustus 2020 – In de zomer hebben we u om een reactie gevraagd ten behoeve van de internetconsultatie door het ministerie van I&M inzake de wijziging van de Havenbeveiligingswet.

    Met deze wijziging wordt de centrale examinering van de havenbeveiligingsopleiding geregeld. Daarnaast wordt de verplichting ingevoerd dat havenbeveiligers elke 5 jaar opnieuw geëxamineerd worden. Tevens wordt duidelijker de link gelegd met de Wpbr, wat een level playing field zeer ten goed komt.

    Vanuit de paritaire stuurgroep Opleiden van het Sociaal Fonds Particuliere beveiliging is gisteren bijgevoegde reactie (inclusief reactie werkgevers)  ingediend.

  • Uitspraak Commissie van Beroep Nederlandse Veiligheidsbranche

    Uitspraak Commissie van Beroep Nederlandse Veiligheidsbranche

    Uitspraak Commissie van Beroep Nederlandse Veiligheidsbranche

    Gorinchem, 20 december 2019 – Op 5 november 2019 heeft de Commissie van Beroep van de Nederlandse Veiligheidsbranche een uitspraak gedaan. Hiermee wordt gevolg gegeven aan de mogelijkheid om door een onafhankelijke commissie te laten toetsen of leden van de vereniging zich houden aan de gedragscode en de Privacygedragscode.

    Klachten

    De wet (WPBR) bepaalt dat als iemand zich benadeeld voelt door het optreden van een particuliere beveiligingsorganisatie (of recherchebureau), hij een klacht kan indienen bij de directie van het bedrijf. Dit geldt voor alle beveiligingsorganisaties, dus zowel voor leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche als voor niet leden. 

    Voor leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche is de wettelijke klachtenprocedure verlengd. Als iemand een klacht heeft ingediend tegen een bij ons aangesloten bedrijf, kan hij – indien hij het niet eens is met de uitspraak – beroep indienen bij de Commissie van Beroep. Deze commissie is ingesteld door de Nederlandse Veiligheidsbranche, maar de leden van deze commissie zijn volstrekt onafhankelijk en onpartijdig.  

    Uitspraken

    De uitspraak van de commissie is bindend voor partijen met ingang van de dag waarop hij is gedaan. De commissie is bevoegd de beklaagde één of een combinatie van maatregelen op te leggen. Welke maatregelen dit zijn, is te vinden in het reglement. 

    Zaak 3051621

    Op 5 november heeft er een zitting plaatsgevonden van de Commissie van Beroep. De klacht van klaagster richtte zich op schending van privacy en het te beperkt en subjectief uitvoeren van het onderzoek. De Commissie van beroep heeft klaagster op beide punten in het gelijk gesteld. Daarbij heeft de Commissie onder meer de volgende maatregel opgelegd: de openbaarmaking van deze uitspraak, geanonimiseerd, door verspreiding hiervan via de nieuwsbrief en de website van de Nederlandse Veiligheidsbranche. 

    De uitspraak van de Commissie van beroep vindt u links. Een afschrift hiervan wordt via de nieuwsbrief van december 2019 verspreid. 

  • Wetgeving inzet zzp’ers wordt feitelijk niet nageleefd

    Wetgeving inzet zzp’ers wordt feitelijk niet nageleefd

    Wetgeving inzet zzp’ers wordt feitelijk niet nageleefd

    Gorinchem, 9 december 2019 – De wetgeving voor de inzet van zelfstandigen door beveiligingsbedrijven is tegenstrijdig. Terwijl de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr) het inschakelen van zzp’ers feitelijk uitsluit, worden in de praktijk steeds meer zogeheten ND-vergunningen voor het uitoefenen van een beveiligingsbedrijf afgegeven aan zelfstandigen. Dit heeft een “negatieve invloed op de kwaliteit van de beveiligingsdienstverlening en de veiligheid”, aldus de Nederlandse Veiligheidsbranche in een reactie op nieuwe wetgeving inzake zzp’ers.

    De brancheorganisatie reageert op het voorstel van het kabinet voor de Wet minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring. Doel van deze wet is zelfstandigen/werknemers en hun opdrachtgevers/werkgevers meer zekerheid geven over de kwalificatie van hun arbeidsrelatie.

    Punt is echter dat de Wpbr de inzet van zzp’ers formeel eigenlijk uitsluit. Op grond van die wet zijn beveiligingsbedrijven verplicht om zelf een ND-vergunning te hebben (af te geven door Dienst Justis) en bij de inzet van werkenden (in loondienst of als zelfstandige) een beveiligingsvergunning op naam aan te vragen. “Daarmee is ‘vrije vervanging’ feitelijk niet mogelijk”, zegt de Nederlandse Veiligheidsbranche. “Ook zal een beveiliger als gevolg van de kenmerken van de Wpbr en de aard van de werkzaamheden in de praktijk vrijwel altijd ‘onder gezag’ werken.” Ook dat belemmert echte zelfstandigheid.
    Dat niettemin het aantal zzp’ers groeit zien de branche en de politie, die toezicht houdt, als een negatieve ontwikkeling.

    In het wetsvoorstel van het kabinet is volgens de Nederlandse Veiligheidsbranche sowieso niet gekeken naar knelpunten die specifiek zijn voor de beveiligingssector. Ook het feit dat voor zzp’ers straks een algemeen geldend minimumtarief gehanteerd moet worden van 16 euro per uur, vindt de branche geen goed idee. Zo’n tarief zou best eens de norm kunnen worden voor opdrachtgevers. “De race naar de bodem is dan echt ingezet.”
    Als er al een minimumtarief zou moeten gelden dan opteert de Nederlandse Veiligheidsbranche voor een systeem dat in de architecten-cao is ingevoerd namelijk een tarief van 150 procent van het salaris van een vergelijkbare werknemer (in dit geval beveiliger) in loondienst. “Op die manier wordt concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen.”

    De Nederlandse Veiligheidsbranche behartigt de belangen van bedrijven die zich bezighouden met beveiliging en beheersing van risico’s met betrekking tot personen, objecten en bedrijfsvoering. De omzet van de branche is circa 1,4 miljard euro. Van alle beveiligingsmedewerkers in Nederland werkt 90 procent bij een bedrijf dat is aangesloten bij de Nederlandse Veiligheidsbranche.