Blog

  • Manifest WAB “zo werkt het niet” aangeboden aan Eerste Kamer

    Manifest WAB “zo werkt het niet” aangeboden aan Eerste Kamer

    Manifest WAB “zo werkt het niet” aangeboden aan Eerste Kamer

    Den Haag, 12 maart 2019 – Vorige maand is de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) door de Tweede Kamer aangenomen. Samen met een aantal branches waarvoor tijdelijk werk een gegeven is en geen keuze, hebben we gelobbyd voor aanpassingen. Op 1 punt is dat goed gelukt: de hoge WW-premie gaat niet gelden voor scholieren en studenten.

    Manifest zo werkt het niet!

    We staan aan de vooravond van de behandeling van de WAB in de Eerst Kamer. De campagne “zo werkt het niet” zetten wij met VNO-NCW/MKB-Nederland  en de andere sectoren ook in om nog niet gerealiseerde verbeteringen te krijgen in de Wet. Een manifest daarover is op 12 maart aangeboden aan de commissie sociale zaken van de Eerste Kamer. Het manifest vindt u hier

  • Eerste positief resultaat in aanpak voortvluchtige veroordeelden

    Eerste positief resultaat in aanpak voortvluchtige veroordeelden

    Gorinchem, 6 maart 2019 – Het afgelopen jaar is het aantal veroordeelden dat nog een gevangenisstraf moet uitzitten iets gedaald. Dit is te danken aan het programma Onvindbare Veroordeelden waar politie, OM, CJIB en Justid samenwerken, liet Minister Dekker (Rechtsbescherming) gisteren in een brief aan de Tweede Kamer weten. 

    Het afgelopen jaar is het aantal veroordeelden dat nog een gevangenisstraf moet uitzitten iets gedaald. Dit is te danken aan het programma Onvindbare Veroordeelden waar politie, OM, CJIB en Justid samenwerken, liet Minister Dekker (Rechtsbescherming) gisteren in een brief aan de Tweede Kamer weten.

    In het programma Onvindbare Veroordeelden zijn verschillende maatregelen aangekondigd om het aantal voortvluchtige veroordeelden terug te brengen. De opsporing van voortvluchtige veroordeelden is vastgelegd als een van de prioriteiten in de landelijke beleidsdoelstellingen voor de taakuitvoering van de politie. In deze zogeheten Veiligheidsagenda 2019-2022 is de ambitie vastgelegd om vóór medio 2020 tenminste 40 procent van de naar verwachting kansrijke zaken (zo’n 1300 personen) op te sporen. Een nieuw systeem van de politie, Executie & Signalering genaamd, zal het terugdringen van de voorraad van onvindbare veroordeelden in Nederland ten goede komen.

    Als organisatieontwikkelopgaven is in de Veiligheidsagenda 2019-2022 het volgende doel opgesteld:
    Integraal werken is het uitgangspunt; samen wordt gewerkt aan een veilig Nederland. De politie zal haar werk meer en meer moeten doen in verbinding met andere publieke en private organisaties. Daarmee wordt geïnvesteerd in de samenhang in de aanpak tussen de verschillende domeinen (zorg, sociaal, ruimtelijk en veiligheid) en externe partners, die nodig is voor het versterken van de veiligheid in de leefomgeving van inwoners. 

  • Handleiding beschikbaar basisscan integriteit kandidaat-bestuurders

    Handleiding beschikbaar basisscan integriteit kandidaat-bestuurders

    Handleiding beschikbaar basisscan integriteit kandidaat-bestuurders

    Den Haag, 5 maart 2019 – Integere bestuurders zijn de basis van een sterke en gezonde democratie. Minister Ollongren (minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) zet met de Handleiding basisscan integriteit voor bestuurders in op het versterken van een goed functionerend, integer en weerbaar bestuur. Zij heeft de handleiding integriteit vandaag overhandigd aan dijkgraaf Rogier van der Sande (voorzitter van de Unie van Waterschappen). De handleiding is beschikbaar voor alle politieke partijen en kandidaat-bestuurders. Met de handleiding wordt een stevige basis gelegd voor een meer eenduidige en zorgvuldige screening van kandidaat-bestuurders.

    Foto: Marcel van der Meulen

    Om de weerbaarheid van politieke ambtsdragers te versterken en ondermijning door criminelen te voorkomen heeft minister Kajsa Ollongren (BZK) onder andere al het netwerk Weerbaar Bestuur opgericht en de site www.weerbaarbestuur.nl, ook zijn de standaard Woningscan en de training Omgaan met intimidatie en agressie gelanceerd. Onlangs zijn daar de veiligheidspakketten voor nieuwe burgemeesters aan toegevoegd. Vandaag neemt de minister het initiatief om de integriteit van kandidaat-bestuurders verder te versterken. 

    Minister Ollongren: “Integriteit van politieke ambtsdragers is cruciaal in onze democratie. Het gaat om het vertrouwen van burgers in de overheid. Voor mij persoonlijk is het heel belangrijk. Integriteit staat binnen het openbaar bestuur inmiddels hoog op de agenda, en terecht. Het is voor alle Nederlanders van belang dat we integere bestuurders hebben, van wethouders tot ministers.” 

    Bij gemeenten, provincies en waterschappen is behoefte aan een helder en zorgvuldig proces rond de benoemingen van bestuurders en meer eenduidigheid in de wijze waarop risicoanalyses op integriteit worden uitgevoerd. Daarom is de handleiding bassiscan integriteit voor kandidaat-bestuurders ontwikkeld.

    Dijkgraaf Van der Sande: “Goede en integere bestuurders zijn noodzakelijk voor een geloofwaardige overheid. Met de waterschapsverkiezingen van 20 maart voor de deur, zullen we het thema en deze handreiking dan ook bij alle gekozen waterschapsbestuurders onder de aandacht brengen.”

    De handleiding is bruikbaar voor gemeenten, provincies, waterschappen en uiteraard ook de BES-eilanden. Hij biedt uitgangspunten voor een transparante en zorgvuldige voorbereiding en uitvoering van risicoanalyses integriteit voor alle typen kandidaat-bestuurders. Daarmee ondersteunt de minister burgemeesters, commissarissen van de Koning en voorzitters van het algemeen bestuur van de waterschappen in hun wettelijke zorgplicht voor integriteit. Hoewel de handleiding vooral bedoeld is voor de risicoanalyse bij kandidaat-bestuurders, is deze ook bruikbaar voor politieke partijen bij de selectie van kandidaat-volksvertegenwoordigers.

    De handleiding is tot stand gekomen op basis van een verkenning waarin vele partners een bijdrage hebben geleverd en sluit daarom goed aan op wat de praktijk reeds wordt toegepast en waar behoefte aan is. Na de verkiezingen voor Provinciale Staten en Waterschapsbesturen wordt hij geëvalueerd en waar nodig aangescherpt.

    De primaire verantwoordelijkheid voor het benoemen van decentrale bestuurders (anders dan Kroonbenoemden) ligt bij de zogenoemde volksvertegenwoordigende bestuursorganen, zoals  Provinciale Staten, algemeen bestuur van het waterschap, eilandsraad en gemeenteraad.

    Screening is geen wettelijke benoemingsvereiste voor decentrale bestuurders. Dat maakt dat het ministerie van BZK niet kan voorschrijven, maar uiteraard wel kan faciliteren. Dat is met deze basisscan een feit.

    Online is de Handleiding hier te vinden: https://www.politiekeambtsdragers.nl

  • Voorzitterswisseling de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Voorzitterswisseling de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Voorzitterswisseling de Nederlandse Veiligheidsbranche

    Den Haag, 20 februari 2019 – Laetitia Griffith neemt afscheid als voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Ard van der Steur, oud-minister van Veiligheid en Justitie, wordt voorgedragen als haar opvolger. De benoeming vindt plaats door de algemene ledenvergadering op 4 april.

    Laetitia Griffith
    Ard van der Steur

    Mr. Laetitia Griffith (1965) werd acht jaar geleden voor het eerst benoemd als voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche. Ze werd drie keer herbenoemd. 

    Het bestuur van de Nederlandse Veiligheidsbranche zegt Griffith zeer dankbaar te zijn voor haar inzet om van de branche een gerespecteerde gesprekspartner voor de overheid en het georganiseerde bedrijfsleven te maken.
    ‘Zij heeft gedurende haar voorzitterschap terecht een sterk accent gelegd op de professionaliteit en integriteit van beveiligers en de kwaliteit van de dienstverlening. Ook het Keurmerk Beveiliging als kwaliteitsoordeel is een van haar belangrijke speerpunten geweest. Bovendien heeft ze in tijden van economische crisis en grote veranderingen op het terrein van veiligheid (minder politie, meer terroristische dreiging) particuliere beveiliging en particulier onderzoek goed op de kaart gezet en daarbij ook veel aandacht gegeven aan de positie van kleine en middelgrote bedrijven. Ook heeft ze zich met passie ingezet voor publiek-private samenwerking tussen de partners in de veiligheidsketen en wederzijdse informatie-uitwisseling om Nederland veiliger te maken. Wij zijn haar dankbaar dat zij de afgelopen jaren de positie van de veiligheidsbranche heeft versterkt.’

    Het bestuur van de Nederlandse Veiligheidsbranche vindt het jammer afscheid te moeten nemen van de huidige voorzitter, maar kijkt ook uit naar de samenwerking met haar opvolger Ard van der Steur, die ook ruime ervaring heeft in het veiligheidsdomein. ‘Hij is de juiste voorman om de positie van de branche verder te versterken en haar betekenis voor de samenleving een nog scherper accent te geven.’

    Ard van der Steur is zeer gemotiveerd om het Meerjarenbeleidsplan ‘Kwaliteit in Veiligheid’ (2018-2021) van de Nederlandse Veiligheidsbranche verder te realiseren. Net als onder zijn voorgangster blijft de branche, volgens Van der Steur, een professionele, betrouwbare en vanzelfsprekende partner voor overheid en particuliere sector als het gaat om beveiligingsvragen en veiligheidsbeleid.

    Een van zijn aandachtspunten zal zijn het verder moderniseren van de opleiding van beveiligers. Dat is nodig omdat aan beveiligingsbedrijven nieuwe eisen worden gesteld, bijvoorbeeld als het gaat om integratie van de dienstverlening met techniek, maar ook op het gebied van hospitality. Belangrijk is volgens Van der Steur ook dat de branche aantrekkelijker wordt voor jongeren. “Binnen de branche maar ook daarbuiten krijg je als deskundige beveiligingsprofessional veel kansen op interessante vervolgstappen” aldus Van der Steur.

    Ard van der Steur (1969) werkte na zijn studie lange tijd als advocaat. Van 2010 tot 2015 was hij lid van de Tweede Kamer en onder andere woordvoerder voor veiligheid en justitie. Van 2015 tot 2017 was Van der Steur minister van Veiligheid en Justitie. Na zijn aftreden ging hij onder andere aan de slag als directeur van een advocatenkantoor. Daarnaast vervult hij verschillende maatschappelijke functies.

    De Nederlandse Veiligheidsbranche behartigt de belangen van bedrijven die zich bezighouden met beveiliging en beheersing van risico’s met betrekking tot personen, objecten en bedrijfsvoering. Van alle beveiligingsmedewerkers in Nederland werkt 90 procent bij een bedrijf dat is aangesloten bij de Nederlandse Veiligheidsbranche.

  • De Nederlandse Veiligheidsbranche over AVV’en CAO

    De Nederlandse Veiligheidsbranche over AVV’en CAO

    De Nederlandse Veiligheidsbranche over AVV’en CAO

    Gorinchem , 11 februari 2019 – De Nederlandse Veiligheidsbranche heeft in september 2018 met de vakbonden FNV, CNV en De Unie voor het eerst na vele jaren een langjarige cao en wel voor vijf jaar afgesloten. De onderhandelingen hebben geresulteerd in een cao waarin heldere afspraken zijn gemaakt over loon- en pensioenontwikkeling, roosters, verhouding flex/vast en het terugbrengen van de arbeidstijd in 2023. Een consistent geheel dat ziet op de primaire arbeidsvoorwaarden.

    Alle sociale partners zijn blij met deze langjarige cao. Zij zien de voordelen hiervan in omdat de tot voor kort afgesloten kortlopende cao’s niet voor rust en voorspelbaarheid zorgen bij voor werknemers, werkgevers én klanten. De cao van vijf jaar biedt tijd en ruimte om met elkaar complexe vraagstukken te bespreken, zoals: roosters, gezond hun pensioen halen en invloed van technologische veranderingen. 

    Momenteel loopt het proces van algemeen verbindend verklaren van de cao door de minister van Sociale Zaken & Werkgelegenheid. Naar verwachting zal dit in het voorjaar van 2019 gebeuren. Dit betekent dat de cao voor alle werkgevers en 30.000 werknemers in de veiligheidsbranche zal gelden.

    Bij de onderhandelingen hebben de sociale partners de belangen van alle werknemers ongeacht of zij voor een groot bedrijf of MKB bedrijf werken voor ogen gehad. Alle beveiligers zijn namelijk gebaat bij gezondere roosters, duurzame inzetbaarheid, betere pensioenregeling en loonsverhoging van 13,25% in de komende jaren tot 2023. Alle sociale partners hebben ingestemd met het bereikte resultaat. Het doel van het algemeen verbindend verklaren van de cao is primair zorgen dat concurrentie op arbeidsvoorwaarden binnen de beveiligingssector wordt voorkomen. Het is een terechte bescherming van alle werknemers in onze sector.

    De Nederlands Veiligheidsbranche vindt dat meerdere cao’s in één sector leidt tot onduidelijkheid bij opdrachtgevers en werknemers en tot concurrentie op arbeidsvoorwaarden. Dat is geenszins in het belang van de beveiligers. Daarnaast hecht zij aan de extra waarborgen die een cao die algemeen verbindend is verklaard biedt. Een daarvan is dat het cao-controleorgaan op regelmatige basis onderzoek kan doen naar de naleving van cao-voorschriften, zoals naleving van de arbeidsvoorwaarden, de loonvoorschriften en de arbeids- en rusttijden. Alleen op die manier kan gewerkt worden aan eerlijke concurrentie of een level playing field in onze sector.

    Update 27 februari 2019: In de februari editie van Security Management verscheen het artikel ‘Cao is voor iedereen een goede zaak’. Dit artikel is links te lezen.

  • Ondernemers blij met lage WW-premie scholieren en studenten in WAB

    Ondernemers blij met lage WW-premie scholieren en studenten in WAB

    Ondernemers blij met lage WW-premie scholieren en studenten in WAB

    Den Haag, 5 februari 2019 – VNO-NCW, MKB-Nederland en de betreffende brancheorganisaties zijn verheugd dat jongeren tot 21 jaar met een bijbaan onder de lage WW-premie gaan vallen. Dat was een belangrijk doel van de campagne Zo werkt het niet! die de ondernemersorganisaties* sinds december voeren tegen enkele maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) die tijdelijk werk duurder maken, onder meer via premiedifferentiatie in de WW. De ondernemersorganisaties hadden graag ook gezien dat het lage WW-tarief voor seizoenswerk zou zijn geregeld. Dit blijkt uitvoeringstechnisch echter niet mogelijk, maar dankzij een motie is wel de deur voor een oplossing opengezet.

    De Tweede Kamer stemde vanmiddag voor een amendement van SGP-Kamerlid Stoffer c.s.om jongeren tot 21 jaar die niet meer dan twaalf uur per week werken, onder het lage WW-tarief te brengen. Een  amendement van Stoffer en Baudet om dat ook voor seizoenwerkers te regelen, haalde het niet; het kabinet had dat amendement ontraden omdat het niet uitvoerbaar is via de Belastingdienst. Wel is de motie Wiersma/Heerma aangenomen die het kabinet oproept om samen met sociale partners alsnog tot maatwerkoplossingen voor seizoenswerk te komen. 

    Handschoen oppakken

    “Die handschoen pakken we natuurlijk graag op”, zegt voorzitter Jacco Vonhof van MKB-Nederland namens de ondernemersorganisaties. “Het is jammer dat het nu vanwege uitvoeringsperikelen niet mogelijk is om seizoenswerk te ontzien, maar het boek is niet dicht. We moeten met elkaar nu snel een oplossing vinden om te voorkomen dat deze ondernemers forse kostenverhogingen voor hun kiezen krijgen voor iets waar ze niks aan kunnen doen. Tijdelijk werk, zoals in de landbouw of de recreatie, kan alleen maar met tijdelijke krachten worden ingevuld.”
    Het is daarom ook goed dat ondernemers met seizoenswerk in ieder geval de ruimte krijgen om via de cao alsnog de nodige flexibiliteit rond oproepkrachten te behouden, aldus de ondernemersorganisaties. 

    Zij hebben in hun campagne Zo werkt het niet! steeds betoogd dat het niet logisch én niet fair is om ondernemers financieel af te straffen voor de inzet van tijdelijke krachten waar dat inherent is aan de aard van het werk. “Het is mooi dat het gezonde verstand het ten aanzien van jongeren alvast heeft gewonnen”, aldus Vonhof. “Branches als horeca en detailhandel kunnen niet zonder scholieren en studenten die de pieken opvangen.” 

    Reparatie ontslagrecht

    Tevreden zijn de ondernemersorganisaties ook met de zogeheten cumulatiegrond in het ontslagrecht, die ondernemers de mogelijkheid geeft meerdere redenen voor ontslag combineren. Vonhof: “Dit vereenvoudigt het ontslagrecht en doet recht aan het feit dat ontslag vaak diverse gronden heeft. Het is daarom een terechte reparatie van de Wet Werk en Zekerheid. Als zo’n 40 procent van de ontslagaanvragen niet meer voorbij de kantonrechter komt – en dat is een veel hoger percentage dan vóór de invoering van WWZ – dan weet je dat het niet goed is.”
    VNO-NCW en MKB-Nederland vinden het verder positief dat de keten van tijdelijke contracten wordt verruimd van 24 naar 36 maanden. Dit geeft ondernemers meer mogelijkheden om te bezien of er voldoende werk is en blijft om medewerkers ook een vast contract aan te bieden.

    MKB-budget voor scholing

    De ondernemersorganisaties zijn ook blij met het besluit om 48 miljoen euro in te zetten voor kleine(re) bedrijven om de leercultuur te ondersteunen. Daartoe had onder anderen VVD-Kamerlid Wiersma een motie ingediend. Dit  budget moet het ondernemers makkelijker maken om medewerkers zelf te kunnen opleiden, onder meer via bedrijfsscholing. “Over de uitwerking van die plannen praten en denken wij graag mee”, aldus Vonhof.
    De Wet Arbeidsmarkt in Balans is aangenomen door de coalitiepartijen, SGP en Forum voor Democratie.

    * Detailhandel Nederland, InRetail, Koninklijke Horeca Nederland, Cumela Nederland, Nederlandse Veiligheidsbranche, RECRON en LTO Nederland

  • Ondernemers: Maatregelen tijdelijk werk leveren geen extra vaste banen op

    Ondernemers: Maatregelen tijdelijk werk leveren geen extra vaste banen op

    Ondernemers: Maatregelen tijdelijk werk leveren geen extra vaste banen op

    Den Haag, 29 januari 2019 – Medewerkers krijgen niet eerder en vaker een vast contract aangeboden als de plannen van minister Koolmees (SZW) met betrekking tot tijdelijk werk doorgaan. Dat zegt 91 procent van de werkgevers voor wie de inzet van tijdelijke krachten geen keuze is, maar inherent aan de aard van het werk. Bijna 70 procent vreest dat het juist alleen maar banen gaat kosten. Dat blijkt uit een enquête onder ondernemers* over de maatregelen die zijn aangekondigd in de Wet Arbeidsmarkt in Balans, die aanstaande donderdag wordt behandeld in de Tweede Kamer. De enquête is gehouden in het kader van de campagne Zo werkt het niet! die in december door VNO-NCW, MKB-Nederland en een aantal brancheorganisaties is gelanceerd.

    “In de WAB wordt ‘vergeten’ dat veel tijdelijke krachten die pieken opvangen, scholieren en studenten zijn”, zegt voorzitter Jacco Vonhof van MKB-Nederland. “Die willen gewoon een centje bijverdienen, meer niet. Ik gun iedereen die dat ambieert een vast contract en zekerheid. Maar feit is ook dat veel mensen bewust kiezen voor een wat vrijer bestaan.”

    Het kabinet wil met het duurder maken van tijdelijk werk  – tijdelijke contracten, seizoenswerk, oproepcontracten en contracten voor onbepaalde tijd zonder vaste uren – afdwingen dat werkgevers eerder en vaker een ‘vast contract’ aanbieden, dus een contract voor onbepaalde tijd met een vast aantal uren. Onderdeel van het wetsvoorstel is dat de premie voor de werkloosheidswet (WW) voor tijdelijk werk 5% -punt hoger wordt dan voor vaste contracten en dat direct bij afloop van een contract een transitievergoeding vanaf dag 1 moet worden betaald van ongeveer 3 procent van het tot dan toe verdiende salaris.

    Geen keuze

    Werkgevers in detailhandel, horeca, grondverzet, recreatie, evenementenbeveiliging en land- en tuinbouw zien helemaal niets in deze plannen: ruim 90 procent wijst ze volledig af. Bijna 30 procent steunt weliswaar het streven van het kabinet naar meer vaste banen, maar wijst erop dat de inzet van tijdelijk werk in hun branche geen keuze is, maar inherent aan de aard van het werk. Voor 94 procent is het onmisbaar vanwege pieken en seizoenen. 
    Vonhof: “Aardbeien worden niet geoogst in december. En geen mens gaat kamperen of een cursus kitesurfen volgen in de herfst. En dan heb je nog sectoren die te maken hebben met enorme pieken in het werk, zoals horeca en detailhandel. De detailhandel bijvoorbeeld moet het vooral hebben van de decembermaand. Die kan dan niet zonder oproepkrachten.”

    Meer dan twee derde van de werkgevers denkt dat het duurder maken van tijdelijk werk juist alleen maar banen kost. En 89 procent geeft aan dat consumenten uiteindelijk de rekening gaan betalen, omdat werkgevers de hogere kosten aan hen zullen doorberekenen. Zachtfruitteler Robert van de Meer heeft berekend dat de maatregelen in de WAB in zijn bedrijf leiden tot een kostenverhoging van dik 6 procent. En campingeigenaar Willemieke de Waal gaat alleen aan WW-premie al 68.000 euro meer betalen voor de 220 tijdelijke krachten die zij in het kampeerseizoen aan het werk heeft. “Wij kunnen die mensen helaas niet het hele jaar aan de slag houden en daar heeft iedereen begrip voor. De WAB gaat dat niet veranderen. Wij worden als seizoenbedrijf onevenredig gestraft.”

    Zo werkt het niet!

    De brancheorganisaties Detailhandel Nederland, Inretail, KHN, Cumela Nederland, Nederlandse Veiligheidsbranche, RECRON en LTO Nederland lanceerden samen met VNO-NCW en MKB-Nederland in december al de campagne Zo werkt het niet!, waarmee ze duidelijk maken dat seizoensarbeid of het opvangen van pieken zich niet laten vangen in een vast contract. Het is daarom niet logisch en niet eerlijk om dat te bestraffen. Bovendien wordt niemand daar beter van. De werkgevers willen geen WAB die ervoor zorgt dat tijdelijke krachten hun baan kunnen verliezen of die tot prijsverhogingen leidt, zonder dat de mensen om wie het gaat daar zelf beter van worden. 

    Wetsvoorstel aanpassen

    De ondernemersorganisaties bepleiten een aanpassing van het wetsvoorstel. Dit kan bijvoorbeeld door het verschil tussen de hoge en de lage WW kleiner te maken en de definitie van vast en tijdelijk aan te passen, zodat minder contracten onder de hoge premie vallen. Voor bijbanen van scholieren en studenten en seizoenswerk zou een uitzondering op de hoge WW-premie en op de transitievergoeding vanaf dag 1 moeten gelden. 
    Die oproep doen VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland vandaag ook in een brief aan de Tweede Kamer (zie bijlage).

    *De enquête is ingevuld door circa 500 werkgevers in genoemde branches.

  • Georganiseerde beveiligingssector trapt 2019 gezamenlijk af!

    Georganiseerde beveiligingssector trapt 2019 gezamenlijk af!

    Georganiseerde beveiligingssector trapt 2019 gezamenlijk af!

    Den Haag, 10 januari 2019 – Op 10 januari 2019 heeft de Nederlandse Veiligheidsbranche de eerste gezamenlijke nieuwjaarsbijeenkomst samen met ASIS Benelux, Vereniging Beveiligingsprofessionals Nederland (VBN), VEB en VEBON-NOVB gehouden. De Kick-off Beveiliging & Veiligheid was met een kleine 400 gasten een druk bezocht en geslaagd netwerkevent. 

    Oud-staatssecretaris van Justitie, Fred Teeven, verwelkomde de gasten en inspirator Lucien Engelen nam de aanwezigen mee in hoe we nu naar de toekomst moeten kijken en meer gebruik moeten maken van mensen met een “Pippi Langkous”-houding: “dat heb ik nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het kan”. Cultuur in een organisatie en de wil om te veranderen, bepalen de mogelijkheden voor innovatie. Heeft de beveiligingssector in beeld welke nieuwe mogelijkheden er zijn en wie er uit de nieuwe wereld meekijkt naar de branche?

    Bekijk hier het filmverslag van de kicik-off!

    Klik hier om naar een heel leuk filmpje te gaan uit de presentatie van Lucien Engelen. 

  • Veiligheidsbranche in actie tegen boete op tijdelijk werk

    Veiligheidsbranche in actie tegen boete op tijdelijk werk

    Veiligheidsbranche in actie tegen boete op tijdelijk werk

    Den Haag, 11 december 2018 – ‘Zo werkt het niet’. Onder dat motto komen ondernemers uit een groot aantal branches vanaf vandaag in actie tegen maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) die tijdelijk werk duurder maken. Seizoensarbeid of het opvangen van pieken laat zich niet vangen in een vast contract, betogen zij. Een tijdelijk contract is hier geen keuze, maar inherent aan de aard van het werk. Het is dan ook niet logisch en niet eerlijk om dat te bestraffen. ‘Daar wordt ook niemand beter van’, aldus de ondernemers.

    Onderschrift

    Detailhandel, horeca, recreatie, ondernemers in groen, grond en infra, land- en tuinbouw en evenementenbeveiliging, samen overhandigden zij vanmiddag in Den Haag een manifest met hun zorgen aan de vaste Kamercommissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het is het startsein voor een social mediacampagne, waarmee zij duidelijk willen maken wat de gevolgen zijn als tijdelijk werk duurder en lastiger te organiseren wordt.

    Balans ver te zoeken

    Hoewel de WAB van minister Koolmees een aantal zaken op de arbeidsmarkt verbetert, is de balans ver te zoeken als het gaat om tijdelijk werk, vinden de ondernemers. Tijdelijk werk wordt duurder omdat daarvoor de hoge WW-premie gaat gelden en vanaf dag 1 transitievergoeding verschuldigd is. De mogelijkheid om oproepkrachten in te zetten wordt drastisch beperkt en daarmee onwerkbaar in de praktijk.

    In het gezamenlijke manifest vragen de ondernemers en hun organisaties de politiek om tijdelijk werk serieus te nemen en de WAB aan te passen: geen hoge WW-premie en transitievergoeding voor seizoenswerk, pieken en scholieren en studenten en behoud van flexibiliteit rond oproepcontracten.

    Zachtfruitteler Robert van de Meer heeft berekend dat de maatregelen in de WAB in zijn bedrijf leidt tot een kostenverhoging van dik 6 procent. “En dat alleen maar omdat ik nu eenmaal niet het jaar rond werk heb.” Campingeigenaar Willemieke de Waal gaat alleen aan WW-premie al 68.000 euro meer betalen voor de 220 tijdelijke krachten die zij in het kampeerseizoen aan het werk heeft. “Wij kunnen die mensen helaas niet het hele jaar aan de slag houden en daar heeft iedereen begrip voor. De WAB gaat dat niet veranderen. Wij worden als seizoenbedrijf onevenredig gestraft.”

    Oproepkracht wíl geen vast contract

    De 77 parttime- en oproepkrachten die supermarktondernemer Harold van Velzen in dienst heeft, willen niet elke week hetzelfde aantal uren draaien, zegt hij. “Scholieren en studenten willen meer werken in vakanties, terwijl de moeders die hier werken dan juist thuis willen zijn voor de kinderen. We hebben nu de vrijheid om dat goed te plannen en daar komen we altijd uit. De WAB wil met het ingrijpen in oproepcontracten een probleem oplossen dat niet bestaat.” Voor de 400 oproepkrachten van het evenementenbeveiligingsbedrijf van Geert Sijtzema is hun bijbaan een ‘betaalde hobby’. “Het zijn vooral mensen met een vaste baan, die het leuk vinden om dit er af en toe in het weekeinde bij te doen. Die wíllen niet eens een vast contract bij ons.”

    Geen extra vaste banen

    De ondernemers wijzen erop dat verhoging van de kosten en beperking van de mogelijkheden van tijdelijke arbeid niet één vaste baan méér zal opleveren. Waar het wel toe leidt, is dat dit soort werk onbetaalbaar dreigt te worden. ‘Wij willen geen WAB die ervoor zorgt dat onze tijdelijke krachten hun baan kunnen verliezen. Of die tot prijsverhogingen leidt, zonder dat onze medewerkers zelf daar nu zoveel beter van worden’, zeggen zij.

    Achtergronden

    De campagne Zo werkt het niet! is een initiatief van CUMELA Nederland, Detailhandel Nederland, Koninklijke INretail, Koninklijk Horeca Nederland, LTO Nederland, De Nederlandse Veiligheidsbranche, MKB-Nederland, RECRON en VNO-NCW. Zie de website https://www.zowerkthetniet.nl voor meer informatie en verhalen van de ondernemers zelf. 

  • Leden Nederlandse Veiligheidsbranche stemmen in met cao

    Leden Nederlandse Veiligheidsbranche stemmen in met cao

    Leden Nederlandse Veiligheidsbranche stemmen in met cao

    Gorinchem, 16 oktober 2018 – Op een goed bezochte extra Algemene Ledenvergadering hebben de leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche ingestemd met de cao Particuliere Beveiliging. Net als het bestuur van de Nederlandse Veiligheidsbranche zien ook de leden het bereikte akkoord als een trendbreuk met het verleden waarin bonden en werkgevers te vaak en te veel tegenover elkaar stonden in plaats van met elkaar de zaken aan te pakken. De Algemene Ledenvergadering heeft daarbij de voorwaarde gesteld dat de cao Algemeen Verbindend wordt verklaard.

    Al met al betekent dit – na de eerdere instemming van de achterbannen van vakbonden FNV en CNV met het akkoord – dat de cao er ook echt gaat komen. De leden van de Nederlandse Veiligheidsbranche realiseren zich dat er na vandaag nog veel moet gebeuren om tot duurzame vernieuwing te komen zodat het vak van beveiliger aantrekkelijk blijft en tegelijkertijd goed ingespeeld kan blijven worden op de wensen en vragen van onze klanten en de veranderingen in de markt.

    In de cao die voor vijf jaar geldt, staan afspraken over ontwikkeling van de lonen, de pensioenen, de roosters, de verhouding flex/vast, het terugbrengen van de arbeidstijd in 2023 en een groot aantal andere zaken. De Nederlandse Veiligheidsbranche is blij met de termijn van vijf jaar, omdat een langjarige cao zorgt voor zekerheid en voorspelbaarheid, niet alleen voor werknemers en werkgevers, maar voor onze klanten. Ook geeft een langjarige cao partijen de tijd en ruimte om het eens te worden over gecompliceerde vraagstukken rondom werkdruk, duurzame inzetbaarheid (gezond werken tot je oude dag) en technologische veranderingen.

    De nu definitieve cao heeft verder als voordeel dat de branche veel beter weet waar zij aan toe is bij nieuwe aanbestedingen. Tussen nu en 2023 zal maar liefst 80-90% van de contracten opnieuw worden aanbesteed. Een nieuwe cao geeft de branche rust en vertrouwen, en daarmee de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen en te professionaliseren. Dat is goed voor werknemers en werkgevers, maar ook voor onze opdrachtgevers die hierdoor meer bereid zullen zijn om een faire prijs voor beveiliging te betalen. Als deze cao een ding nog eens duidelijk maakt is dat concurrentie op prijs moet veranderen in concurrentie op een combinatie van kwaliteit, toegevoegde waarde en prijs.