Blog

  • Gewijzigd certificatieschema Particuliere Alarmcentrales gepubliceerd

    Gewijzigd certificatieschema Particuliere Alarmcentrales gepubliceerd

    Gewijzigd certificatieschema Particuliere Alarmcentrales gepubliceerd

    Utrecht, 2 juli 2019 – Per 1 april 2019 is de gewijzigde Regeling particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (RPBR) van kracht. Hierbij moeten Videotoezichtcentrales (VTC’s) voldoen aan de eisen voor Particuliere Alarmcentrales (PAC), namelijk een vergunning op basis van het CCV-certificaat Particuliere Alarmcentrales.

    Naar aanleiding van deze wijziging is het certificatieschema Particuliere Alarmcentrales aangepast. Op 1 juli 2019 heeft het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (het CCV) het gewijzigde certificatieschema PAC gepubliceerd. De wijzigingen in versie 3.0 zijn zo minimaal mogelijk gehouden, passend bij de wijzigingen in de RPBR. Voor Videotoezichtcentrales worden eisen gesteld aan de control room

    Het certificatieschema voorziet in deelcertificatie: Particuliere Alarmcentrales en/of Videotoezichtcentrales.

    Met de publicatie van het gewijzigde schema kunnen PAC’s en VTC’s zich voorbereiden op het certificatieproces en de aanvraag indienen bij certificatie-instelling Kiwa FSS Certification.

  • Wat staat er in het pensioenakkoord?

    Wat staat er in het pensioenakkoord?

    Gorinchem – 28 juni 2019 – Na jaren onderhandelen hebben werkgevers, vakbonden en kabinet een akkoord bereikt over de toekomst van de pensioenen. Er zijn oplossingen gevonden om bij zwaar werk eerder met pensioen te kunnen en de AOW-leeftijd stijgt minder snel dan het kabinet zich aanvankelijk had voorgenomen. Ook ontstaat perspectief op het weer kunnen verhogen van de pensioenen. Het pensioenstelsel wordt bovendien eerlijker, transparanter en persoonlijker. Wat dit voor de beveiligingsbranche betekent zal verder aan de cao-tafel moeten worden uitgewerkt. Een overzicht van de belangrijkste afspraken:

    Twee pensioencontracten

    Naast de Wet verbeterde premieregeling wordt er een nieuwe premieovereenkomst toegevoegd met meer collectieve risicodeling. Beide contracten bieden een grotere kans op verhoging van de pensioenen, doordat geen enorme buffers meer te hoeven worden opgebouwd, zoals nu. De premie wordt in het arbeidsvoorwaardenoverleg bepaald en is langdurig stabiel wat zekerheid geeft aan werkgevers en werknemers en tevens zorgt voor minder effecten op de conjunctuur. Zie voor de twee pensioencontracten het SER-advies. Deelnemers krijgen veel beter inzicht in hun pensioenopbouw en wat ze mogen verwachten op termijn. De mogelijkheden van waardeoverdracht worden sterk verbeterd, waardoor het stelsel beter past bij de moderne arbeidsmarkt en deelnemers krijgen de keuze een beperkt deel van hun pensioen op de pensioendatum ineens op te nemen.

    Afschaffing doorsneesystematiek

    Door afschaffing van de doorsneesystematiek gaat iedereen straks dezelfde pensioenpremie betalen, waardoor een eerlijker systeem ontstaat. Over de adequate compensatie en kostenneutrale transitie van de afschaffing zijn goede afspraken gemaakt. Voor de definitieve wetgeving kan pas groen licht worden gegeven als duidelijk is dat het nieuwe systeem voor alle pensioenregelingen werkt. 

    AOW-leeftijd

    De AOW-leeftijd wordt vanaf nu tot en met 2021 bevroren op 66 jaar en vier maanden en loopt daarna op tot 67 in 2024. De één op één koppeling van de pensioenleeftijd aan de levensverwachting is niet houdbaar en wordt teruggebracht vanaf 2025 naar 8 maanden voor elk jaar dat mensen ouder worden. Beide maatregelen zorgen ervoor dat de AOW-leeftijd wat minder snel stijgt en de AOW een solide basis van ons pensioenstelsel kan blijven. 

    Eerder stoppen met zwaar werk

    Naast een minder snelle stijging van de AOW-leeftijd zijn maatregelen afgesproken om te zorgen dat mensen met zwaar werk eerder kunnen stoppen dan de AOW-leeftijd. Dit gebeurt met maatwerk in de betreffende sectoren en ondernemingen. Werkgever en werknemer kunnen met wederzijdse instemming afspreken dat iemand tot drie jaar eerder stopt. De werkgever betaalt dan over de eerste 19.000 euro geen RVU-heffing. Verder kunnen mensen hun pensioen naar voren halen en komt er extra budget voor maatwerk. Deze afspraken zijn tijdelijk tot 2025. In de tussentijd worden structurele maatregelen verkend.

    Zzp’er kan eenvoudiger pensioen opbouwen

    Met de nieuwe pensioencontracten kunnen zzp’ers straks eenvoudiger pensioen opbouwen in de tweede pijler. Het wordt daarnaast fiscaal ook aantrekkelijker om zelf voor pensioen te sparen (derde pijler). Verder hebben kabinet, vakbonden en werkgevers afgesproken dat er een verplichte

  • Branchescan 2018: Optimisme heerst in veiligheidsbranche

    Branchescan 2018: Optimisme heerst in veiligheidsbranche

    Branchescan 2018: Optimisme heerst in veiligheidsbranche

    Gorinchem, 12 juni 2019 – De leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche hebben vorig jaar een omzetgroei van 1,3 procent gerealiseerd en verwachten dit jaar in omzet gemiddeld 3 procent te zullen groeien. “Daarmee wordt de stijgende lijn voortgezet, die in 2015 is begonnen”, aldus voorzitter Ard van der Steur.

    Aantal (vrouwelijke) werknemers stijgt 

    Ook het aantal werknemers is in 2018 weer licht gestegen (plus 0,5 procent). De trend dat steeds meer vrouwen in dienst komen van beveiligingsbedrijven zet ook door (van 20 procent in 2015 naar 25 procent in 2018). In de particuliere beveiligingsbranche werken 20.924 mannen en 6.975 vrouwen.

    Dit blijkt uit de jaarlijkse branchescan, die is uitgevoerd in opdracht van de Nederlandse Veiligheidsbranche. De analyse heeft betrekking op gegevens over 2018 en op verwachtingen van ondernemingen ten aanzien van 2019. Het onderzoek is voor de vijftiende keer gehouden.

    Positieve verwachtingen

    In 2018 was de omzetgroei bij mkb-bedrijven in het algemeen iets sterker dan bij grotere ondernemingen. De verwachtingen van beveiligingsbedrijven voor 2019 zijn echter over de hele linie nog positiever dan een jaar geleden. Ruim twee derde van alle bedrijven (vorig jaar nog ruim de helft) voorziet voor dit jaar een omzetgroei (en wel met gemiddeld 9 procent), terwijl ongeveer een vijfde zijn omzet dit jaar ziet stabiliseren.

    Leeftijdssamenstelling blijft zorgelijk

    Een punt van zorg blijft de leeftijdssamenstelling van de branche: het percentage medewerkers boven de 45 jaar is verder gegroeid (van 43 procent in 2017 naar 46 procent in 2018). Het aandeel jonge werknemers (onder de 25 jaar) blijft stabiel op circa 10 procent. Het ziekteverzuim is gestegen van 5,8 procent in 2017 naar 6,6 procent in 2018.

    Maatschappelijk verantwoord wagenpark

    Een opvallend verschijnsel is verder de samenstelling van het wagenpark van surveillanceauto’s (in totaal 880 in 2018). Het aantal volledig elektrische auto’s groeide in slechts een jaar tijd van 2 naar 7 procent, wat vooral ten koste ging van het aantal dieselauto’s.

  • Mag de volgende jaarwisseling alstublieft weer een veilig feest worden?

    Mag de volgende jaarwisseling alstublieft weer een veilig feest worden?

    Mag de volgende jaarwisseling alstublieft weer een veilig feest worden?

    Gorinchem, 24 mei 2019 – In een gezamenlijke oproep, waarbij de politie steun krijgt van onder andere de Nederlandse Veiligheidsbranche, richten 27 organisaties zich tot het kabinet met een dringend verzoek: tref meer landelijke maatregelen voor een veilige jaarwisseling. In een paginagrote advertentie in het Algemeen Dagblad op vrijdag 24 mei wordt een appèl gedaan op de politiek bestuurders: kom in actie! Wij willen weer een feestelijke én veilige jaarwisseling voor iedereen.

    Voorzitter Ard van der Steur: “Mag de volgende jaarwisseling alstublieft weer een veilig feest voor iedereen worden? Onze beveiligers doen daar alles aan; helpt u mee? De Nederlandse Veiligheidsbranche ondersteunt daarom deze actie.”

  • Cao PB algemeen verbindend

    Cao PB algemeen verbindend

    Cao Particuliere Beveiliging geldt voor de hele branche

    Gorinchem, 14 mei 2019 – Sinds 4 mei geldt de cao Particuliere Beveiliging voor alle ondernemingen in deze bedrijfstak. Dit heeft minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bekend gemaakt. Bedenkingen die tegen deze algemeen verbindend verklaring werden ingediend, zijn door de minister verworpen.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche, een van de partijen betrokken bij de totstandkoming van deze vijfjarige cao, zegt blij te zijn met dit besluit. “De algemeen verbindend verklaring maakt het mogelijk alle bedrijven weer te controleren op naleving van de regels die in de cao zijn afgesproken en waar nodig handhavend op te treden.”

    De cao Particuliere Beveiliging is ingegaan op 1 juli 2018 en loopt tot en met 30 juni 2023. De overeenkomst is gesloten tussen de Nederlandse Veiligheidsbranche en drie vakorganisaties (FNV Beveiliging, CNV Vakmensen en De Unie Security).
    Doel van de cao is onder meer om het vak van beveiliger aantrekkelijk te houden via afspraken over de loonontwikkeling, de pensioenen, de roosters, de verhouding tussen flexibel en vast werk, het terugbrengen van de arbeidstijd in 2023 en een groot aantal andere zaken.

    De looptijd van vijf jaar geeft cao-partijen tijd en ruimte om het eens te worden over gecompliceerde vraagstukken rondom roosters, gezond werken tot je oude dag en technologische veranderingen. Naast werkgevers en werknemers zullen ook klanten van de veiligheidsbranche profijt hebben van de cao.

    Tot 2023 zullen namelijk veel beveiligingscontracten opnieuw worden aanbesteed. De cao geeft de branche de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen en te professionaliseren. Dat is ook goed voor opdrachtgevers, die hierdoor meer bereid zullen zijn om een faire prijs voor beveiliging te betalen, aldus de Nederlandse Veiligheidsbranche.

    Kijk hier voor meer informatie over de cao PB

  • Cao Particuliere Beveiliging geldt voor de hele branche

    Cao Particuliere Beveiliging geldt voor de hele branche

    Cao Particuliere Beveiliging geldt voor de hele branche

    Gorinchem, 14 mei 2019 – Sinds 4 mei geldt de cao Particuliere Beveiliging voor alle ondernemingen in deze bedrijfstak. Dit heeft minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bekend gemaakt. Bedenkingen die tegen deze algemeen verbindend verklaring werden ingediend, zijn door de minister verworpen.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche, een van de partijen betrokken bij de totstandkoming van deze vijfjarige cao, zegt blij te zijn met dit besluit. “De algemeen verbindend verklaring maakt het mogelijk alle bedrijven weer te controleren op naleving van de regels die in de cao zijn afgesproken en waar nodig handhavend op te treden.”

    De cao Particuliere Beveiliging is ingegaan op 1 juli 2018 en loopt tot en met 30 juni 2023. De overeenkomst is gesloten tussen de Nederlandse Veiligheidsbranche en drie vakorganisaties (FNV Beveiliging, CNV Vakmensen en De Unie Security).

    Doel van de cao is onder meer om het vak van beveiliger aantrekkelijk te houden via afspraken over de loonontwikkeling, de pensioenen, de roosters, de verhouding tussen flexibel en vast werk, het terugbrengen van de arbeidstijd in 2023 en een groot aantal andere zaken.

    De looptijd van vijf jaar geeft cao-partijen tijd en ruimte om het eens te worden over gecompliceerde vraagstukken rondom roosters, gezond werken tot je oude dag en technologische veranderingen. Naast werkgevers en werknemers zullen ook klanten van de veiligheidsbranche profijt hebben van de cao.

    Tot 2023 zullen namelijk veel beveiligingscontracten opnieuw worden aanbesteed. De cao geeft de branche de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen en te professionaliseren. Dat is ook goed voor opdrachtgevers, die hierdoor meer bereid zullen zijn om een faire prijs voor beveiliging te betalen, aldus de Nederlandse Veiligheidsbranche.

  • Ard van der Steur over zijn eerste weken als voorzitter ‘Ik ben nóg meer onder de indruk geraakt van het beveiligingsvak’

    Ard van der Steur over zijn eerste weken als voorzitter ‘Ik ben nóg meer onder de indruk geraakt van het beveiligingsvak’

    Ard van der Steur over zijn eerste weken als voorzitter ‘Ik ben nóg meer onder de indruk geraakt van het beveiligingsvak’

    Gorinchem, 25 april 2019 – Zijn inwerkprogramma zit goed vol. Ard van der Steur (49), sinds 4 april voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche, heeft er een spottersopleiding opzitten, ging op pad met een surveillant van het beveiligingsbedrijf G4S en verwacht nog dit jaar alle leden persoonlijk te bezoeken. “Intussen hoop ik veel te zien van hun werk in de praktijk.” Zijn eerste conclusie? “Ik ben onder de indruk en zie hoe leuk en interessant het werk van een beveiliger kan zijn.” 

    Ard van der Steur

    Waarom wordt iemand voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche?
    Van der Steur: “Naast democratie en rechtstaat, is veiligheid een van de kernwaarden van onze samenleving. Voor democratie en rechtstaat heb ik me geruime tijd ingezet. Ik vind het ontzettend leuk om nu op deze manier mijn steentje te mogen bijdragen aan de veiligheid. Echt een eer dat ik gevraagd ben als voorzitter van de veiligheidsbranche.” 

    Hebt u al een beeld van de branche?
    “Op basis van ervaring in het verleden en de werkbezoeken die ik deze maand al heb afgelegd, is mijn beeld dat het een zeer professionele branche is, met goed opgeleide, enthousiaste, vakbekwame, integere mensen, die invulling geven aan een behoorlijk lastig vak.”

    “Dat laatste wordt wel eens vergeten. Ik volgde afgelopen maand de spottersopleiding. Tijdens die opleiding, een samenwerking van de branche en de Politieacademie, worden mensen getraind in het signaleren van afwijkend gedrag om in een vroeg stadium overtredingen, misdrijven of terroristische aanslagen te voorkomen. Dan merk je weer eens dat een beveiliger eigenlijk maar één wapen heeft: zijn mond. Daarmee moet hij in alle denkbare situaties effect bereiken. En het is nogal wat als je voor een stadion vol met uitgelaten voetbalsupporters staat of op een dansfeest, met allerlei mensen die in meer of mindere mate van geestverruimende middelen hebben genoten. Steeds maar weer inspelen op de situatie, steeds maar weer zorgen dat het niet escaleert en dat je er zelf ongeschonden uitkomt. Dat is heel knap, dat is echt een mooi, maar moeilijk vak.” 

    Een bekend punt, maar wat is uw mening: moeten beveiligers wapens gaan dragen?
    “Onze branche is daarin heel terughoudend. En terecht. Het geweldsmonopolie hoort bij de overheid, maar dat betekent wel dat beveiligers er – in geval van nood – van uit moeten kunnen gaan dat de politie snel ter plaatse kan zijn. Dat is de andere kant van het verhaal. Je moet bovendien altijd goed overwegen of afweermiddelen wel echt tot betere bescherming leiden. Ze kunnen namelijk ook tegen je gebruikt worden. Pepperspray klinkt leuk, totdat het in je eigen ogen zit. Een wapenstok is mooi, totdat je er zelf mee geslagen wordt. Dat zulke afweermiddelen ook tot verdere escalatie kunnen leiden, wordt wel eens over het hoofd gezien.”

    Hoe ziet u de toekomst van de veiligheidsbranche; bent u optimistisch?
    “Ik ben zeer optimistisch. Veiligheid zal in de toekomst een heel belangrijk onderwerp blijven, en zal  nog belangrijker worden. Ik verwacht dus dat de veiligheidsbranche de komende jaren verder zal groeien, in de ene sector uiteraard sterker dan in de andere. De politie zal op een aantal terreinen ook meer ruimte geven aan particuliere beveiligingsorganisaties.”
    “In het werk van onze bedrijven, zal techniek steeds belangrijker worden, maar veel werk kan niet door technische hulpmiddelen uitgevoerd worden. Er blijft altijd behoefte aan persoonlijke beveiligers: de man of vrouw op straat, in een winkelcentrum of elders, die een oogje in het zeil houdt en zichtbaar is.”

    Wat wilt u als voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche bereiken de komende jaren?
    “Het belangrijkste is dat de branche nog beter dan nu bij opdrachtgevers en bij de overheid in beeld komt. Als onze belangen in het geding zijn bij besluitvorming, dan moeten die belangen serieus worden meegewogen. Daar wil ik me sterk voor maken. Waar verbeteringen mogelijk en eenvoudig zijn, moeten deze ook snel worden doorgevoerd. Een simpel voorbeeld: bedrijven worden nu geconfronteerd met veel administratieve rompslomp bij het aanvragen van legitimatiebewijzen voor beveiligers. Iedereen ziet dat het anders kan en moet, maar om een of andere reden verandert het niet snel. Voor zoiets hoop ik een aanzet te kunnen geven de komende maanden.”

    “Opleidingen zijn wat mij betreft de komende jaren een heel belangrijk punt. Beveiligers moeten met nieuwe technieken leren omgaan, vaak ook wordt van hen een andere, meer brede rol verwacht. De eisen veranderen; daarom is het ook zo leuk om beveiliger te worden. Beroepsopleidingen moeten daar nog beter dan nu op inspelen. Ik denk dat zowel de opleidingen als de beveiligingsbranche hier belang bij hebben. De scholen moeten openstaan voor wensen van de branche, maar tegelijkertijd roep ik onze bedrijven ook op voldoende stageplaatsen te blijven aanbieden. We hebben er allemaal belang bij dat zoveel mogelijk jonge mensen de weg naar de veiligheidsbranche weten te vinden. Dus moeten we het liefst ook gezamenlijk werken aan een beter imago, of beter gezegd: aan het tonen van de echte werkelijkheid van de beveiliging.”

    Kunt u als voorzitter het accent verleggen van concurreren op alleen prijs naar concurreren op prijs en kwaliteit?
    “Daaraan wil ik ook zeker mijn bijdrage leveren. Ook wat dit betreft ben ik optimistisch. Er is bij de overheid  een ontwikkeling gaande, waarbij minder alleen op de prijs wordt gelet en meer aandacht wordt gegeven aan kwaliteit. Dat is soms best lastig, maar ik zie het wel gebeuren en dat is een positieve ontwikkeling. Van groot belang is dat daarbij het keurmerk Beveiliging goed in ogenschouw wordt genomen door overheidsorganisaties op alle niveaus, landelijk, provinciaal en lokaal. Het keurmerk Beveiliging garandeert dat je zakendoet met een bedrijf dat financieel solide is, dat zijn afspraken nakomt en dat netjes met mensen omgaat.”

    “Daarbij speelt ook de nieuwe cao Particuliere Beveiliging, die bewust voor vijf jaar is afgesloten, een grote rol. Daarmee kunnen we echt investeren in arbeidsvoorwaarden en in kwaliteit. Het is voor de sector van groot belang dat deze cao algemeen verbindend wordt verklaard. Daarmee ontstaat rust in de branche en kunnen bedrijven consequent gaan bouwen aan hun toekomst.”

    De branche telt veel organisaties; kent u ze allemaal al?
    “Ik verwacht ze in elk geval zo snel mogelijk allemaal te kunnen spreken. Daarbij wil ik vooral bekijken waar we kunnen samenwerken. Onze belangen lopen niet altijd parallel, maar vaak wel. Ik verheug mij erop hen te ontmoeten en de mogelijkheden voor verdere samenwerking te bespreken.”

  • Ard van der Steur benoemd als voorzitter Nederlandse Veiligheidsbranche

    Ard van der Steur benoemd als voorzitter Nederlandse Veiligheidsbranche

    Ard van der Steur benoemd als voorzitter Nederlandse Veiligheidsbranche

    Gorinchem, 5 april 2019 – Ard van der Steur, oud-minister van Veiligheid en Justitie, is sinds donderdagmiddag 4 april de nieuwe voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Tijdens de algemene ledenvergadering in Den Haag werd hij bij acclamatie benoemd als opvolger van Laetitia Griffith, die deze rol acht jaar heeft vervuld.

    Foto: Henk Ganzeboom, Kobalt Fotografie Dupho

    De Nederlandse Veiligheidsbranche behartigt de belangen van bedrijven die zich bezighouden met beveiliging en beheersing van risico’s met betrekking tot personen, objecten en bedrijfsvoering. Van alle beveiligingsmedewerkers in Nederland werkt 90 procent bij een bedrijf dat is aangesloten bij de Nederlandse Veiligheidsbranche.

    Bij zijn aantreden maakte Ard van der Steur bekend dat hij zich de komende jaren onder andere wil toeleggen op het verder moderniseren van de opleiding van beveiligers. Dat is volgens hem nodig omdat aan beveiligingsbedrijven nieuwe eisen worden gesteld, bijvoorbeeld als het gaat om integratie van de dienstverlening met techniek, maar ook op het gebied van hospitality. Ook vindt hij dat de branche aantrekkelijker moet worden voor jongeren.

    Voor de veiligheid in Nederland is het volgens Van der Steur belangrijk dat bij het aanbesteden van beveiligingsopdrachten minder wordt geconcurreerd op prijs en meer op kwaliteit. Hij noemde het ‘hoopgevend’ dat dit besef ook bij steeds meer opdrachtgevers lijkt door te dringen. De nieuwe voorzitter maakte verder bekend dat hij veel tijd wil steken in rechtstreekse contacten met de aangesloten ondernemingen en de relatie met overheden verder wil versterken.

    Ard van der Steur (1969) werkte na zijn studie lange tijd als advocaat. Van 2010 tot 2015 was hij lid van de Tweede Kamer en onder andere woordvoerder voor veiligheid en justitie. Van 2015 tot 2017 was Van der Steur minister van Veiligheid en Justitie. Na zijn aftreden ging hij onder andere aan de slag als directeur van een advocatenkantoor. Daarnaast vervult hij verschillende maatschappelijke functies.

  • Laetitia Griffith neemt afscheid van de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Laetitia Griffith neemt afscheid van de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Laetitia Griffith neemt afscheid van de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Gorinchem, 29 maart 2019 – Verdere professionalisering van de branche, een goede positionering van het keurmerk en optimale samenwerking met overheidsinstanties. Dat zijn drie grote thema’s die Laetitia Griffith hebben beziggehouden bij de Nederlandse Veiligheidsbranche. Begin april neemt ze – na acht jaar – afscheid als voorzitter en wordt ze opgevolgd door Ard van der Steur. Hoe kijkt ze terug?

    Laetitia Griffith

    Wat was de dominante trend in de afgelopen acht jaar?
    Griffith: “Professionalisering is een dominante trend in alle sectoren die wij vertegenwoordigen, dus bij particuliere beveiligingsbedrijven, maar ook op het gebied van evenementenbeveiliging, bij het geld- en waardentransport en bij particuliere onderzoeksbureaus. Dat was ook nodig, want de markt en onze sparring partners bij de overheid vragen het. De toenemende terreurdreiging speelt daarbij zeker een rol.
    Professionalisering vereist nieuwe en andere vaardigheden. Voor bedrijven op het gebied van evenementenbeveiliging was het belangrijk nog beter te gaan samenwerken met de politie, maar zich ook te verdiepen in crowd management: hoe bewegen mensenmassa’s zich, hoe kun je die bewegingen beïnvloeden, hoe reageer je het beste op incidenten? Particuliere onderzoeksbureaus ondervinden vooral de gevolgen van strengere wetgeving op het gebied van privacy. Wat mag wel, wat mag niet, hoe ga je om met persoonsgegevens? Kun je werknemers heimelijk met een camera registreren? Allemaal terechte vragen, waar bedrijven het antwoord op moeten weten.
    Ook wordt meer ondersteuning van onze bedrijven gevraagd bij het voorkomen en helpen oplossen van strafbare feiten. Om gezichts- of kentekenherkenning mogelijk te maken zullen we camera’s van betere kwaliteit moeten inzetten. En zo zijn er veel meer voorbeelden van steeds verdergaande professionalisering.”

    Tegelijk is de veiligheidsbranche een markt waar opdrachtgevers sterk letten op de prijs. Dat wringt?
    “Absoluut, dat staat haaks op elkaar. Onze medewerkers krijgen een betere opleiding, worden deskundiger en breder inzetbaar. Daarin moeten bedrijven investeren en dat geld moet terugverdiend worden. We hebben de laatste jaren veel gedaan om dat probleem te tackelen. Er is een onafhankelijke commissie die – onder andere voor onze branche – toezicht houdt op verantwoordelijk marktgedrag. Opdrachtgevers wordt gevraagd de bijbehorende code te onderschrijven. Als een bedrijf vindt dat een aanbesteding teveel gericht is op de laagste prijs, dan kan het bij die commissie terecht. Het zal nog enige tijd duren voordat we kunnen zien of deze vorm van toezicht vruchten afwerpt.
    Intussen zijn meer mogelijkheden om te investeren in kwaliteitsverbetering ook een belangrijke pijler onder onze nieuwe cao. Investeren in kwaliteit en in mensen is niet lang vol te houden als iedereen alleen maar oog heeft voor de laagste prijs. Zelfs bedrijven die een financiële buffer hebben, moeten dan op een zeker moment afhaken.”

    Is het imago van de beveiligingsbranche de afgelopen jaren verbeterd?
    “Zeker. Je merkt ook op straat dat het respect voor mensen in beveiligingsfuncties is toegenomen. Men realiseert zich steeds beter: je zal maar bij een evenement staan en moeten dealen met een bezoeker die stijf staat van de drank of van de coke. Je zal het maar moeten doen.
    In de praktijk zijn ook grote stappen gezet in de samenwerking tussen onze branche en bijvoorbeeld de politie. Ga eens naar een politiebureau, dan zie je aan de balie vaak beveiligers van een particulier bedrijf. Dat is toch publiek-private samenwerking in optima forma? Desondanks zijn er altijd partijen, ik denk bijvoorbeeld aan de SP in de Tweede Kamer, die liever vasthouden aan oude beelden en die graag blijven roepen dat wij cowboys zijn. Die blijven het liefst in de oude groef hangen en hebben daar misschien ook wel een belang bij. Gelukkig zijn dat de uitersten; zij zullen op zeker moment ook wel ontdekken dat de praktijk heel anders is.”

    Heeft het Keurmerk Beveiliging bijgedragen aan een beter imago?
    “Daarvan ben ik overtuigd. Ik heb me hard gemaakt voor een duidelijke positionering van dat keurmerk via onder meer radiocampagnes. En eerlijk is eerlijk, daarvoor heb ik soms de blaren op mijn tong moeten praten binnen het bestuur. Dat was ook wel te begrijpen, want de branche heeft hierin gezamenlijk moeten investeren. We hebben ook veel missiewerk gedaan bij gemeenten, ministeries en andere opdrachtgevers: als je een bedrijf voor beveiliging wilt inhuren, vraag dan of het beschikt over het keurmerk. Zo kun je het kaf van het koren scheiden en hoef je niet achteraf te mopperen dat de dienstverlening is tegengevallen.”

    U heeft veel gehamerd op goede samenwerking met de politie; hoe is de stand van zaken?
    “Het gaat steeds beter in de praktijk, maar soms denk ik dat het nog beter kan. De politie mag ons beschouwen als extra ogen en oren. Ik zou zeggen: we rijden dagelijks met veel mensen rond, dus gebruik ons. De politie mag ook eisen stellen aan beveiligingsbedrijven: is er een keurmerk, zijn de mensen voldoende gescreend? Allemaal uitstekend uiteraard, maar dan moet de samenwerking wel van twee kanten komen. Dus als een beveiliger aan zijn dienst begint op een bedrijventerrein, is het wel goed om te weten of daar in de voorafgaande uren incidenten, zoals inbraken, hebben plaatsgevonden. Zulke informatie moet de politie met onze bedrijven willen delen. Gelukkig lopen er pilots met dit soort informatie-uitwisseling.”

    Lopen binnen de veiligheidsbranche de belangen van de bedrijven parallel?
    “Meestal wel, maar uiteraard niet altijd. Dat moeten we steeds onderkennen en daar moeten we goed mee omgaan. Besluitvorming binnen de vereniging moet gebaseerd zijn op argumenten en daarbij moeten we ook voortdurend het belang van de kleinere bedrijven op het netvlies hebben.
    Ik heb sinds mijn aantreden geprobeerd oog te hebben voor het midden- en kleinbedrijf. Zoals bij veel verenigingen, bestond ook bij de Nederlandse Veiligheidsbranche wel eens het beeld dat vooral de grotere spelers het voor het zeggen hebben. Voor een deel is dat logisch, want grotere bedrijven hebben vaak meer armslag om tijd en mensen beschikbaar te stellen voor de vereniging. Ik heb dat beeld kunnen doorbreken. Enkele zetels in het bestuur zijn gereserveerd voor kleine en middelgrote bedrijven en als we mensen zoeken voor bijvoorbeeld een commissie of op een andere manier inhoudelijke ondersteuning nodig hebben, dan vragen we het ook altijd aan alle leden. En als het moet, bij herhaling.

    Wat is de grootste uitdaging  voor uw opvolger?
    “Haha, het is niet mijn gewoonte een opvolger publiekelijk advies te geven, maar gelukkig heeft Ard van der Steur al gezegd waarop hij zich wil focussen. Hij wil nog meer tijd en energie steken in het onderwijs, in de opleiding van beveiligers. Dat lijkt mij zeer terecht. De verwachtingen ten aanzien van beveiligers zijn anders dan tien jaar geleden. Er wordt steeds meer gevraagd van onze mensen. Ze moeten zich bewust zijn van hun kwetsbare positie, al was het maar via hun gedrag op sociale media. Daarnaast willen opdrachtgevers steeds vaker beveiligers die multi-inzetbaar zijn. Sommigen worden ook wel gastheer of gastvrouw genoemd; ze doen niet alleen de toegangscontrole, maar zijn tegelijkertijd het gezicht van de organisatie. Dat vraagt andere vaardigheden en daar moet de opleiding nog beter op inspelen.
    Een ander punt is tekort aan personeel. Soms hebben bedrijven gewoon de mensen niet om de opdrachten die er zijn, te kunnen uitvoeren. Een vraag voor de komende jaren is: wat kunnen wij doen om werken in onze branche nog aantrekkelijker te maken voor jonge mensen? Ze moeten het vak kiezen omdat ze het interessant vinden en niet vanwege gebrek aan andere opties. Het is een vak om trots op te zijn. Mijn respect voor beveiligers is de afgelopen acht jaar alleen maar toegenomen.”

  • Training ‘Goed omgaan met dementie’ voor beveiligers en toezichthouders

    Training ‘Goed omgaan met dementie’ voor beveiligers en toezichthouders

    Training ‘Goed omgaan met dementie’ voor beveiligers en toezichthouders

    13 maart 2019 – Medewerkers Veiligheid & Toezicht leren in hun opleiding met tal van emoties van mensen om te gaan zoals ongeduld, agressie en verwardheid. In het werkgebied van de beveiliger of toezichthouder – van winkelgebied tot station –  gaat immers geen dag voorbij zonder dat er iets bijzonders gebeurt. Dat vraagt om anticiperen en adequaat handelen. Specifiek voor die situaties waarin dementíe de hoofdrol speelt ontwikkelde Samen dementievriendelijk de online training ‘Goed omgaan met dementie’ die vanaf 13 maart voor iedere medewerker Veiligheid & Toezicht gratis beschikbaar is.

    Foto: Ruud van der Graaf

    Training met herkenbare situaties 

    Nu al leven er 270.000 mensen met dementie in Nederland. Dat aantal verdubbelt in de komende 20 jaar. Zeventig procent van de mensen met dementie woont thuis. Medewerkers Veiligheid & Toezicht – hieronder vallen o.a. politie, BOA en beveiliging -komen ze dus overal tegen. Bijvoorbeeld in de winkel, op het gemeentehuis voor een reisdocument, op een station of vliegveld. En vaak zonder te weten dat er sprake is van dementie. Om de bekende (vergeetachtigheid) maar óók de minder bekende signalen van dementie (taalproblemen, verandering in gedrag en een slecht beoordelingsvermogen) beter te herkennen en er vervolgens goed mee om te gaan, is de training toegevoegd aan het trainingsaanbod van Samen dementievriendelijk.

    Afwijkend gedrag kan dementie zijn

    ‘Goed omgaan met dementie’ is in samenwerking met MAATbeveiliging en Trigion ontwikkeld. De training bevat herkenbare situaties die in het dagelijks werk van een beveiliger of toezichthouder voorkomen. ‘Trigion traint medewerkers op het zien van afwijkend gedrag. Deze e-learning is daarop een mooie aanvulling waardoor zij mensen met dementie goed kunnen helpen. Hierdoor maken zij het verschil!’ zegt Arjen Kuijper, directeur HR bij Trigion.

    General Manager Joeri van Ham van MAATbeveiliging over de training: ‘Wij willen voorkomen dat mensen met dementie en onze medewerkers in vervelende situaties terechtkomen. Iedereen die bij ons in dienst is of komt krijgt informatie over dementie. De training van Samen dementievriendelijk is bovendien onderdeel van de landelijke mbo-opleiding en is hiermee permanent verankerd binnen onze branche’.

    Samen dementievriendelijk

    De training is onderdeel van het programma Samen dementievriendelijk dat wordt uitgevoerd door Alzheimer Nederland en Pensioenorganisatie PGGM. Het doel is heel Nederland dementievriendelijk te maken.